Exclusief toegankelijk Registreer voor toegang tot Zorgvisie.nl Lees meer

Van Rijn dendert door met 'transitie-trein'

Felle kritiek van SP, CDA en PVV weerhoudt staatssecretaris Martin van Rijn van VWS er niet van om de hervorming van de langdurende zorg onverminderd snel door te zetten.
Van Rijn dendert door met 'transitie-trein'
Foto: ANP

Cliëntenorganisaties, zorgaanbieders en gemeenten zeggen dat er van alles mis gaat bij de hervorming van de langdurende zorg. Kamerleden maken zich zorgen over de enorme stijging van de eigen bijdragen die gemeenten heffen, de onzekerheid onder 400.000 cliënten die wachten op een herindicatie, de zorgboerderijen die in grote financiële nood raken doordat de tarieven niet toereikend zijn, zo blijkt bij het debat over de veranderingen in de Wmo/Wlz op 9 september. Ook is er ongerustheid over gemeenten die te weinig geld hebben voor beschermd wonen, overbelasting van mantelzorgers en keukentafelgesprekken die alleen bezuinigingen als insteek hebben.

Kritiek op hervorming langdurende zorg

Fleur Agema (PVV), Renske Leijten (SP) en ook Mona Keijzer (CDA) deinzen er niet voor terug om op de man te spelen. Agema spreekt van 'afbraakbeleid' en voelt zich belazerd, omdat Van Rijn niet inhoudelijk ingaat op de kritiek die de Algemene Rekenkamer heeft geuit op de transitie van de langdurende zorg. Leijten vindt Van Rijn een kille saneerder. Zij mist compassie bij hem en de wil om problemen echt op te lossen. Keijzer verwijt Van Rijn dat hij ouderen opzadelt met een schuldgevoel door hen het idee te geven dat de bezuinigingen hun eigen schuld zijn.

Van Rijn: bezuinigingen onvermijdelijk

Van Rijn verdedigt de bezuinigingen op de lichtere zorg, zoals huishoudelijke zorg en begeleiding. 'Die zijn nodig om de zwaardere zorg voor ouderen bereikbaar en betaalbaar te houden. Daar zal ik voor strijden tot ik een ons weeg.' Moeilijke keuzes zijn volgens Van Rijn dus nodig om de zware zorg uit de wind te houden. In zo'n transitie is het goed het doel van de hele operatie voor ogen te houden: de zorg dichter bij mensen organiseren, houdt Van Rijn de Kamerleden voor. Gemeenten kunnen wat het ministerie van VWS vanuit Den Haag niet kan: een samenhangend pakket van zorg, diensten aan huis, welzijn en wonen bieden aan burgers, zodat zij langer zelfstandig kunnen leven, aldus Van Rijn.

Cao VVT in Wmo

De staatssecretaris krijgt het niet moeilijk tijdens het debat. De oppositie is verdeeld. Bovendien weet hij zich gesteund door de kabinetspartijen VVD en PvdA, die nog altijd over een Kamermeerderheid beschikken. In zijn ogen schetst de kritische oppositie geen reëel beeld van de transitie. Hij wijst erop dat de hervorming van de langdurende zorg een operatie is die zijn weerga niet kent. Dat daarbij fouten worden gemaakt, is in zijn ogen onvermijdelijk. Van Rijn noemt de rechtszaken in de Wmo overbodig en heeft wethouders erop aangesproken om die te voorkomen. Hij gaat gemeenten er ook nog eens op wijzen dat de lonen in de Cao VVT leidend moeten zijn bij de zorginkoop Wmo. 'Van fouten moeten we leren. Waar nodig, stuur ik bij. Goede voorbeelden moeten we in het zonnetje zetten.' Het is volgens hem te vroeg om te oordelen of de fouten bij de invoering te wijten zijn aan weeffouten in het zorgstelsel.

Keukentafelgesprek = minder zorg

Neem nu de keukentafelgesprekken. De bedoeling is dat goed opgeleide professionals met cliënten in gesprek gaan om in te zetten op meer zelfredzaamheid. Maar dat gebeurt niet overal. Kamerleden noemen voorbeelden van gemeenten waar studenten over de vloer komen die in een kwartiertje een vragenlijstje afwerken. De insteek is enkel bezuinigen zonder te kijken wat er echt nodig is. Van Rijn erkent dat dit niet de bedoeling is. Hij zegt een onderzoek toe. Zo komen er ook onderzoeken naar de eigen bijdragen, de knelpunten bij zorgboerderijen, het mantelzorgbeleid bij gemeenten, de financiering van beschermd wonen en de problemen in de palliatieve thuiszorg. Als uit die onderzoeken blijkt dat het anders moet of dat er meer geld nodig is, dan is de staatssecretaris bereid daarnaar te kijken.

Herindicatie

Maar de bezuinigingen gaan niet van tafel. Ook gaat Van Rijn niets doen aan het invoeringstempo. Gemeenten krijgen alleen extra tijd voor de herindicatie voor mensen met een pgb, had hij al voor het debat laten weten. Maar dat uitstel geldt niet voor de honderdduizenden mensen die zorg in natura krijgen en voor 1 januari een nieuwe indicatie nodig hebben. Gemeenten zijn vrij om die indicaties ongewijzigd te verlengen. Maar omdat ze daar geen extra geld voor krijgen en de bezuinigingen doorgaan, snijden ze zichzelf in de vingers. 'Een sigaar uit eigen doos', vindt Leijten.

Transitie langdurige zorg

De AWBZ gaat in delen over naar de Wmo en de Zorgverzekeringswet. Ook de Participatiewet en de Wet jeugdzorg worden gedecentraliseerd. Hoe verloopt deze enorme stelselwijziging?

Eén reactie

  • F. Conijn

    "De bezuinigingen op de lichtere zorg, zoals huishoudelijke zorg en begeleiding, zijn nodig om de zwaardere zorg voor ouderen bereikbaar en betaalbaar te houden", aldus de staatssecretaris.

    Die redenering gaat om drie redenen mank:

    1. In 1980 woonde 48% van de 80-plussers in verzorgingshuizen, in 2010 nog maar 13% (bron: VWS). Deze daling kwam volledig doordat ouderen zelf langer thuis wilden blijven wonen, niet door bemoeilijkte toegankelijkheid. Weliswaar stijgt het absolute aantal 80-plussers, maar dat zou voor een sociaaldemocraat moeten vallen onder de maatschappelijke verantwoordelijkheid t.o.v. ouderen.

    2. De zwaardere zorg voor ouderen, i.c. een plaats in een verzorgingshuis, is nu niet meer bereikbaar voor niet-vermogende ouderen die dat nodig hebben, door het gelijktijdige extramulisatiebeleid.

    3. De bezuinigingen op de lichtere zorg gaan gepaard met massale ontslagen in de thuiszorg. Ik kan me zo voorstellen dat de WW-uitkeringen die die mensen krijgen de bezuinigingen grotendeels teniet doen.

Of registreer u om te kunnen reageren.

Zorgvisie is een uitgave van Bohn Stafleu van Loghum, onderdeel van Springer Media B.V.
Voorwaarden