Exclusief toegankelijk Registreer voor toegang tot Zorgvisie.nl Lees meer

Roel Verheul: blijf DSM-4 gebruiken

Hoogleraar Roel Verheul vindt dat Nederland de DSM-4 moet blijven gebruiken voor de diagnose van persoonlijkheidsstoornissen als het ontwerp voor de DSM-5 niet wordt aangepast. Hij vindt het ontwerp te complex en slecht voor patiënten.
Roel Verheul: blijf DSM-4 gebruiken

Verheul, bijzonder hoogleraar persoonlijkheidsstoornissen, is vorige week uit de internationale werkgroep persoonlijkheidsstoornissen gestapt van de DSM-5. Hij zat daarin sinds 2008. Het doel was een nieuwe eenvoudigere systematiek waarmee psychiaters en psychologen betere diagnoses kunnen stellen. Maar van dat doel is in de ogen van Verheul, die ook bestuursvoorzitter is van het landelijke centrum voor persoonlijkheidsstoornissen De Viersprong, niet veel terechtgekomen. Het ontwerp dat eind 2011 werd gepresenteerd is juist veel ingewikkelder dan de DSM-4.

Compleet nieuwe methode

De werkgroep heeft een compleet nieuwe manier ontworpen om persoonlijkheidsstoornissen te diagnostiseren. Alle bestaande criteria zijn verworpen. In plaats daarvan komt de werkgroep met een grote hoeveelheid volledig nieuwe criteria, niveaus en kenmerken. De combinatie daarvan kan leiden tot een diagnose. Dat is volgens Verheul veel te ingewikkeld en te tijdrovend. Hij vreest dat dit in de praktijk een veel te hoge drempel opwerpt voor behandelaars, waardoor patiënten een goede diagnose mislopen.

Behoud DSM-4

Hij vindt het bovendien onverantwoord als niet eerst is onderzocht of het nieuwe systeem beter is voor patiënten. Verheul adviseert om de DSM-4 in de huidige vorm te behouden en in de appendix een sterk vereenvoudigde dimensionale classificatie op te nemen. ‘Hierbij kan gedacht worden aan een systeem met maximaal zes persoonlijkheidskenmerken, zoals de mate van emotionele stabiliteit, introversie en impulsiviteit, waarbij met afkappunten kan worden aangegeven vanaf welk niveau sprake is van een stoornis. In de komende decennia kan dan wetenschappelijk worden nagegaan of deze vereenvoudigde systematiek resulteert in meer betrouwbare en valide diagnoses.’

Amerikanen luisteren niet naar krtitiek

Verheul en zijn Canadese collega John Livesley, die ook is opgestapt, hebben hun kritiek talloze malen geuit, maar vonden geen gehoor bij de andere werkgroepleden, allemaal Amerikanen. De maat was voor hen vol toen een groep van 29 vooraanstaande wetenschappers op het gebied van persoonlijkheidsstoornissen in een open brief de vloer heeft aangeveegd met het ontwerp. Tot ontzetting van Verheul en Livesley heeft de werkgroep niets gedaan met die kritiek. Verheul noemt de werkwijze in de werkgroep ‘ondoorzichtig en ondemocratisch’. ‘De Amerikaanse voorzitter luistert niet naar kritiek en bepaalt gewoon wat er gebeurt. Hij heeft zich ingegraven in zijn eigen gelijk. Livesley en ik denken dat we nu buiten de werkgroep meer invloed kunnen uitoefenen om het ontwerp aan te passen.’

Blijf DSM-4 gebruiken

Maar wat als de werkgroep haar zin doordrijft? Verheul kan zich niet voorstellen dat de werkgroep de kritiek van experts blijft negeren. Met zijn ontslag wil hij een duidelijk signaal afgeven. Mocht de werkgroep het ontwerp toch handhaven, dan moet Nederland wat Verheul betreft de DSM-4 blijven gebruiken voor de persoonlijkheidsstoornissen. ‘Je moet geen oude schoenen weggooien voordat je goede nieuwe hebt gekocht.’ (Zorgvisie – Bart Kiers)

Lees meer:

webolgs van Roel Verheul
Van bedden naar stoelen

Gerelateerde tags

Eén reactie

  • no-profile-image

    Martijn

    Die verandering in de DSM-5 lijkt helemaal niet wetenschappelijk te zijn. Volgens mij is het probleem dat de eerste DSM al niet op wetenschap was gebaseerd maar op een stemronde van psychiaters van welke stoornissen erin moesten komen. Hoop dat de verzekeraars hieruit hun les trekken.

Of registreer u om te kunnen reageren.

Zorgvisie is een uitgave van Bohn Stafleu van Loghum, onderdeel van Springer Media B.V.
Voorwaarden