Exclusief toegankelijk Registreer voor toegang tot Zorgvisie.nl Lees meer

‘ACM faalt, niet de regelgeving’

Er is geen sprake van een ongelijk speelveld voor zorgverzekeraars en zorgaanbieders. De ACM moet de regels beter toepassen.
1. machtsbalans (2).png
Fotolia

Dat stellen onderzoekers van het iBMG in hun rapport “Goede zorginkoop vergt gezonde machtsverhoudingen”.  

Marktmacht
Hoewel het vaak wordt gedacht en gezegd, zijn ziekenhuizen en huisartsen zeker niet kwetsbaar en afhankelijk van “machtige” zorgverzekeraars. De onvrede komt volgens de onderzoekers voort uit de manier waarop de regels worden toegepast. Bij huisartsen is er sprake van overtoepassing, bij ziekenhuizen van ondertoepassing van de mededingingsregels.

ACM
Bij huisartsen heeft de ACM de mededingingsregels te sterk toegepast met als gevolg hoge boetes voor de LHV. Huisartsen zijn van mening dat de ACM alle vormen van samenwerking verbiedt, terwijl dat niet zo is. Als een soort overcompensatie heeft de ACM vervolgens het toezicht in de eerste lijn radicaal herzien, in die zin dat samenwerking mag zolang zorgaanbieders, verzekeraars en patiënten hier geen bezwaar tegen maken. Door teveel toe te geven aan de druk van huisartsen heeft de ACM de huisartsen feitelijk buiten de mededingingswet geplaatst. Dit kan leiden tot kartel- en prijsafspraken tussen huisartsen en het weren van nieuwkomers. De onderzoekers suggereren een groepsvrijstelling voor huisartsen, met uitzondering van afspraken voor prijzen en volumes.

Toezicht houden
In de ziekenhuissector had de ACM de mededingingsregels juist strenger moeten toepassen, zeggen de onderzoekers. Zij heeft fuserende ziekenhuizen de afgelopen tien jaar ‘geen strobreed in de weg gelegd’ en sterker nog ‘zich regelmatig niet gehouden aan het toetsingskader van de Mededingingswet’. Ten onrechte denkt het ministerie van VWS nog dat er aanvullende normen nodig zijn om fusies tussen zorgaanbieders te toetsen. In plaats van de Wmg nodeloos op te tuigen met allerlei zorgspecifieke regels, moeten de toezichthouders hun werk beter doen. Minister Schippers neemt het in een brief aan de Kamer op voor de ACM. Zij laat weten dat overheveling van toezichtstaken van de NZa naar de ACM en uitbreiding van capaciteit leiden tot een beter markttoezicht.  

Zorgverzekeraars
De marktmacht van zorgverzekeraars is kleiner dan hun marktaandelen suggereren, zeggen de onderzoekers. Hun onderhandelingsvrijheid wordt ingeperkt door de zorgplicht waaraan zorgverzekeraars zich moeten houden. Bovendien blijft selectief contracteren moeilijk door het bestaan van artikel 13 en het “hinderpaalcriterium”. Daardoor moeten zorgverzekeraars niet gecontracteerde zorg nog steeds voor zo’n 75 procent vergoeden. Zorgverzekeraars hebben ook last van het gebrek aan vertrouwen aan hun contracteerbeleid bij hun verzekerden. 

Huisartsen
Huisartsen hebben collectief een sterke machtspositie. Dat garandeert niet dat zij individueel effectief kunnen onderhandelen over hun contracten. Bij huisartsen ontbreekt volgens de onderzoeker een collectief platform waarop zij contractvoorwaarden kunnen bespreken.  

Ziekenhuizen
Door het grote aantal fusies tussen ziekenhuizen is hun regionale marktmacht aanzienlijk gestegen. Per regio is sprake van slechts een klein aantal ziekenhuizen en dominante zorgverzekeraars. De machtbalans lijkt zelfs door te slaan naar ziekenhuizen vanwege hun kennisvoorsprong over kwaliteit en kosten. De positie van zorgverzekeraars is wel versterkt door de volumebeperking die is afgesproken in de hoofdlijnenakkoorden. Zorgverzekeraars gebruiken de toegestane groeiruimte als omzetplafond. Overschrijding van de maximale groeiruimte kan tot gevolg hebben dat de minister een generieke korting oplegt. 

Zbc’s
Het aantal gecontracteerde zbc’s is de afgelopen jaren gedaald. Zbc’s hebben een zwakke machtspositie om zij vaak sterk afhankelijk zijn van de regionaal grootste zorgverzekeraar. Omgekeerd geldt dat niet. Door minder te contracteren, beperken zorgverzekeraars de concurrentie tussen ziekenhuizen en de goedkopere zbc’s en kopen zij zorg te duur in. 

2 reacties

  • AACM Maes

    Het geloof in mededinging om tot betere prestaties te komen blijft en blijkt erg hardnekkig. Vraag I: En waar is dat op gebaseerd? Huisartsen hebben gevraagd om buiten de Mw te worden geplaatst. Als daar geen draagvlak voor is, dan maar niet. In april 2010 deed NMa inval bij LHV. In dec 2015 vernietigt de rechtbank het boetebesluit: 5,5 verloren jaren. Vraag II: En wat heeft dat opgeleverd voor de BV Nederland? Vraag III: en voor de patiënt? Voor wie de de IBMG zegt, blijkbaar itt de huisartsen, zich te bekommeren. Goede zorginkoop vergt inderdaad gezonde machtsverhoudingen. Maar laten we dan eerst eens vaststellen: 1. wat goede zorginkoop is 2. wat een gezonde machtsverhouding is 3. wat een machtsverhouding in deze feitelijk betekent.

  • GKMitrasing

    Kwestie van of je een vertoog wilt blijven voeren en houden binnen het politiek-economisch discours. Onderhandelingspositie van de huisarts, ook collectief, is amper van toepassing. Ik zat bij die besprekingen met VGZ: dat waren slechts dictaten. Overigens wordt de prijs van vele tarieven, niet alleen in de huisartsenzorg, gewoon niet-kostendekkend door de NZa opgelegd of indirect via “ketenzorggroepen” afgesproken waar je als individueel huisarts weer niets mee kan: het is dan slikken of stikken. En bij overschrijding BK- huisartsenzorg krijgen we achteraf, collectief een korting via de NZA van Schippers om de oren. Wat is dan die vermeende marktmacht?

Of registreer u om te kunnen reageren.

Zorgvisie is een uitgave van Bohn Stafleu van Loghum, onderdeel van Springer Media B.V.
Voorwaarden