Exclusief toegankelijk Registreer voor toegang tot Zorgvisie.nl Lees meer

Wethouders worstelen met de WMO;

De aanbesteding van de huishoudelijke zorg leidt plaatselijk tot grote opwinding.
Wethouders worstelen met de WMO;

Zoals in Haarlem en Enschede, waar grote lokale aanbieders buiten de boot vallen. Linkse wethouders geven daar vorm aan de marktwerking. “De thuiszorg kan twintig procent goedkoper.”

Honderden mensen die protesteren voor het stadhuis tegen het gemeentelijke beleid. Burgers die in onzekerheid verkeren of ze wel thuiszorg hebben op 1 januari, als de Wet maatschappelijke ondersteuning (WMO) van kracht wordt. De invoering van de WMO zorgt in Haarlem voor veel onrust. De grootste regionale thuiszorgaanbieder Zorgbalans viel buiten de boot en ook kleinere regionale partijen stonden met lege handen. Zorgorganisaties buiten de regio kregen wel een gunning.

Gevolg: grote deining. Pikant detail: uitgerekend een SP-wethouder is verantwoordelijk voor de gevolgen van de marktwerking waar de landelijke partij zo fel tegen ageert. In het hele land ondersteunt de SP de protestmanifestaties van de vakbonden, maar in Haarlem was de partij opvallend afwezig.

Heeft de wethouder zich wel gerealiseerd hoe ingrijpend de effecten van het aanbesteden zijn, vraagt Olga Landstra zich af. Ze is bestuurder van de Zorggroep Reinalda, die buiten de prijzen viel. “Het gaat niet om het aanbesteden van asfalt. De relatie klant-werknemer is heel precair. Het gaat vaak om oude alleenstaande mensen die zich afhankelijk voelen van hulp. Hun vaste zorgverlener is hun vertrouwenspersoon. Het verlies daarvan is heel ingrijpend. De gemeente had dit veel zorgvuldiger moeten regelen.”

Maar SP-wethouder Hilde van der Molen stelt dat ze juist heel begaan is met het lot van werknemers en burgers. De uitslag was voor haar dan ook even schrikken, want ze realiseerde zich direct de problematische gevolgen. “Natuurlijk hebben we er niet op aangestuurd om Zorgbalans buiten de deur te houden. Maar een aanbesteding is een kil proces. Je krijgt de stukken binnen, je gaat punten tellen en dan is er een uitslag. Daar kun je niet meer in sturen.”

Van der Molen wijst erop dat de WMO rijksbeleid is. “Dat moeten we gewoon uitvoeren. Ik vind dat de zorg zich niet leent voor marktwerking. Maar als SP-wethouder moet je compromissen sluiten.”

Toch zijn de verwijten aan het adres van de gemeente niet mals. Noorman vindt dat de gemeente door haar manier van aanbesteden bewust het risico genomen heeft dat de lokale partijen buitenspel staan. In zijn ogen heeft de gemeente veel te sterk ingezet op prijs. De prijs telde in de puntentelling bij de aanbesteding maar voor dertig procent mee, maar gaf toch de doorslag doordat de zorgaanbieders elkaar nauwelijks ontliepen in kwaliteit.

De gemeente Haarlem benadrukt dat kwaliteit juist heel belangrijk was. Daardoor vielen schoonmaakbedrijven bij de voorselectie af. Er bleven alleen maar zorgorganisaties over die kwalitatief niet veel voor elkaar onderdeden, vertelt Ton de Wit van het adviesbureau B&A dat in opdracht van Haarlem de invoering van de WMO uitvoert. “Ja, dan geeft de prijs uiteindelijk de doorslag. De verliezende partijen waren gewoon te duur. Dan zouden we jaarlijks drie tot vier miljoen duurder uit zijn op een begroting van twaalf miljoen euro.”

Bovendien heeft Haarlem de zorgorganisaties niet het mes op de keel gezet, stelt De Wit. “De prijs in Haarlem voor schoonmaken met zorg is 22 euro. Dat is in andere gemeenten aanzienlijk lager.”

Landstra vindt dat de gemeente onzorgvuldig is geweest. “Aanvankelijk stelde Haarlem de eis dat zorgverleners een diploma thuishulp moesten hebben, maar op 6 september kregen zorgaanbieders te horen dat het ook met alfahulpen mocht. Op 12 september moest alles ingeleverd zijn. Organisaties hadden drie werkdagen om hun offerte aan te passen. Waarom zo snel?” Maar De Wit stelt dat er helemaal geen koerswijziging is geweest. Volgens hem hadden de zorgorganisaties het bestek niet goed begrepen. Daarin komt het woord alfahulpen helemaal niet voor. De gemeente stelt als eis dat vijftig procent van de zorgverleners een diploma heeft. “Of dat nu alfahulpen zijn of niet.” Wat de gemeente niet wil, is dat alfahulpen hun rekening naar de gemeente zouden sturen. Dat moet de zorgorganisatie coördineren. Ook moet de zorginstelling garant kunnen staan voor de kwaliteit die de alfahulpen leveren. Maar volgens Frans Smit, bestuurder van Zorgbalans, ontstaat er dan feitelijk een werkgevers-werknemersverhouding, waardoor het uurloon zes euro hoger wordt.

Zorgbalans, Reinalda en Kennemer Ster hebben de gemeente Haarlem zelfs voor de rechter gesleept. Ze betoogden dat de inzet van alfahulpen niet verenigbaar was met het programma van eisen. Verder vonden ze de weging van kwaliteit onduidelijk en de inschrijvingstermijn te kort. Maar de rechter veegde hun bezwaren van tafel en gaf de gemeente op alle onderdelen gelijk.

Toch kan de wethouder, gezien de maatschappelijke onrust, moeilijk met tevredenheid terugzien op de invoering van de WMO. Wat zou ze nu anders doen? “Toen ik wethouder werd in april, ben ik in een rijdende trein gestapt. Ik zou graag meer tijd nemen om het plan van eisen in de gemeenteraad te bespreken.” Maar waarom heeft ze dat niet alsnog gedaan? Haar partijgenoot Hans-Martin Donner, SP-wethouder in Eindhoven, gebruikt heel 2007 voor een inhoudelijke discussie. Eindhoven kiest voor het Zeeuwse model: de gemeente stelt een prijs vast en alle zorgorganisaties mogen vervolgens inschrijven en concurreren op kwaliteit. Het Zeeuwse model heeft grote voordelen. Er staan geen zorgorganisaties buitenspel en burgers hebben volledige keuzevrijheid.

Haarlem koos niet voor deze aanpak, omdat er twijfels waren of deze manier van aanbesteden wel strookt met de Europese aanbestedingsregels, aldus De Wit van B&A. Daarnaast wijst hij op het nadeel om 2007 als overgangsjaar te gebruiken. Gemeenten moeten dan een deel van het jaar zorgkantoor spelen volgens de AWBZ-regels. En ergens in het jaar moeten ze overstappen op het WMO-regime volgens de gemeentelijke regels.

Denkt de wethouder dat alles nog wel op tijd goed komt in Haarlem? 1 januari is kort dag. “Ik heb er vertrouwen in”, antwoordt Van der Molen. “We doen onze uiterste best de gevolgen voor werknemers en cliënten te beperken. De winnaars hebben zwart op wit toegezegd dat ze werknemers van de verliezers overnemen en de CAO Thuiszorg toepassen. Met het UWV hebben we geregeld dat werkloze werknemers niet hoeven te solliciteren de eerste maanden.”

In Twente zijn de gevolgen nog groter dan in Haarlem. Zorgaanbieder Carint/Reggeland verloor in belangrijke delen van haar eigen werkgebied. De banen van zo’n 1100 werknemers zijn in het geding. Wethouders in Oldenzaal en Borne werden geconfronteerd met protesten van thuiszorgwerkers. Daarbij vergeleken valt de onrust mee in Enschede, doordat de grootste aanbieder Livio er won. Toch is de Enschedese PvdA-wethouder Ed Wallinga de man om mee te praten, want hij leidde de aanbesteding van de huishoudelijke verzorging voor veertien Twentse gemeenten.

Enschede is volgens staatssecretaris Ross een van de beste jongetjes van de klas op WMO-gebied. De gemeente doet mee aan de WMO-pilots voor vernieuwende zorgconcepten. “We zijn een pro-actieve gemeente”, vertelt Wallinga trots. “We zien de WMO als een schakel in de lijn van wonen, welzijn en zorg. Het centrale thema is de participatie van burgers. We willen zorginstellingen en bewoners meer met elkaar laten doen.”

Voor Enschede is de WMO dus veel meer dan het “technisch in de markt zetten” van alleen huishoudelijke zorg, vervolgt Wallinga. “De vertakking naar andere beleidsterreinen is van enorm belang. Het gaat om het brede gemeentelijke welzijns- en gezondheidsbeleid.”

Toch leeft er onvrede onder zorgbestuurders over de manier waarop Enschede de aanbesteding heeft georganiseerd. Zo vindt de kleinste winnaar, thuiszorgaanbieder Manna, dat de realiteit heel anders is dan het beeld dat Enschede vooraf schilderde. “De gemeente zou de tijd nemen om de zorg dichter bij de burger te brengen”, zegt Manna-bestuurder Wesselien de Jong. “Maar in de praktijk wordt het hele traject er in drie maanden doorgejaagd, met zware consequenties voor verliezers en winnaars. Het leidt tot grote verschuivingen op de arbeidsmarkt. Wij moeten in korte tijd veel nieuwe werknemers overnemen. Mensen die niet hebben gekozen voor deze overgang. Dat grijpt diep in op de bedrijfsvoering van een kleine organisatie.”

Ook heeft de gemeente in haar ogen niet goed geluisterd naar de gemeenteraad. “De ChristenUnie heeft tevergeefs gepleit voor het Zeeuwse model. De gemeente wist niet eens wat dat was”, aldus De Jong.

Ook heeft de gemeente in haar ogen niet goed geluisterd naar de gemeenteraad. “De ChristenUnie heeft tevergeefs gepleit voor het Zeeuwse model. De gemeente wist niet eens wat dat was”, aldus De Jong.

Wallinga ziet de Zeeuwse aanpak slechts als een overgangsmodel. “Ook die gemeenten zullen de marktwerking handen en voeten moeten geven. De weging van de biedingen is inherent aan marktwerking. Straks, als ze hun portemonnee passend moeten maken, kunnen ze niet meer zo ruimhartig zijn. Dan moeten ze wat gaan doen in de weging prijs-kwaliteit.”

De verliezers zijn volgens Wallinga afgevallen op basis van inhoudelijke eisen. Maar winnares De Jong betwijfelt dat. “Ik ben ervan overtuigd dat de andere aanbieders qua kwaliteit gelijkwaardig zijn.” Ook de grote verliezer Carint – die ook in Enschede verloor – denkt dat het niet aan kwaliteit kan liggen. “In de landelijke benchmark halen we A-scores voor kwaliteit”, stelt bestuurder Ton Swagerman. Hij vindt de aanbesteding een papieren exercitie die niets zegt over hoe de kwaliteit van de zorg in de praktijk is.

Maar Wallinga kaatst de bal terug. Hij constateert dat er grote verschillen zitten in de kwaliteit van de offertes. “Bij een aanbesteding moet je laten zien dat je het kunt. We kunnen als gemeente niet afgaan op de blauwe ogen van de bestuurder, maar op de manier waarop de offerte is beschreven.”

Carint heeft de offertes dus niet goed ingevuld. Maar zijn de gevolgen dan niet erg zwaar? Werk dat jarenlang is opgebouwd, wordt in één klap weggevaagd. Maar Wallinga vindt dat goede bestuurders dit hadden moeten zien aankomen. “Het is een kwestie van goed voorbereiden.”

Wethouder Wallinga is niet verrast door deze geluiden, want het gemeentelijke tarief ligt twintig procent onder de AWBZ-prijs. “Wij menen oprecht dat het kan voor onze prijs.” De gemeente heeft de kostenstructuur van de thuiszorginstellingen onder de loep genomen en geconstateerd dat de overhead op schoonmaak met zorg veel te hoog is. “Soms zelfs vijftig tot zeventig procent! Daar zit dus rek in. Partijen die onze prijs te laag vinden, die offreren niet. En als ze dat desondanks wel doen, moeten ze intern orde op zaken stellen.”

De wethouder zegt dat de gemeente wel scherp op de prijs moet letten, omdat er anders een begrotingstekort dreigt. “Als de WMO overgaat met het huidige voorzieningenniveau, komen we jaarlijks drie tot vier miljoen euro tekort.”

Om de kosten te beteugelen zal de gemeente ook scherp gaan indiceren, kondigt hij aan. Hij is ervan overtuigd dat in veel gevallen eenvoudige schoonmaak, zonder zorg, toereikend is voor de zorgvraag.

De maatschappelijke onrust valt gemeenten niet te verwijten, vindt Livio-bestuurder Arnoldy. Die was alleen te voorkomen geweest door het principe ‘arbeid volgt werk’ op te nemen in de WMO. In de aanbesteding van het openbaar vervoer geldt dat principe wel. Daar moeten de winnaars van de aanbestedingen de werknemers van de verliezers overnemen met behoud van hun arbeidsvoorwaarden. “We hebben de vaste Kamercommissie van VWS deze zomer gewaarschuwd”, zegt Arnoldy. “Ook hebben we aan de bel getrokken bij de vakbonden. Tevergeefs. Nu zijn ze te laat. Ze hebben zitten slapen.” Ross heeft het principe ‘arbeid volgt werk’ bewust niet wettelijk geregeld. Ze wilde dat overlaten aan de sociale partners en het krachtenveld binnen gemeenten. Ook in de Tweede Kamer was er geen meerderheid voor te vinden. Gemeenten en zorgorganisaties – en natuurlijk cliënten en werknemers – zitten met de gebakken peren.

WINNAARS EN VERLIEZERS IN HAARLEM

Winnaars: ViVa Zorggroep, St. Thuiszorg Van Gool, Take Good Care Thuiszorg, CCC Zorg, Valent en Amstelring.

Verliezers: Zorgbalans, Zorggroep Reinalda en Kennemer Ster

VIVA ZORGGROEP : ‘WE PAKKEN DE KOSTPRIJS AAN’

Kengetallen: 85 miljoen euro omzet, 3300 werknemers, 5000 klanten De strategie van ViVa is helder. Winnen in het eigen werkgebied en het dreigende verlies aan omzet daar compenseren met inkomsten uit andere gebieden. De strategie is succesvol uitgevoerd. ViVa verkreeg gunningen in het eigen werkgebied, Haarlem en omstreken en in regio’s in Noord-Holland waar Evean werkt (Castricum, Alkmaar, West-Friesland en de Zaanstreek). Het geheim van het succes is “een goede prijs-kwaliteitverhouding”, aldus ViVa-bestuurder Lucien van Ruth. Gaat ViVa net als andere winnaars verlies draaien op de huishoudelijke verzorging? “De marktprijs ligt onder de huidige kostprijs, dus we gaan inkomsten missen”, zegt Van Ruth. “We gaan de kostprijs aanpakken door de overhead omlaag te brengen. Als het volume omhoog gaat, krijgen we weer meer inkomsten.”

ViVa probeert met de verliezende partijen in de regio’s een akkoord te sluiten over overname van klanten en personeel, met behoud van arbeidsvoorwaarden. In gebieden waar dat niet lukt – bijvoorbeeld West-Friesland – gaat ViVa een eigen organisatie opzetten.

Ook voor een winnaar als ViVa blijft het spannend, stelt Van Ruth, want organisaties hebben niet een gegarandeerde omzet gekregen van de gemeente. “Het is uiteindelijk de keuze van klanten die bepaalt hoe groot de omzet wordt.”

ZORGBALANS: BESTUURLIJKE CRISIS

Grootste verliezer in Haarlem

Kengetallen: 72 miljoen euro omzet, 2220 werknemers, 5000 klanten.

Zorgbalans is tot nu toe de dominante thuiszorgaanbieder in haar traditionele werkgebied Haarlem en omstreken. Het WMO-verlies in Haarlem heeft Zorgbalans in een bestuurlijke crisis gedompeld. De raad van toezicht stapt op. Bestuurder Ad van de Nes treedt terug zodra er een nieuwe raad van toezicht is.

Zorgbalans verloor de aanbesteding doordat de offerte duurder was dan van andere partijen. Volgens de zorgorganisatie is maar een beperkt deel van de cliënten geschikt voor een relatie met een alfahulp. Zorgbalans waarschuwde de gemeente Haarlem en andere gemeenten in Zuid-Kennemerland in een brandbrief dat ze op een ramp afstevenen. “De winnende organisaties kunnen onmogelijk de huishoudelijke verzorging regelen met alfahulpen”, zegt Frans Smit, lid raad van bestuur. “Daarvoor zijn 350.000 uren per jaar nodig. Wij zijn de enige organisatie die hier nu met alfahulpen werken. Meer dan 70.000 uur kun je niet vinden in deze regio.”

Zorgbalans spant zich in om de gevolgen voor werknemers en cliënten te beperken. Een deel van de 500 werknemers stapt per 1 januari over naar de ViVa Zorggroep, die wel een WMO-gunning kreeg van Haarlem. De 3300 klanten van Zorgbalans kunnen zo hun vertrouwde zorgverlener behouden.

Ook hoeven er geen gedwongen ontslagen te vallen. Zorgbalans kan het personeel goed gebruiken, want de organisatie kan wel buiten het eigen werkgebied aan het werk voor de WMO. De organisatie won in Amstelveen, Haarlemmermeer, Ouder-Amstel, Uithoorn en Aalsmeer.

LIVIO : ‘WE GAAN DE VLAG PLANTEN’

Grootste winnaar in Twente

Kengetallen: 100 miljoen euro omzet, 4000 werknemers, 20.000 klanten

Livio heeft in alle Twentse gemeenten en in twee gemeenten in de Achterhoek een gunning gekregen. Het succes is relatief, vindt Livio-bestuurder Hans Arnoldy. “In Enschede gaan we omzet verliezen. Daar hadden we tachtig procent van de markt in handen en we krijgen concurrentie van nieuwe partijen, zoals Thuiszorg Noord West Twente uit Almelo.”

Om het verlies aan marktaandeel te compenseren, moest de organisatie wel meedoen buiten het eigen werkgebied. De missie is aangepast. “We wilden altijd de beste van Enschede zijn. Nu willen we de beste zijn van Twente en de Achterhoek. We gaan onze vlag planten in nieuwe gebieden. We gaan daar vestigingen starten en werknemers zoeken. Nu al worden we plat gebeld door werknemers van de verliezende organisaties.”

De introductie van de WMO vraagt veel van zorginstellingen, vindt Arnoldy. Bij Livio is een team van vijf mensen er vanaf september fulltime mee bezig. Kosten: zeker 25.000 euro. “Gemeenten hadden heel veel vragen en alles moest in drievoud worden ingeleverd. We hebben een verhuiswagentje gehuurd om veertien verhuisdozen met offertes rond te brengen.”

Groot nadeel van de WMO vindt Arnoldy dat partijen tegen elkaar worden uitgespeeld. “De ketenzorg brokkelt af waar je bij staat. Collega’s willen niet meer samenwerken, best practices delen, knowhow uitwisselen. Wij werken al jaren samen met een woonzorgcentrum in Enschede. Die samenwerking is uit elkaar gespat.”

Winnaars en verliezers in Twente
Winnaars: Livio, Thuiszorg Noord West Twente, Thuiszorgservice Nederland, Zorggroep Manna, Stichting De Posten

Verliezers: Carint/Reggeland, Meulenbergzorg, VTT, Caro Care en Attent

CARINT : ‘HET ROEPT VEEL EMOTIES OP’

Kengetallen: 153 miljoen euro omzet, 6759 werknemers

Carint/Reggeland verloor in zeven van de veertien gemeenten en raakt de helft van de huishoudelijke verzorging kwijt. Het verlies kwam hard aan. “Het roept veel emoties op. We hebben veel geïnvesteerd in lokale netwerken en dat gaat in één klap verloren”, zegt bestuurder Ton Swagerman.

Carint heeft niet verloren vanwege de prijs – de offerte van Carint was zelfs goedkoper dan van de winnaars – maar vanwege de kwaliteit. Volgens de gemeenten had Carint de offertes beter moeten invullen.

Swagerman vindt het zwartepieten niet constructief. Hij vindt dat gemeenten hadden moet kiezen voor een veel langere overgangstijd. “De WMO is een forse verandering. Daar hoort een geleidelijk overgangstraject bij, zoals gemeenten die kiezen voor het Zeeuwse model. Daarbij vallen er geen aanbieders buiten de boot.”

Carint probeert met winnaar Livio de gevolgen voor de 1100 huishoudelijke werknemers en ruim 4000 klanten te beperken. Ze overwegen een fusie.

Administrator

Of registreer u om te kunnen reageren.

Zorgvisie is een uitgave van Bohn Stafleu van Loghum, onderdeel van Springer Media B.V.
Voorwaarden