Exclusief toegankelijk Registreer voor toegang tot Zorgvisie.nl Lees meer

Oud en klaar met het leven

‘Baby’s die nu geboren worden, kunnen 135 jaar worden’. Deze zin uit het jeugdjournaal, ving ik toevallig op eind januari. Honderdvijfendertig… Ik liet het even tot me doordringen. Kennelijk deed de redactie dat ook, want even later stelde de verslaggever een voor de hand liggende vraag aan zijn jeugdige publiek. ‘Is dat wel leuk, om zo oud te worden?’
Oud en klaar met het leven

De antwoorden zijn even makkelijk te voorspellen. Dat hangt er maar van af of je gezond bent, en gelukkig, is het antwoord dat kinderen hierop geven. Tegelijkertijd kunnen kinderen zeker op deze leeftijd zich nog moeilijk een voorstelling maken van een levensfase die zo ver weg ligt. Zelfs ik, geboren in 1953, vind het regelmatig lastig om mij écht in de situatie van een man of vrouw op oudere leeftijd te verplaatsen. Wat bepaalt dat hij of zij (nog) zin heeft in het leven, wat is daar minimaal voor nodig en wanneer komt het moment waarop iemand liever de dood kiest dan het leven?

Pillen in huis

Mijn moeder is 93. Zij is gezond van lijf en leden, heeft net drie achterkleinkinderen gekregen en haar kleindochter gaat in het najaar trouwen. Het leven lacht haar toe. Een mevrouw uit de straat is 79. Zij is slecht ter been, heeft veel pijn en begint wat vergeetachtig te worden. Via via heb ik vernomen dat ze voldoende medicijnen in huis heeft om – als haar tijd is gekomen – haar leven te beëindigen. Het gegeven alleen al dat zij dit kan doen, geeft haar veel rust. De keuze voor pillen in huis – denk aan de pil van Drion in 1991 – stuit ook vandaag nog op veel bezwaren. Toch is het van groot belang het taboe te doorbreken dat nog steeds rust op de problematiek van ouderen met een aanhoudend doodsverlangen. Dit vraagstuk wordt onderschat.

Handelingsverlegenheid

Niet alleen uit de media, maar ook uit mijn eigen omgeving ken ik voorbeelden van mensen op oudere leeftijd die oprecht én aanhoudend zeggen dat zij uitzien naar de dood. Voor henzelf, hun familie én hun hulpverleners is dit moeilijk. Familieleden voelen zich machteloos en ook hulpverleners weten vaak niet goed wat zij moeten doen of zeggen. Het is de bekende 'handelingsverlegenheid': je weet niet goed meer hoe je moet handelen, bijvoorbeeld omdat je bang bent om iets verkeerds te zeggen of zelfs uit angst om een advies te geven dat volgens de beroepsnormen niet 'mag'.

Steun aan hulpverleners en familie

Zulke hulpverleners staan denk ik meer dan nodig is in de kou. We kunnen hen alleen al steunen door de kennis die op dit terrein wél beschikbaar is, te bundelen. Zowel ouderen, familieleden als hulpverleners weten nu soms niet bij wie zij met welke vragen terechtkunnen.
Samen met mensen die op dit terrein deskundig zijn, hebben ZonMw en NWO de belangrijkste kennisvragen in kaart gebracht. Het resultaat, de Kennisagenda Ouderen en het zelfgekozen levenseinde, biedt geen pasklare oplossing voor de problematiek van deze ouderen, maar kan wel degelijk helpen de discussies beter en in meer openheid dan nu te voeren. Want om deze moeilijke discussie goed te kunnen voeren, is kennis nodig die valide, betrouwbaar en toegankelijk is. Over wie gaat het precies? Welke cijfers zijn er bekend over ouderen die een aanhoudend doodsverlangen hebben? Wordt er wel rekening gehouden met de variatie die er binnen deze groep bestaat? Wat is er bekend over de verschillende wegen die deze ouderen kunnen volgen om hun leven te beëindigen?

Niet de ogen sluiten

Op iets langere termijn kan gedegen onderzoek antwoord geven op vragen waar ook beleidsmakers en politici mee worstelen. Niet voor niets zetten de ministers Schippers (VWS) en Opstelten (Veiligheid en Justitie) binnenkort een zogeheten commissie van wijzen aan het werk. Deze wijzen moeten een verkenning gaan doen naar 'de maatschappelijke dilemma's en juridische mogelijkheden van hulp bij zelfdoding aan mensen die hun leven voltooid achten'. Hierbij zullen ze er onder andere rekening mee moeten houden dat misbruik moet worden voorkomen en dat mensen zich veilig moeten kunnen voelen.

Opvallende vragen

Met de kennisagenda van ZonMw en NWO kan deze commissie van wijzen haar voordeel doen. Ik beveel haar enkele opvallende vragen van harte aan: in hoeverre komen doodverlangens van deze ouderen voort uit de omstandigheden waaronder zij leven, en in het bijzonder de zorg die de Nederlandse samenleving hun biedt? In hoeverre kunnen ouderen zich onder druk gezet gaan voelen om voor levensbeëindiging te kiezen, nu duidelijk is dat mantelzorgers zich meer voor ouderen moeten inzetten?

Natuurlijk, dit is geen makkelijk onderzoek. Maar het zijn wel vragen die we onder ogen moeten zien, net als dat we onze ogen niet mogen sluiten voor die aanhoudende doodswens van sommige ouderen.

Meer kennis

Het kan zijn dat acceptatie nog ver weg ligt. Ik ben er wel van overtuigd dat meer kennis, meer discussie over dit onderwerp, uitwisseling van posities en standpunten ons zal helpen meer begrip te krijgen voor de doodswens van dierbaren.

Pauline Meurs,

voorzitter ZonMw

De kennisagenda is te downloaden op www.zonmw.nl/levenseinde

Pauline Meurs

Gerelateerde tags

Eén reactie

  • HansH

    Voor sommige beroepsgroepen zijn dit dagelijkse vragen. De ethische kant blijft lastig, maar in veel gevallen zijn de antwoorden verrassend duidelijk. Mijn voorstel zou dan ook zijn om dit onderzoek niet over te laten aan de beroepswetenschappers, maar aan onderzoekers die wetenschap en praktijk combineren.

Of registreer u om te kunnen reageren.

Zorgvisie is een uitgave van Bohn Stafleu van Loghum, onderdeel van Springer Media B.V.
Voorwaarden