Exclusief toegankelijk Registreer voor toegang tot Zorgvisie.nl Lees meer

Odensehuizen: zorg waarvoor mensen kiezen

De Odensehuizen danken hun naam aan de Deense stad Odense, waar in 2001 het initiatief voor het eerste huis ontstond. Mensen met beginnende dementie zijn er welkom, en hun naasten ook. Een indicatie is niet nodig: iedereen is welkom.
Staatssecretaris van Rijn in Odensehuis Amsterdam
Foto: Josien Wallast

De betrokkenen bij het Odensehuis zijn wars van reguliere zorgstructuren. Want in de zorg draait het vaak om ziekten, niet om talenten of kwaliteit van leven. Terwijl het Odensehuis de kwaliteit van leven centraal stelt. In voor zorg! lunchte mee met het Odensehuis in de Hygieastraat in Amsterdam.

De sfeer is die middag gemoedelijk. Er zijn ongeveer 20 mensen aanwezig. Onder hen mensen uit Wageningen en Groningen, want ook in die plaatsen zijn Odensehuizen, al dan niet in oprichting. In Vlissingen is er ook al een, die stond met een half jaar. Zo zijn er wel meer zorginitiatieven die in Zeeland in een vloek en een zucht tot leven komen: Buurtzorg Nederland bijvoorbeeld.  Na de gezamenlijke lunch gaan de meeste aanwezigen samen wandelen. Als je de groep zo ziet, is niet te zeggen wie dementie heeft en wie niet. Participanten heten de mensen die betrokken zijn bij het Odensehuis. Of ze nu bezoeker zijn met of zonder dementie, vrijwilliger, familielid of coördinator: het maakt niet uit. Iedereen heeft wel een talent dat hij of zij kan inzetten.

Patiëntenrol

Coördinator Bep van Oostrom legt later uit dat dementie vooral merkbaar wordt als taal wegvalt. En ja, er komt een moment dat het voor mantelzorgers te zwaar wordt om iemand nog thuis te hebben. Dan is een reguliere zorgstructuur handig, legt Van Oostrom uit. 'Als mensen in een patiëntenrol komen, gaat het vaak snel. Daarom moet dat moment zo lang mogelijk worden uitgesteld en moeten we kijken naar mogelijkheden om mensen in hun kracht te zetten.' Een inloophuis als Odensehuis, biedt zo'n mogelijkheid. Waar de structuur is van het samen lunchen, een vaste plek in de wijk, afgeschermd van andere zorgvoorzieningen. Maar de betuttelende structuur die veel reguliere dagbesteding kenmerkt, ontbreekt. Van Oostrom: 'Mensen bepalen hier zelf wat ze willen doen. Van muziek maken tot wandelen of hersengym.'

Nuldelijnszorg

Het aantal mensen met dementie zal in de nabije toekomst toenemen, al lopen prognoses uiteen. Ook het aantal naar verhouding jongere mensen met dementie zal groeien. Er gaat veel geld naar medicijnonderzoek, maar de zorg voor mensen in de eerste stadia van dementie komt er bekaaider af. Dit is typisch zorg die onder de Wmo gaat vallen: nuldelijnszorg waarin welzijn en zorg elkaar moeten zien te vinden. In Wageningen en Groningen staan de gemeentebesturen niet te springen om de Odensehuizen te financieren. In Amsterdam staat het gemeentebestuur welwillender tegenover vernieuwingen in de zorg. Marga Langedijk is programmamanager Odensehuizen in Amsterdam. Ze draait enkele uren per week mee op de Hygieastraat en is daarnaast bezig om ook in andere stadsdelen Odensehuizen op te starten.

Geen trajectbegeleiding met indicatie

Als het aan het Amsterdamse gemeentebestuur ligt, dan verdwijnt een groot deel van de zorgindicaties door het CIZ. Wijkteams met wijkverpleegkundigen als spil, gaan bepalen wie voor welke zorg in aanmerking komt. Langedijk benadrukt dat trajectbegeleiding met een CIZ-indicatie nooit de bedoeling kan zijn van het Odensehuis. 'Bij ons zijn mensen soms eerder in beeld dan bij de reguliere zorg. We bieden geen trajecten aan; mensen kiezen er zelf voor om bij ons binnen te lopen. Als mensen een formeel traject ingaan, dan worden zij in een bestaande structuur gedwongen. Dat willen wij juist niet. Wij willen het eigen initiatief van mensen voorop stellen en hen zo lang mogelijk zelfredzaam houden.' Al wil het Odensehuis geen reguliere zorgorganisatie zijn, het is wel degelijk een professionele organisatie, zegt coördinator Van Oostrom: 'Onze professionaliteit ligt bij het ondersteunen van zelfzorg en mantelzorg. We doen bijvoorbeeld gezamenlijke nascholing met wijkverpleegkundigen en SeniorenZorgPlan, een zorgorganisatie voor senioren in Amsterdam.'

Financiering

Het Odensehuis in Amsterdam is in 2009 opengegaan. De eerste drie jaar hebben ze kunnen bestaan van fondsen, giften en eigen bijdragen van de participanten. Sinds vorig jaar heeft het Odensehuis een alliantie gevormd met een aantal welzijn- en zorgaanbieders. Dit heeft ertoe geleid dat zorgorganisatie Amstelring in overleg met zorgverzekeraar Achmea geld vrijgemaakt heeft om het Odensehuis te financieren totdat de vernieuwing van de Wmo een feit is. Amstelring wil graag zorgvernieuwing in de dagbesteding. Andere partners zijn Evean, Puur Zuid en Samenwonen Samenleven.
Voor de exploitatie van een Odensehuis is na de opstartfase 120.000 euro per jaar nodig. Van Agis/Achmea/Amstelring ontvangt de organisatie in 2013 en 2014 50.000 euro. Van de gemeente Amsterdam is een even groot bedrag ontvangen in het kader van een brede doeluitkering Wmo. Langedijk: 'We willen geen individuele trajectfinanciering, maar wel financiering voor de coördinator en de vaste lasten van het huis.' De overige 20.000 euro is activiteitenbudget en wordt door de participanten zelf opgebracht door bijdragen voor deelname aan activiteiten en uit acties en dergelijke. Het Odensehuis op de Hygieastraat heeft inmiddels ongeveer 100 regelmatige bezoekers (mensen met dementie en mantelzorgers). Dat betekent dus dat de exploitatie zo'n 1000 euro subsidie per bezoeker per jaar vraagt. Dat is vergeleken met reguliere dagbesteding een schijntje.

Rol van de huisartsen

De contacten met reguliere zorgorganisaties zijn voor een deel goed. Met de huisartsen bijvoorbeeld ligt het wat lastiger; zij verwijzen nog maar mondjesmaat naar het Odensehuis door. Misschien komt het door de drukke agenda's van de huisartsen, zij moeten immers van zo veel ontwikkelingen op de hoogte zijn. Begrip daarvoor hebben de mensen van het Odensehuis wel. Maar juist huisartsen kunnen veel betekenen voor mensen die zich in een vroegtijdig stadium van de ziekte bevinden, door hen door te verwijzen naar een Odensehuis. Van Oostrom: 'Als mensen nog heel goed zijn, dan wennen ze aan de gezichten en aan het oppakken van bezigheden die zij goed aankunnen en prettig vinden om te doen. Dat helpt enorm om in hun kracht te blijven.'
Het moet gezegd: niet iedereen bij wie dementie geconstateerd wordt, spoedt zich naar het Odensehuis. Er rust nog altijd een taboe op dementie en mensen proberen het zo lang mogelijk te verdoezelen. Van Oostrom: 'We doen veel aan lotgenotencontact. Mensen blijven vaak komen als hun partner uiteindelijk te ziek is geworden om nog mee te doen aan activiteiten. Maar de drempel om de eerste stap te zetten is nog altijd heel lastig. Zowel voor mensen met dementie als hun naasten.'

Cliënt centraal

Coördinator Van Oostrom en programmanager Langedijk in Amsterdam en de mensen uit Groningen en Wageningen die er vandaag zijn, zijn allemaal bij het Odensehuis betrokken geraakt vanuit een persoonlijke ervaring met dementie. Ouders die ziek werden bijvoorbeeld. Allemaal liepen zij aan tegen het feit dat binnen de reguliere dagbesteding geen passend aanbod is voor mensen met dementie en al helemaal niet in het beginstadium van de ziekte. Het centraal stellen van cliënten binnen bestaande zorg is een contradictio in terminus, zegt de meneer uit Groningen. Het zijn dwingende structuren, waarbinnen geen keuze is om de zorg af te nemen waaraan op dat moment behoefte is. Bestaande zorg stelt bovendien de ziekte centraal, niet de talenten. Maar een open buurtcentrum zijn de Odensehuizen beslist niet. Van Oostrom: 'We bieden wel de geborgenheid van een vaste plek waar telkens weer dezelfde gezichten komen. Maar bij ons bepalen mensen zelf wanneer ze langs komen en wat ze doen.'

Staatssecretaris

Inmiddels heeft het Odensehuis bezoek gehad van verschillende bewindslieden, onder wie staatssecretaris Van Rijn. Hij prees het Odensehuis als voorbeeld van een initiatief vanuit het informele circuit, dat niettemin goed past bij de lijn zoals het formeel door hem en zijn ministerie is uitgezet. Dat geldt overigens ook voor een ander initiatief dat in Amsterdam-Zuid ontstond en in andere delen van het land een evenknie kent: Stadsdorp Zuid. Stadsdorp Zuid is een initiatief van bewoners om senioren in de wijk zo lang mogelijk actief, gezond en veilig thuis te laten wonen. Ook zij willen dat zorg op hún manier gebeurt en niet zoals zorgorganisaties of overheid die bedenken en uitvoeren. Het zijn allemaal initiatieven die zich afzetten tegen een te ver doorgeschoten verzorgingsstaat. De schijnbare tegenstelling is nu dat de overheid zelf die conclusie lijkt te delen. Deze staatssecretaris voorop: de overheid stuurt aan op minder overheidsbemoeienis.

In voor Zorg!

Foto

  • Schilderende participant in Odensehuis
    Foto: Josien Wallast

Of registreer u om te kunnen reageren.

Zorgvisie is een uitgave van Bohn Stafleu van Loghum, onderdeel van Springer Media B.V.
Voorwaarden