Exclusief toegankelijk Registreer voor toegang tot Zorgvisie.nl Lees meer

E-diagnostiek vermindert verwijzingen naar tweedelijns ggz

Diagnostiek op aanvraag zorgt voor een afname van het aantal doorverwijzingen naar de tweedelijns ggz. Dat blijkt uit een experiment van TelePsy in Limburg onder ruim honderd huisartsen en praktijkondersteuners ggz (POH-GGZ).
E-diagnostiek vermindert verwijzingen naar tweedelijns ggz

Wanneer gebruik wordt gemaakt van de online diagnostiek, ligt het aantal op iets minder dan 50 procent. Gemiddeld wordt landelijk circa 74 procent van de patiënten met een ggz-indicatie naar de tweedelijns ggz doorverwezen.

Experiment

Tijdens het experiment vulden patiënten voorafgaand aan het huisartsenbezoek een online een vragenlijst in. De resultaten worden door een ggz-professional beoordeeld en vervolgens telefonisch besproken met de patiënt. De huisarts krijgt de diagnose en een onderbouwd advies over eventuele verwijzing naar de meest geschikte behandelaar.

Scheiding eerstelijn en tweedelijn

Van de mensen die jaarlijks worden doorverwezen naar de specialistische ggz, wordt een aanzienlijk groter deel naar de tweedelijn. Een deel van deze mensen had uiteindelijk ook in de eerste lijn behandeld kunnen worden. ‘De scheiding tussen eerste- en tweedelijns ggz is niet altijd even duidelijk’, stelt Bram de wit, huisarts in Heerlen. ‘Een huisarts moet beoordelen of er sprake is meerdere stoornissen, persoonlijkheidsproblematiek of verborgen problemen waar de patiënt niet zo gemakkelijk over praat. In veel gevallen is het onderscheid onmogelijk te maken in de beperkte tijd die een huisarts daarvoor heeft in zijn praktijk: vaak maximaal twee keer tien minuten. Daarbij heeft de huisarts geen toegang tot specialistische instrumenten die hem zouden kunnen helpen bij het stellen van de diagnose. Hetzelfde geldt in meer of mindere mate ook voor de POH-GGZ, die bovendien vaak een wachtlijst heeft door de veelheid aan psychische problematiek.’

Effectiviteit diagnostiek

Bij 81 procent van de diagnostiekaanvragen wordt een ggz-traject geadviseerd in de eerste- of tweedelijn, waarbij tot de eerstelijn tevens de POH-GGZ wordt gerekend. Bij ruim 50 procent van de ggz-trajecten wordt eerstelijn geadviseerd, tegenover slechts 26 procent eerstelijns verwijzingen landelijk. Patiënten betalen voor de triagediagnostiek geen eigen bijdrage of eigen risico. Hierdoor ontstaat een gezonde prikkel om een ggz-traject te voorkomen, als daar op basis van de diagnose geen directe noodzaak voor is.

NZa voorstander diagnostiek op aanvraag

In het advies over de Basis GGZ pleit de NZa voor diagnostiek op aanvraag. Hierbij gaat het om diagnostiek, waarbij de patiënt contact heeft met de psycholoog of psychiater (of e-health-variant daarop). Belangrijke randvoorwaarde is dat de patiënt na consultatie met een oordeel (rapportage en eventueel advies) terug gaat naar de poortwachter. Deze kan vervolgens op basis van de extra ingewonnen informatie een diagnose stellen en zo tot een juiste verwijzing komen. De regie over behandeling moet volgens de NZa bij de eerstelijn blijven. Zij moeten bepalen of tweedelijns zorg nodig is. Indien het advies over Basis GGZ wordt opgevolgd zal diagnostiek op aanvraag landelijk worden doorgevoerd.
(Zorgvisie/ICT – Mark van Dorresteijn | Twitter | Foto: ANP )

Eén reactie

  • no-profile-image

    Bram de Wit, huisarts

    De huisarts ziet de patiënt eerst. Telepsy geeft de huisarts na e- onderzoek en een telefoongesprek met de diagnostisch psycholoog een doorverwijsadvies. Dat bespreekt de huisarts dan weer met de patiënt . Het is niet zo dat de patiënt voorafgaand aan het huisartsbezoek diagnostiek krijgt.

Of registreer u om te kunnen reageren.

Zorgvisie is een uitgave van Bohn Stafleu van Loghum, onderdeel van Springer Media B.V.
Voorwaarden