Exclusief toegankelijk Registreer voor toegang tot Zorgvisie.nl Lees meer

Zorgstandaard geboortezorg op losse schroeven

De Expertgroep integrale geboortezorg dreigt uiteen te vallen. Zorgverleners en cliënten keren zich tegen het College Perinatale Zorg. Het CPZ probeert de partijen uit alle macht binnenboord te houden.
1. baby.vierkant.fotolia.jpg
Fotolia

De verloskundigen en de gynaecologen staan lijnrecht tegenover elkaar. De verloskundigen willen zelf de risicoselectie bij zwangeren doen, gynaecologen willen een gezamenlijke verantwoordelijkheid. Overige leden van de expertgroep kiezen partij.

Zorginstituut
De zorgstandaard integrale geboortezorg loopt vertraging op. Om een zorgstandaard te kunnen accorderen, zijn de handtekeningen van alle partijen nodig. Hij kan dus alleen worden vastgesteld als alle partijen het ermee eens zijn. Het Zorginstituut laat weten inderdaad nog geen definitieve zorgstandaard te hebben ontvangen. ‘Het is nu aan de partijen zelf om er alsnog met elkaar uit te komen. Ik vermoed echter dat wij zullen aanbieden hen daarbij te helpen.’

CPZ
Net nu het CPZ alle 25 partijen in de geboortezorg na twee en een half jaar op een lijn lijkt te hebben gekregen, gaat het op de valreep alsnog mis. De beroepsvereniging voor verloskundigen zegt het vertrouwen op in het CPZ en stopt haar medewerking aan de zorgstandaard. Opmerkingen die voorzitter Chiel Bos van het CPZ vorige week maakte tegen Zorgvisie, zijn volledig in het verkeerde keelgat geschoten. De KNOV ondertekent de zorgstandaard niet. En zij zijn niet de enige. Bos laat weten druk in onderhandeling te zijn met alle partijen om uit de impasse te komen.

Zorgstandaard
In augustus vorig jaar lag er een door iedereen min of meer acceptabele zorgstandaard voor integrale geboortezorg. Deze standaard is vervolgens door de NVOG, wetenschappelijke vereniging van gynaecologen, afgekeurd. Zij vindt dat de gynaecoloog en verloskundige samen verantwoordelijkheid moeten dragen. Nu is dat niet zo: de verloskundige is verantwoordelijk voor de risico-inschatting en bepaalt welke medische zorg een zwangere nodig heeft. Zij verwijst indien nodig door naar de gynaecoloog.

Shared care
Op dit punt tekent zich steeds meer een scheiding der geesten af. Er zijn partijen die evenals de NVOG vinden dat de verantwoordelijkheid voor de zwangere vrouw gezamenlijk moet worden gedragen. Veel eerstelijns zorgverleners zijn echter van mening dat dit leidt tot onnodige medicalisering en kostenstijging. Meerdere onderzoeken zouden uitwijzen dat shared care ondanks genoemde nadelen geen betere uitkomsten geeft.

Risicoselectie
In onderling overleg tussen de KNOV en NVOG  is er een nieuwe tekst gekomen. Uit de tekst zou volgen dat betrokken partijen in de regio de ruimte krijgen te bepalen wie de risicoselectie op zich neemt. De NVOG ziet dat anders: de gynaecologen willen dat het shared care model in alle regio’s wordt doorgevoerd. Daarop stemden de verloskundigen in meerderheid de zorgstandaard weg. De NVOG  laat weten het besluit van de KNOV te betreuren en hoopt samen alsnog tot een goede oplossing te komen. Wat de precieze gevolgen zijn, kan de NVOG nog niet goed overzien.

Stichting Geboortebeweging
Cliëntenorganisaties zijn bij het een-tweetje tussen KNOV en NVOG niet betrokken en voelen zich buitenspel gezet. De Stichting Geboortebeweging heeft als eerste de zorgstandaard niet geaccordeerd. Zij hebben geen zicht op de manier waarop de kwaliteit van zorg wordt gemeten en kaders voor de inrichting van zorg in de regio ontbreken. Bestuurslid Joyce Hoek-Pula: ‘Er is geen enkele onderbouwing dat de verloskundige zorg aan vrouwen er beter op gaat worden of dat de rechten van de vrouw worden gewaarborgd. Volgens de stichting zijn de partijen het onderling niet eens over een integraal tarief voor de geboortezorg. Hoek-Pula: 'De politiek en sommige verzekeraars willen dat integrale tarief. Andere partijen: cliënten, kraamzorg, verloskundigen, andere verzekeraars willen het niet, en ook een deel van de gynaecologen twijfelt.’

Kraamverzorgenden
Siska de Rijke van de Nederlandse Beroepsvereniging voor Kraamverzorgenden: ‘Tot december dachten wij dat de besprekingen over de zorgstandaard redelijk goed verliepen. Maar werden wij onder druk gezet om te ondertekenen.’ De kraamverzorgenden vinden de zorgstandaard nog te vaag om in de praktijk goed te kunnen werken. Bovendien vinden zij dat de kraamzorg onvoldoende aan bod komt in de zorgstandaard. Maar de politieke druk is groot, want minister Schippers wil het integrale tarief voor geboortezorg in 2018 invoeren en dat betekent in 2017 experimenteren. De zorgstandaard moet zo snel mogelijk naar het Zorginstituut.  De Rijke: ‘De minister wil de zorgstandaard er doorheen duwen en het CPZ moet dat voor haar doen.’

Integrale bekostiging
De integrale bekostiging die nodig is om integrale geboortezorg te kunnen bekostigen, rammelt nog. Daar zijn alle partijen het wel over eens. Organisatieadviesbureau KPMG is gevraagd hier onderzoek naar te doen en heeft twee zorgprestaties ontwikkeld: een product voor een miskraam of abortus en een tarief voor het hele geboortetraject. KNOV, ZN, NVZ, NFU en de NPCF willen meer variatie in zorgzwaarte en een aanvullend tarief voor kraamzorg. Twee tarieven zoals nu leidt tot problemen en gevechten budgetten, denken de zorgpartijen. Onlangs liet ook de NZa weten dat 2018 te vroeg is voor invoering van de integrale bekostiging. De NVOG laat weten geen principiële bezwaren te hebben tegen meerdere prestaties 'als dat de voortvarende invoering van integrale bekostiging bevordert'. 

 

2 reacties

  • JHP

    'de kwaliteit van de zwangeren'???? Ik heb al veel onzin gehoord, maar dit is wel een hele sterke. Er IS geen verhoogde perinatale sterfte in Nederland, dat is een grote leugen, die door 'm maar steeds te herhalen vanzelf geloofd wordt. De perinatale sterfte is 0,53%, dat is een cijfer gelijk aan dat van Zweden en Duitsland. Finland heeft de laagste perinatale sterfte in Europa. Luxemburg, Engeland en Denemarken hebben een hogere perinatale sterfte dan Nederland. Zijn die landen allemaal bezig met een stelsel verandering?? Bovendien, de perinatale sterfte is nog nooit in de geschiedenis zó laag geweest, en daalt nog steeds. Er zijn heus (veel) dingen te verbeteren in de geboortezorg, en er is ook nog gezondheidswinst te behalen, maar niets wat drastische maatregelen vereist.

  • pvanloon@planet.nl

    Hoe krijgen we het voor elkaar in Nederland om de oude strijd tussen Doctores medicinae en chirurgijnen, lees verloskundgen op zo'n onbegrijpelijke, op veel punten domme wijze te laten opleven, dat de angst je om de oren slaat?
    Als beide partijen zich nu eens bekommerden om de werkelijke reden van teruggang in "kwaliteit"van perinatale zorg, de in 8 decennia zeer sterk teruggelopen gezondheid ( kracht, houding, geestelijke en mentale weerbaarheid etc.etc.) van de generaties, die na de jaren 60 aan zwangerschappen begonnen zijn, dan hebben ze weer een gelijklopende agenda. Het RIVM laat het duidelijk zien: iedere generatie is Het hoog van de toren blazen van de specialisten in de tweede lijn en de enorme financiële belangen die ziekenhuizen hebben in deze strijd in een tijd, dat we het belang van de eerste lijn juist weer versterkt willen zien, is weinig vertrouwen wekkend in deze tijd. Als de "kwaliteit van de zwangeren" sterk achteruitzakt, dan helpen peperdure oplossingen niet. Kent de verloskunde ook preventiedeskundigen, de de geboortezorg weer veiliger maken door de zwangeren te waarschuwen voor de gevaren, die hen bedreigen bij door de leefstijl passende ongezondheid? Maar ook de Overheid mag wel eens nadenken.

Of registreer u om te kunnen reageren.

Zorgvisie is een uitgave van Bohn Stafleu van Loghum, onderdeel van Springer Media B.V.
Voorwaarden