Exclusief toegankelijk Registreer voor toegang tot Zorgvisie.nl Lees meer

Intern vliegwiel sneller beter raakt op toeren

Het Sneller Beter-programma raakt op stoom. Dat concludeert onderzoeksbureau NIVEL. Realiseerden de eerste acht Sneller Beter-ziekenhuizen in het eerste jaar van deelname honderd doorbraakprojecten, in het tweede jaar waren dat er driehonderd.

Daarmee weet het Sneller Beter-programma de door de initiatiefnemers beoogde opschaling te bereiken. In hoeverre het programma bijdraagt aan daadwerkelijke, duurzame verbetering van de patiëntveiligheid en logistiek laten de onderzoekers in het midden. In het rapport “Evaluatie Sneller Beter pijler 3: het interne vliegwiel” richten ze zich vooral op de vraag hoe de projecten binnen de deelnemende ziekenhuizen verspreid en geborgd worden. Die vraag wordt beantwoord aan de hand van interviews met direct betrokkenen als projectleiders en programmacoördinatoren.

OK-projecten verlopen moeizaam

Als voornaamste randvoorwaarde noemen ze de steun op de werkvloer van met name artsen en verpleegkundigen. In concreto betekent dit dat doorbraakprojecten vooral succes hebben wanneer ze geen grote extra arbeidsbelasting vergen en duidelijk zichtbare resultaten hebben. Ook mogen ze niet indruisen tegen de belangen van betrokkenen. Dit verklaart bijvoorbeeld waarom de aanpak van wachtlijsten wel scoort en verbetertrajecten rond de OK moeizaam van de grond komen. Het eerste stelt de arts in staat meer te produceren, het tweede raakt aan zijn professionele autonomie. Essentieel is het leiderschap en de ondersteuning van de raad van bestuur. Die factoren bepalen of een project kan doorgroeien tot een organisatiebrede werkwijze.

Paradoxale informatie

Gevraagd naar de meest succesvolle projecten noemen de geïnterviewden met name initiatieven op het gebied van het terugdringen van wachtlijsten, doorligwonden en medicatieveiligheid. Het minst scoren projecten op het terrein van procesherinrichting en postoperatieve wondinfecties.
Een meer inhoudelijke weging van de verbeterprojecten is lastig, aangezien er over projecten die als minder succesvol worden ervaren ook minder informatie voorhanden is. Vragenlijsten die bedoeld waren om de projecten te evalueren werden bij succesvolle projecten grif ingevuld, maar veel minder bij niet succesvolle projecten. “De paradox is dat er vooral gegevens voorhanden zijn over de meest succesvolle projecten”, constateren de onderzoekers. “Terwijl de belangrijkste lessen juist kunnen worden getrokken uit de minst succesvolle projecten.”

Administrator

Gerelateerde tags

Of registreer u om te kunnen reageren.

Zorgvisie is een uitgave van Bohn Stafleu van Loghum, onderdeel van Springer Media B.V.
Voorwaarden