Exclusief toegankelijk Registreer voor toegang tot Zorgvisie.nl Lees meer

De blinde bestuurder en de leider op de werkvloer

Zo’n 40 procent van de bestuurders van de 150 probleem-verpleeghuizen heeft geen goede ‘kwaliteitsfoto’ van de eigen organisatie.
Bart_450.jpg

Daarmee bedoelt de Inspectie van de Gezondheidszorg dat de bestuurders geen beeld hebben van de kwaliteitsprocessen in de eigen organisatie. Deze bestuurders weten dus niet wat er goed gaat in hun organisatie en waar verbetering nodig is. Dat is bedroevend en onvoorstelbaar. Hoe kunnen die bestuurders sturen op kwaliteit? Hoe kunnen raden van toezicht toestaan dat er blinde bestuurders achter het stuur zitten?

De blinde bestuurder
Deze blinde bestuurders houden zich niet bezig met de dingen die ertoe doen. Ze hebben hun prioriteiten niet goed gesteld en leven wellicht te veel in een bestuurlijke wereld van geld, vastgoed, fusieplannen; losgezongen van de werkvloer. Het gegeven toont maar weer eens aan hoe belangrijk het is dat zorgbestuurders contact houden met het primaire proces. Dat ze zich wekelijks laten zien op de werkvloer. En proberen te begrijpen wat daar gebeurt in het contact tussen de zorgverleners en de uiterst kwetsbare ouderen. Dat ze meedraaien in de weekend- en nachtdiensten en zo uit eigen ervaring weten wat hun medewerkers nodig hebben van de organisatie om goede zorg te verlenen.

Vakmensen op de werkvloer
‘Goede zorg begint bij de vakmensen op de werkvloer. Die moeten lekker in hun vel zitten. De werkgever moet ze goed opleiden en de zorg zo organiseren dat de verzorgenden en verpleegkundigen de ruimte krijgen om te doen wat nodig is.’ Dat zei Anne-Marie van der Linden, oud-bestuurder van verpleeghuis Frankenland, een van de beste verpleeghuizen in Nederland, vorig jaar bij een bijeenkomst van Waardigheid en trots.
Opvallend is dat verpleeghuizen in Nederland te veel leunen op laagopgeleid personeel. Dat constateert Maastricht University in een onderzoek onder leiding van professor Jan Hamers. In de thuiszorg is de trend juist om sterk in te zetten op hbo-wijkverpleegkundigen, die vanuit hun expertise bijdragen aan het instandhouden van de eigen regie van ouderen. Als de organisatie van de complexe dagelijkse zorg te ingewikkeld wordt, dan wordt de zorg overgedragen van de hoogopgeleide wijkverpleegkundigen aan de overwegend laagopgeleide verzorgenden in verpleeghuizen. In slechts iets meer dan de helft van de verpleeghuizen blijkt de hbo-opgeleide verpleegkundige betrokken te zijn bij de dagelijkse zorg. En dan nog heel summier. Per bewoner zijn ze gemiddeld vijf minuten per dag beschikbaar.

De meerwaarde van de verpleegkundige
Dat is opmerkelijk, want professor Cordula Wagner constateerde in 2012 al, in een uitgebreid onderzoek van het Nivel, dat als een verpleegkundige meedraait op de werkvloer, de zorg significant beter wordt. De verpleegkundige overziet de werkprocessen, kan goed coördineren, en medewerkers in de uitvoering aansturen en coachen. Op afdelingen waar geen verpleegkundige werkt in de directe zorg, worden die taken overgelaten aan het afdelingshoofd, maar schieten ze er in de praktijk vaak bij in. Waarom is er zo weinig gedaan met deze aanbevelingen?

Eén reactie

  • Friso Teerink

    Maar 1 % van de medewerkers in onze verpleeg- en verzorgingshuizen is een gediplomeerd verpleegkundige. Deze verpleegkundige is in veel gevallen ook nog manager die met veel kunst en vliegwerk de BIG-registratie kan voortzetten.

Of registreer u om te kunnen reageren.

Zorgvisie is een uitgave van Bohn Stafleu van Loghum, onderdeel van Springer Media B.V.
Voorwaarden