Exclusief toegankelijk Registreer voor toegang tot Zorgvisie.nl Lees meer

Van Rijn: huishoudelijke hulp valt onder Wmo

Gemeenten kunnen niet op basis van de Wmo 2015 bepaalde typen van ondersteuning, zoals huishoudelijke hulp, op voorhand uitsluiten. Dat schrijft staatssecretaris Martin van Rijn van VWS aan de Tweede Kamer.
RijnMartinvan300vws.jpg

Verschillende rechterlijke uitspraken over conflicten tussen gemeenten en burgers hebben tot verwarring geleid onder gemeenten. Hoort hulp bij het huishouden nu wel of niet thuis in de Wmo 2015? Volgens de rechtbank van Arnhem wel, volgens de rechtbank Zeeland-West-Brabant niet. Van Rijn legt in een brief aan de Tweede Kamer uit wat de bedoeling is van de Wmo 2015.

Rechtbank Arnhem fluit Lochem terug
De rechtbank in Arnhem floot de gemeente Lochem in december terug in een zaak die was aangespannen door een cliënt die vijf uur huishoudelijke hulp kwijtraakte. Lochem had beargumenteerd dat huishoudelijke hulp niet langer een maatwerkvoorziening is in de Wmo 2015 en dat deze cliënt daarom geen recht meer had op de vijf uur huishoudelijke hulp. Maar volgens de rechtbank van Arnhem mogen gemeenten dat argument niet gebruiken, omdat huishoudelijke hulp wel degelijk onder de Wmo 2015 valt. De rechtbank Zeeland-West-Brabant had echter geconcludeerd dat de gemeente Oosterhout met het uitsluiten van huishoudelijke hulp in overeenstemming met de Wmo 2015 heeft gehandeld.

Van Rijn: huishoudelijke hulp niet schrappen
De Wmo 2015 is niet bedoeld om huishoudelijke hulp zo maar te schrappen als voorziening. Daarover laat Van Rijn in zijn brief geen misverstand bestaan: ‘Met de Wmo 2015 is niet bedoeld om bepaalde typen van ondersteuning op voorhand uit te sluiten. Over de aan de wet ten grondslag liggende bedoeling hoeft dan ook geen misverstand te bestaan.’

Maatwerk en individueel onderzoek
Van Rijn legt in de brief uit dat het bij de Wmo 2015 draait om maatwerk en individueel onderzoek. De Wmo 2015 verplicht gemeenten om mensen met een hulpvraag te ondersteunen in hun zelfredzaamheid. Gemeenten moeten in de eerste plaats zorgvuldig onderzoeken wat de hulpvraag precies is. Als zorgvragers de hulpvraag niet zelf kunnen regelen, moeten ze maatwerk bieden bij een oplossing. De Wmo 2015 geeft gemeenten de vrijheid om dit te regelen via een algemene voorziening, dan wel een maatwerkvoorziening. Van Rijn schrijft dat bij de formulering in de wet ‘rekening is gehouden met de bredere reikwijdte van de gemeentelijke taak in de Wmo 2015 en meer nadruk is gelegd op de integraliteit van de ondersteuning’. Verder schrijft hij dat de resultaatsverplichting in de Wmo 2015 niet wezenlijk anders is dan de compensatieplicht in de Wmo 2007.

Ieder(in): gemeenten moeten huishoudelijke hulp regelen
‘Het is een belangrijk signaal van Van Rijn. Hij neemt de verwarring over de rechtszaken weg en legt uit wat de bedoeling is van de Wmo 2015’, zegt Ilya Soffer, directeur van cliëntenorganisatie Ieder(in). ‘Als cliënten huishoudelijke hulp nodig hebben, dan moeten gemeenten daar gewoon voor zorgen. Net zoals de rechtbank in Arnhem dat al had gezegd.’

Hoger beroep in Wmo
Op 23 maart heeft de Centrale Raad van Beroep een zitting over deze kwestie. De zaak van de gemeente Lochem zal daarbij niet ter sprake komen, want Lochem heeft afgezien van hoger beroep. Het is nog niet bekend wanneer de Centrale Raad van Beroep uitspraak doet. Mocht deze tot een andere uitleg van de wet komen dan Van Rijn bedoelt, dan zal hij snel met een zienswijze en mogelijke vervolgacties komen, schrijft Van Rijn.

Of registreer u om te kunnen reageren.

Zorgvisie is een uitgave van Bohn Stafleu van Loghum, onderdeel van Springer Media B.V.
Voorwaarden