Exclusief toegankelijk Registreer voor toegang tot Zorgvisie.nl Lees meer

Patiëntveiligheid: inspectie versus gedrag

Protocollen voor veilige zorg zijn er genoeg en worden ook nageleefd. Toch zit patiëntveiligheid nog niet goed ‘tussen de oren’ van ziekenhuismedewerkers.
Patiëntveiligheid: inspectie versus gedrag

Alle ziekenhuizen hebben op 15 juni een schrijven ontvangen van de Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ) waarin zij aandacht vraagt voor de toezichtbevindingen rond de implementatie van het Convenant Medische Technologie (CMT). Dit convenant beschrijft de randvoorwaarden om medische technologie, inclusief alle mogelijke medische hulpmiddelen, veilig te kunnen toepassen in het ziekenhuis. Het convenant geldt als een veldstandaard. Steekproeven in 2013 lieten nogal wat hiaten zien en opmerkelijk genoeg een gebrek aan bestuurlijke aandacht voor de inzet van medische technologie ten behoeve van veilige patiëntenzorg. Daar is ondertussen heel veel ten goede in veranderd. Desondanks constateerde de inspectie in 2014 en 2015 bij onaangekondigd bezoek dat in een aantal gevallen een actieve follow-up door de inspectie noodzakelijk was. In de brief van 15 juni scherpt de inspectie haar uitspraken aan en rept van een uiterste datum van 1 januari 2016 waarop een samenhangende implementatie van het CMT moet zijn gerealiseerd. Haar stelling is dat bij onvoldoende aandacht voor de CMT-implementatie, de risico's in de zorg zullen toenemen.

Druk bezig

Zijn de ziekenhuizen hier klaar voor? Ik denk het wel, zeker technisch en procedureel. Commissies zijn ingesteld, protocollen geschreven en geborgd, personeel bijgeschoold en verbeterplannen opgesteld. Ook zijn er grote stappen gezet in het proces van prospectieve risico-inventarisatie (PRI). Hierbij worden op voorhand veiligheidsrisico's en andere risico's in kaart gebracht om deze bij daadwerkelijke implementatie van de gekozen technologie te kunnen managen. Daarnaast zijn alle ziekenhuizen druk bezig zich van kwaliteitscertificaten als NIAZ of JCI te voorzien wat de indruk wekt dat het dan allemaal prima geregeld is. Maar is dat ook zo?

Ingenieuze veiligheidssystemen

Ziekenhuizen hebben zeker een zeer hoog niveau van protocolmatig werken bereikt. Zowel voor de medisch-inhoudelijke component als de technologische component. Controle en veiligheidssystemen worden steeds ingenieuzer. Voorbeelden zijn het zorgcommandocentrum rond medische technologie en gevalideerde veiligheidschecklists die bijvoorbeeld een geheel chirurgisch traject bewaken (SURPASS). Ziekenhuizen doen onderhand uitgebreide risicoanalyses en als de software een medisch-inhoudelijke component heeft, wordt ook daar intensief aandacht aan besteed. Tijdens veiligheidsrondes is iedereen buitengewoon scherp en dat levert incidenteel op dat een apparaatje gevonden wordt waarvan de onderhoudssticker aangeeft dat het onderhoud al vorige maand had moeten plaatsvinden. Afspraak is afspraak en compromissen betreffende veilige patiëntenzorg zijn niet aan de orde.

Niet even betrouwbaar

Aan de harde kant van de materie is kortom voldoende aandacht; men audit zich suf. Maar hoe zit het met de zachte kant van het proces? Hoe is het gedrag in deze wereld van afspraken en procedures? Helaas niet altijd even betrouwbaar. Waarom is het niet gewoon dat iedereen het handenwasprotocol kent en daarnaar handelt? Waarom is het zo moeizaam om medisch- en paramedisch personeel te houden aan protocollen over het dragen van sieraden, haarbedekking of het dragen van beschermende ziekenhuiskleding alleen op die plekken waar dat functioneel is? En waarom komt zo moeizaam 'tussen de oren' dat apparatuur waarvan de onderhoudsticker aangeeft dat het onderhoud gaat verlopen, deze daadwerkelijk en tijdig aangeboden wordt voor preventief onderhoud? De procedures kloppen maar het gedrag blijft nog achter en daar zal veel meer aandacht naar uit moeten gaan. Wat veel zorginstellingen gelukkig overigens ook doen. Met procedures alleen redden we het echt niet.

Aantoonbare skills

Wilt u nog een voorbeeld? In het kader van het convenant eisen ziekenhuizen van externe partijen, die ze in het ziekenhuis toelaten voor applicatieondersteuning en technisch onderhoud, certificaten en aantoonbare skills. Maar dan moeten ziekenhuismedewerkers zelf ook kunnen aantonen dat ze bekwaam, deskundig en adequaat (bij)geschoold zijn in het gebruik van (complexe) medische technologie en allerlei medische hulpmiddelen die ingezet worden in de patiëntenzorg. De inspectie gaat hier meer en meer op sturen. Misschien een leermoment?

Gerelateerde tags

Eén reactie

  • fkeuter


    Op het dashboard van de IGZ  staan systemen , uitkomsten en gedrag. Maar sturen op gedrag is typisch iets voor de leiders in de instelling zelf: de RvB, maar vooral de clinical leaders binnen de eigen professionele governance.
    Zonder dit leiderschap gebeurt er weinig met de drang en de dwang van een inspectie op dit belangrijke thema.

Of registreer u om te kunnen reageren.

Zorgvisie is een uitgave van Bohn Stafleu van Loghum, onderdeel van Springer Media B.V.
Voorwaarden