Exclusief toegankelijk Registreer voor toegang tot Zorgvisie.nl Lees meer

‘Cultuurverandering nodig voor e-health’

Om e-health succesvol te maken, moet een verandering plaatsvinden. ‘We focussen ons nu teveel op oudere zieke patiënten. Dat levert op korte termijn resultaat, maar zorgt niet voor de gewenste cultuurverandering’, zo stelt de Engelse onderzoeker en professor Stan Newman.
‘Cultuurverandering nodig voor e-health’
Foto: Zorg Binnen Bereik

Newman was hoofdonderzoeker bij het Engelse Whole System Demonstrator Project (WSD). Een onderzoek in Engeland onder ruim 6000 patiënten naar de effecten van telehealth en telecare. Het is de grootste tele-healthstudie tot nu toe. Tijdens een masterclass van Stichting Zorg Binnen Bereik en e-healthplatform e-Vita vertelt hij over de resultaten van het project en wat Nederland kan leren van de ervaringen. Zo ziet hij dat e-health vooral gericht is op oudere patiënten. ‘Logischerwijs wordt voor deze patiënten gekozen omdat het op korte termijn veel oplevert. Maar dat verandert de cultuur niet. Het is juist belangrijk om mensen van jongs af aan te bereiken en de cultuur te veranderen. Jongeren moeten leren om hun gezondheid zelf te managen. Geef patiënten een vishengel, in plaats van de vis.’

Kwaliteit van leven

Het WSD toont aan dat e-health, mits goed geleverd, zorgt voor een daling van het aantal heropnames, ligdagen en bezoeken aan de spoedeisende hulp. Daarnaast daalt het aantal sterfgevallen in de groep die gebruik maakt van telezorg. Door de constante monitoring, wordt veel eerder zichtbaar wanneer een patiënt verslechtert. Eerder ingrijpen zorgt voor minder ernstige gevallen en een daling van het aantal sterfgevallen. Desondanks geven de deelnemers aan dat zij geen verhoogde kwaliteit van leven ervaren. Zij voelen zich niet significant veiliger, gelukkiger of gezonder. Newman vraagt zich af of we wel moeten focussen op de kwaliteit van leven. ‘Onderzoekers kunnen zich beter richten op de ervaring van de geleverde zorg. Dat zegt veel meer over de behandeling die zij krijgen. E-healthapparatuur heeft namelijk ook nadelen volgens patiënten. Ze denken dat het een vervanging is van de dokters die zij normaal zien of ze voelen zich teveel in de gaten gehouden. Ook gebeurt het dat zij keurig alle data verzamelen en doorsturen, maar vervolgens niets meer doen om hun ziekteverloop te beïnvloeden.’

Eigen regie patiënten

Om de kwaliteit van zorg op te krikken en patiënten enthousiast te maken, moeten de voordelen overtuigend zijn. ‘Geef mensen statistieken van hun data en koppel daar een interventieprogramma aan, waar zij zelf een actieve rol in spelen. Slechts informatie geven verandert het gedrag niet, dat weten we al lang. Naar advies wordt niet geluisterd en mensen nemen hun medicijnen niet in. Wanneer we als doel stellen om hun gedrag te veranderen en hun levens te verbeteren, dan zullen zij daar zelf een actieve rol in moeten spelen. Dat kan alleen als zij zelf de verantwoordelijkheid nemen.’ Niels Chavannes, leider van de werkgroep COPD binnen e-Vita, vult aan, dat patiënten moeten kunnen vertrouwen op de intenties achter e-health. ‘Ze moeten vertrouwen dat wij de dokter niet afpakken, maar een alternatieve vorm van zorg aanbieden. Patiënten moeten zelf willen meedoen. Als de dokter het oplegt, gaat het niet werken.’

Rol zorgverleners

Ook zorgverleners krijgen een andere rol. Naast hun zorgtaak, moeten zij getraind worden in het voorlichten van patiënten. ‘Als patiënten de apparatuur, portal of websites niet begrijpen die horen bij de e-healthoplossing, dan zal de interventie weinig effectief zijn. We zien dat zorgprofessionals nu vaak een “tickboxmentality” hebben. Als ze een patiënt voorgelicht hebben, kunnen ze dat afstrepen van hun lijstje. Vaak wordt dan niet gekeken of de patiënt het echt begrepen heeft.’

Volgens Lisette van Gemert-Pijnen, universitair hoofddocent e-health, is het belangrijk dat patiënten meedenken bij de ontwikkeling van apparaten. ‘Het zorgt ervoor dat ze het willen gebruiken. Als het niet past in hun dagelijks leven of weinig toevoegt, gaan ze het niet gebruiken. Daarbij moet ook de juiste doelgroep geselecteerd worden. Ongezonde mensen met een hoog gewicht zijn vaak moeilijk te bereiken, toch is dit juist de doelgroep. We zien dat zij e-health wel gebruiken, maar dat na een periode weer stoppen. Aan ons om regelmatige triggers in te bouwen waardoor ze zelfmanagement weer oppakken.’

Kosten en samenwerking

‘De invoering van e-health brengt een dilemma met zich mee’, meent Newman. ‘Je redt levens, maar het kost de maatschappij meer, omdat ze langer leven en later meer zorg nodig hebben. In het WSD zagen we dat de onze tele-healthinterventie voor hogere kosten zorgde. Niet eens de apparatuur, maar de service-kosten en de training van het personeel zorgden voor een stijging.’ Volgens Newman kunnen de kosten beheerst worden door samenwerking. ‘Eigenlijk moet één organisatie of persoon de leiding nemen bij de implementatie van e-health. Het is vaak te versnipperd waardoor de kosten enorm stijgen. Door schaalvoordelen en traditionele zorg te vervangen door e-health, zullen de kosten dalen. Zorgverzekeraars kunnen eveneens meer samenwerken en elkaars leden helpen. Zonder samenwerking redden we het niet.’

Of registreer u om te kunnen reageren.

Zorgvisie is een uitgave van Bohn Stafleu van Loghum, onderdeel van Springer Media B.V.
Voorwaarden