Exclusief toegankelijk Registreer voor toegang tot Zorgvisie.nl Lees meer

Inconsequente kabinetskeuze voor ouderenzorg

Het beleid dat het nieuwe kabinet heeft uitgestippeld voor de ouderenzorg vertoont een opmerkelijke tegenstrijdigheid. Iets wat de sector kan gaan opbreken en tot veel teleurstellingen gaat leiden. Zeker bij hen die blij waren met het nieuws dat de ouderenzorg er – in weerwil van het politieke tij van bezuinigen – zomaar een miljard bij krijgt. Een pijnlijk verschil tussen woorden en daden.
Inconsequente kabinetskeuze voor ouderenzorg

Wat is er aan de hand? Als het gaat om de woorden dan kiest het nieuwe kabinet voor het ontzorgen van de ouderenzorg: zo lang mogelijk thuis blijven wonen is het devies. Het achterliggende ideologische appèl is 'behoud van regie over je eigen leven en dat kan het beste in een thuissituatie'. In het verlengde hiervan wordt de lang verwachte stap gezet om een voorziening af te schaffen die we allemaal kennen onder de naam 'verzorgingshuizen'. Het kabinet kiest daarmee voor het zogenoemde scheiden van wonen en zorg: verzorgingshuisplaatsen zitten straks niet meer in het AWBZ-pakket, alleen nog de zorg die men van de verpleegkundige of verzorgende ontvangt wordt grotendeels door de AWBZ vergoed. Echter, voor de woning moet men zelf betalen en eventueel een huurtoeslag aanvragen als men daarvoor in aanmerking komt. In principe is dan alleen nog de verpleeghuiszorg een integrale woon/zorgvoorziening in de AWBZ. Het beleid van het nieuwe kabinet is er dus op gericht om minder mensen in de relatief dure intramurale zorg te hebben en (zorgbehoeftige) ouderen zo lang mogelijk in de thuissituatie te laten wonen.
Om inzicht te krijgen in de gevolgen van dit beleid is het van belang vast te stellen dat de afgelopen jaren gemiddeld 9 procent van de 65-plussers in de ouderenzorg gebruik hebben gemaakt van verpleeghuizen, 14 procent van verzorgingshuizen en 77 procent van thuiszorg. (bron: Gezondheid en zorg in cijfers 2009, CBS, CAK-BZ)

Tot zover de woorden, nu de daden. Als het kabinet zo nadrukkelijk kiest voor een verschuiving in de voorzieningen, dan zal de geldstroom wel meeschuiven, zo mag je verwachten. Of in ieder geval gekoppeld worden aan de ontwikkeling van zorg in de thuissituatie. Dit is echter niet het geval. De uitbreiding van het budget – wat overigens bij nadere lezing voor de ouderenzorg maar circa 500 miljoen blijkt te zijn – gaat niet naar de zorg in de thuissituatie maar nagenoeg in z’n geheel naar het verhogen van de tarieven voor intramurale zorg, waaronder dus de exploitatie van verzorgingshuizen.
Het krachtiger maken van de zorg thuis als basisvoorziening komt in het regeerakkord alleen voor onder de noemer ‘invoeren buurtzorg’. Op zichzelf een charmante gedachte als het gaat om meer dan alleen het invoeren van een bedrijfsconcept. Wie de exploitatiecijfers van de intramurale en extramurale ouderenzorg in Nederland vergelijkt, zal er echter snel achterkomen dat de intramurale zorg er gelukkig nog steeds goed in slaagt om het hoofd boven water te houden. De zorg in de thuissituatie daarentegen heeft al vele jaren te maken met het periodiek kaasschaven door zorgkantoren en een diepgeworteld wantrouwen van politiek en verzekeraars waar het de efficiency betreft.
Een goed voorbeeld hiervan is dat voor 2011 wederom een diep ingrijpende bezuiniging in de thuiszorg is doorgevoerd, voor de kenners het afschaffen van de zogenaamde ‘bonusmalus’-regeling op het gebied van verzorging. Instellingen die de afgelopen jaren adequate zorg hebben verleend in minder uren worden hierdoor gestrafd en hebben te kampen met grote financiële nadelen. Een volstrekt onbegrijpelijke en onlogische reactie in het verlengde van het destijds ingezette proces van verbeteren van de efficiency in de thuiszorg.

Het kabinet kiest in de ouderzorg voor langer thuis wonen maar sluist meer geld naar de intramurale zorg. Dit is een storende beleidsfout, die nu nog kan worden voorkomen. Besteed de uitbreiding van het budget voor de ouderenzorg aan het verder ontwikkelen van de verzorging en verpleging in een thuissituatie in combinatie met het verhogen van de tarieven voor de verpleeghuiszorg. Geef thuiszorgorganisaties de mogelijkheid om hun expertise op het gebied van zorg thuis over te dragen aan instellingen met verzorgingshuizen. Wij roepen kabinet en (coalitie)partijen om zich te herbezinnen op de nu gemaakte keuzen voordat het te laat is.

Eric Hisgen en Jeroen van den Oever, bestuurders van Thuiszorg Rotterdam respectievelijk Vierstroom in Gouda

Foto

  • Eric Hisgen, Thuiszorg Rotterdam

    Eric Hisgen, Thuiszorg Rotterdam

Of registreer u om te kunnen reageren.

Zorgvisie is een uitgave van Bohn Stafleu van Loghum, onderdeel van Springer Media B.V.
Voorwaarden