Exclusief toegankelijk Registreer voor toegang tot Zorgvisie.nl Lees meer

‘Effectief wijkteam laat nog jaren op zich wachten’

De ontwikkeling van effectieve sociale wijkteams is complex en zal meerdere jaren in beslag nemen. Dat komt naar voren in een onderzoek van BMC, Platform 31 en de Universiteit Twente onder 26 grotere gemeenten van de G32.
‘Effectief wijkteam laat nog jaren op zich wachten’
Foto: ANP - Olaf Kraak

Het onderzoek 'De vormgeving van sociale (wijk)teams' geeft een tussenstand van de ontwikkeling van sociale teams in gemeenten. De teams krijgen vanaf 2015 de opdracht om de toegang tot zorg anders in te vullen, vernieuwende arrangementen te ontwikkelen en de zorg goedkoper te maken.

Onvoldoende voorbereid

De meeste gemeenten hebben echter nog geen goed beeld van hoe zij het sociale domein in willen richten. Ook op het gebied van financiering en verantwoording bestaan nog veel onduidelijkheden. Bovendien is het de vraag of de voorwaarden die gemeenten aan de teams stellen, daadwerkelijk leiden tot vernieuwingen. De onderzoekers concluderen daarom in het rapport dat veel teams onvoldoende zijn toegerust om de situatie in 2015 aan te kunnen. Zij zien onder andere de volgende knelpunten:

  • De meeste teams zijn gericht op proces en samenwerking. Dat leidt tot resultaten, maar er ontstaat een risico dat de oude manier van werken gehandhaafd blijft. Opvallend is volgens de onderzoekers dat weinig teams de samenwerking zoeken met de nulde lijn (mantelzorg, vrijwilligers en preventie), terwijl dit wel wordt verwacht in 2015.
  • De taken zijn nog onvoldoende afgebakend en er is geen goed zicht op de oude en nieuwe werkwijze. Doordat de overgang geleidelijk is, ontstaat het risico dat de oude werkwijze, structuur en cultuur behouden blijven. De wijkteamleden beschikken nog te weinig over (nieuwe) mogelijkheden om daadwerkelijk in te grijpen, om indicaties anders te stellen en/of nieuwe arrangementen van hulp en begeleiding aan te bieden.
  • Van de gemeente wordt een actieve rol in de aansturing van de teams verwacht. Toch zijn in veel gemeenten de kaders daarvoor nog in ontwikkeling en nog lang niet overal operationeel.

Transitie

De meeste teams zijn net gestart en zitten nog midden in de ontwikkelfase. De onderzoekers stippen aan dat zorgbestuurders hun verwachtingen bij moeten stellen als het gaat om de effectiviteit van de teams. Het is voorlopig niet mogelijk om de sociale – en kostenstructuur in een jaar volledig te vervangen. 'Er is meer tijd en inzet nodig dan de periode tot 1 januari 2015 om de noodzakelijke verandering van de sociale infrastructuur teweeg te brengen. Dat betekent dat we gemeenten adviseren om voor 2015 uit te gaan van een situatie, waarin de sociale teams niet in alle gevallen in staat zijn om de rol van vliegwiel in de verandering volledig in te vullen. De rol die zij wel kunnen vervullen, zal per stad en mogelijk per team verschillen', menen de onderzoekers. Mogelijk moeten de huidige kennis en structuren voor een deel van de taken in 2015 ingezet blijven worden. De onderzoekers adviseren gemeenten om een transformatieplan op te stellen voor de sociale infrastructuur.

Koplopers

Binnen het onderzoek worden koplopers genoemd. Dat zijn: Enschede, Leeuwarden, Zaanstad, Utrecht en Eindhoven. Zij hebben een integrale werkwijze met weinig bureaucratie, laten de eigen regie bij de burger, schakelen de omgeving in bij problemen, werken preventief en zijn zichtbaar in de wijk. Zij werken via het principe: één gezin, één plan, één hulpverlener. De hulpverleners binnen de sociale (wijk)teams zijn generalisten die problemen op verschillende domeinen kunnen overzien en aanpakken. Het zijn professionals met een nieuwe functieomschrijving: het beroep van de integrale sociaal werker. Juist het integrale werken zorgt voor afbakening en voorkomt knelpunten. De onderzoekers noemen daarbij een huishouden met zware of complexe problematiek. Daarbinnen is alles voortdurend in beweging. Zonder overkoepelende aanpak gaat er veel tijd verloren omdat zorgmedewerkers zicht verliezen op de vorderingen of elkaar tegenwerken.

Toegevoegde waarde

Tim Robbe, adviseur voor gemeenten over de transitie, komt tot een soortgelijke conclusie. Hij stelt dat het grootste probleem van de zorghervorming is dat 'we nog niet goed begrijpen wat en hoe we moeten veranderen'. Volgens Robbe is te veel beleid dat nu wordt uitgevoerd, marginaal getoetst. 'Alles is gericht op de wijkteams, maar er zijn alleen nog pilots mee gedaan. Ik denk dat in de meeste wijken het wijkteam geen toegevoegde waarde heeft. Omdat er te weinig problemen zijn of de sociale infrastructuur ontbreekt.'

Transitie langdurige zorg

De AWBZ gaat in delen over naar de Wmo en de Zorgverzekeringswet. Ook de Participatiewet en de Wet jeugdzorg worden gedecentraliseerd. Hoe verloopt deze enorme stelselwijziging?
Bekijk het dossier

6 reacties

  • bresker

    Brakman, vooral clubs als MEE zouden een toontje lager moeten zingen, vooral als ik in vakatures voor zgn. managers zie staan : U moet op zoek naar nieuwe markten.

  • het kan beter

    Prachtige taal - Prachtige adviezen! Het feit is zolang de uitkeringen voorzien in onafhankelijk opstelling naar de maatschappij zal er weinig beweging tot stand komen in de samenleving. Wie niets hoeft te doen voor inkomen zoekt zijn heil achter de graniums!
    Ons verlaten en hopen op inspanning vanuit gemeenten slaat de plank helemaal mis. De ambtenaar en de politiek praat wel maar beweegt van nauwelijks anno 2014. Praatjesmakers die goed voor zich zelf zorgen!

  • IKKE

    klopt Coebergh zelf. En die wijkverpleegkundigen kenden hun wijk; waren GOED opgeleid en betaald. Opgedoekt voor veel administratie gedoe minder zorg en uiteindelijk veel duurder nu blijkt te duur. Dus terug naar de oude goed opgeleide zelfstandig werkende wijkverpleegkundige met toevoeging van nieuwe ict technieken

  • Qzo

    Eindelijk een nuchtere vaststelling dat de (sociale) wijlkteams niet de voorspelde haarlemmerolie zijn. Eerder is vastgesteld dat regie, visie en sturing en ook begeleidend wetenschappelijk onderzoek (vooral naar procesgang) nodig zijn voor deze helse samenwerkingsklus om de beoogde resultaten te halen en successen te kunnen extrapoleren. Maar in Nederland kiezen we liever voor 'alle bloemen laten bloeien' om vervolgens niet te kiezen voor het systeem dat de meeste waarde toevoegt aan de kwaliteit van leven van de cliënten.

  • Coebergh zelf

    Volgens mij was er 30 jaar geleden in grote delen van het land effectieve wijkverpleegkundige zorg vanuit de toenmalige kruisverenigingen met aparte verpleegkundigen voor o.a. de reuma en kankerzorg (hier en daar) Die heeft de politiek toen (jaja, ook het CDA) in organisatorische, tijdschrijvende thuiszorgmonstra met modern management laten opgaan. Patienten werden niet zo oud en konden toen wel gemakkelijker veel langer in het veel goedkopere, kleinschalige ziekenhuis verblijven en sterven en werden niet zo oud. Maar de lijnen waren even kort als er vakvrouwschap was. Aan de vakvrouwen werd nooit wat gevraagd. Als die ''Over U en zonder U'' stijl eens plaatsmaakt voor ''management by walking around'' zou er al veel gewonnen zijn. En zg inkopers (die meestal weinig verstand van zorg hebben) zich mogen ontpoppen tot keurige betaalmeesters.

  • PETERB

    Als alles nu al perfect zou zijn, dan zou er sprake zijn van een wonderbaarlijke transitie en transformatie. Juist wanneer we de maatschappelijke ondersteuning van burgers duurzaam willen verbeteren in (jeugd)zorg, arbeidsparticipatie en inclusie, moeten we onszelf als samenleving een beetje de tijd gunnen. Conclusies dat gemeenten het nu al op orde hebben, moeten niet te snel worden getrokken. Kunnen burgers die snelle transitie wel bijbenen? Misschien is het zaak om met elkaar de zaak eerst eens een beetje te onthaasten en tijd te nemen om funderende principes te borgen. Investeren in kennisontwikkeling en innovatie is daarbij de belangrijkste katalysator voor vernieuwing en verandering. Het bevorderen Inclusie en kwaliteit van bestaan vergt lange adem en het zorgvuldig in kaart brengen van ondersteuningsbehoefte van burgers. Daarna meten of de geboden ondersteuning ook daadwerkelijk effect sorteert en duurzaam bijdraagt aan het op eigen benen staan. Als de koplopers-gemeenten dat straks ook laten zien, zijn we op de goede weg. Peter Brakman, bestuurder MEE Zeeland

Of registreer u om te kunnen reageren.

Zorgvisie is een uitgave van Bohn Stafleu van Loghum, onderdeel van Springer Media B.V.
Voorwaarden