Inspectie worstelt met inbreng ervaringsdeskundige

De IGJ heeft moeite om de input van ervaringsdeskundigen bij het toezicht op de kwaliteit van zorg in verpleeghuizen te verwerken. Dat blijkt uit een Kamerbrief van minister De Jonge van VWS.
verpleeghuizen verpleeghuiszorg oudere
Foto: Adobe Stock / Ingo Bartussek

In de zomer van 2017 zette de inspectie tijdens een pilot in totaal zeven ervaringsdeskundigen in bij het risicotoezicht op twintig verpleeghuizen. Twee ervaringsdeskundigen gingen mee met de inspecteurs tijdens een reguliere inspectie van een verpleeghuis. De ervaringsdeskundigen zijn geworven via Patiëntenfederatie Nederland en geselecteerd op motivatie, vitaliteit en mobiliteit. Zij interviewden bewoners en maakten observaties van de huizen. Van de inspectie kregen ze een ‘semi-gestructureerde thematische focus’ mee. De centrale vraag van de pilot was of de ervaringsdeskundigen een aanvullende blik konden bieden in het toezicht.

Hetzelfde oordeel

Het onderzoeksinstituut Erasmus School of Health Policy and Management (ESHPM) publiceerde een rapport over de pilot (zie ook de samenvatting onderaan dit artikel). Hoewel de ervaringsdeskundigen zelf en ook de zorgaanbieders de pilot als positief en waardevol hebben ervaren, constateert de onderzoeker van het ESHPM dat de ervaringsdeskundigen geen wezenlijk ander oordeel lijken te geven dan de inspecteurs. Deze uitkomst heeft de inspectie besproken met Patiëntenfederatie Nederland, ActiZ en LOC. In de Kamerbrief staat: ‘Hieruit is naar voren gekomen dat ervaringsdeskundigen wel degelijk een waardevolle, aanvullende blik kunnen hebben op de zorg’ en dat zij betrokken kunnen worden bij het opzetten of evalueren van toezichttrajecten, bijvoorbeeld meedenken met het maken van toezichtinstrumenten.

Anders

Maar het moet dus wel op een andere manier. Volgens de minister moet de manier waarop de betrokkenheid van de ervaringsdeskundigen bij het toezicht is vormgegeven anders. Bovendien heeft de inspectie een nieuwe toezichtinstrument waarmee de inspectie zelf ook al meer observerend toezicht uitoefent. De inspectie neemt het cliëntperspectief nu expliciet mee door ruimte te geven aan gesprekken met bewoners en observaties in de huiskamer van de instellingen.

Waardevol

‘Het zou kunnen dat de ervaringsdeskundigen zo goed zijn getraind door de inspectie’, zegt een woordvoerder van Patiëntenfederatie Nederland, ‘dat ze de bril van de inspecteurs hebben opgezet en daardoor hun vreemde blik hebben verloren. Wij vinden dat ervaringsdeskundigen of patiënten wel degelijk een waardevolle inbreng hebben. Kijk maar naar de inbreng op ZorgkaartNederland.’

Zonder stramien

Ook ActiZ denkt dat ervaringsdeskundigen kunnen helpen de zorg te verbeteren. ‘We vinden het fijn dat de inspectie nu breder dan met afvinklijstjes kijkt of de cliënt tevreden is’, zegt een woordvoerder. ‘Maar in dit geval hebben de ervaringsdeskundige en de inspectie op dezelfde manier gekeken. De ervaringsdeskundige kan wel degelijk een toegevoegde waarde hebben, maar dan moeten ze wel zonder stramien werken.’

Liefdevolle zorg

Volgens ActiZ moet de inspectie gevolg geven aan het begrip ‘liefdevolle zorg’. Daarom is gekozen om ervaringsdeskundigen te betrekken bij de bezoeken. ‘Het is een moeilijke situatie voor de inspectie, want wat liefdevol is, is voor iedereen anders. Hoe geef je dat een goede invulling?’

Vervolg

De inspectie gaat nu als vervolg op de pilot verkennen hoe ervaringsdeskundigen het beste betrokken kunnen worden bij het opzetten van toezichtinstrumenten. In de loop van het jaar komt de inspectie met een voorstel.

Samenvatting

Toezicht, ervaring en deskundigheid: een evaluatie van de inzet van ervaringsdeskundigen in het toezicht op de ouderenzorg

In twintig verpleeghuizen heeft de inspectie ervaringsdeskundigen ingezet om het cliëntenperspectief te onderzoeken. De verwachting van de pilot was dat ervaringsdeskundigen een aanvullende blik kunnen bieden in het toezicht doordat ze zicht kunnen geven op de kwaliteit van leven van cliënten en de kwaliteit van zorg.

Twee ervaringsdeskundigen hebben inspecteurs vergezelt tijdens reguliere inspecties in een verpleeghuis. De ervaringsdeskundigen zijn geworven via Patiëntenfederatie Nederland en geselecteerd op motivatie, vitaliteit en mobiliteit. Zij interviewden bewoners en maakten observaties van de huizen. Van de inspectie kregen ze een ‘semi-gestructureerde thematische focus’ mee.

Ervaringsdeskundigen hebben het voordeel makkelijk in gesprek te komen met bewoners. De bewoners van de verpleeghuizen zijn dan ook openhartig en positief over de gesprekken. Voor de inspecteurs was het moeilijk om de informatie die de ervaringsdeskundigen hadden gewonnen, te verwerken in hun rapportage. Dit had te maken met het nieuwe toetsingskader voor de V&V. De bezoeken met de ervaringsdeskundigen kostten de inspecteurs ook meer tijd.

De data van de ervaringsdeskundigen is op verschillende manieren mogelijk beïnvloed. Ten eerste moesten de inspecteurs de informatie van de ervaringsdeskundigen checken, waardoor de anonimiteit van de bewoners richting het verpleeghuis onder druk is gezet. Ook is de data beïnvloedt door de ervaringsdeskundigen zelf omdat de focus lag op taal, op interviews. Daardoor was er alleen aandacht voor de bewoners in de somatiek. Hier zijn de bewoners het beste aanspreekbaar. Volgens de onderzoeker is het haalbaar om ervaringsdeskundigen in te zetten in de somatiek, maar in de psychgeriatrie moeten ervaringsdeskundigen meer aandacht voor observaties krijgen. De ervaringsdeskundigen hadden vooraf aan het bezoek ook verwachtingen over de zorg. Vooral het manifest van Hugo Borst en Carin Gaemers werd vaak genoemd.

De informatie van de ervaringsdeskundigen is door de toezichthouder gebruikt om de ‘persoonsgerichte zorg’ te toetsen. De ervaringsdeskundigen zijn gaan denken, zoals de inspectie denkt. In het rapport staat: ‘De ervaringsdeskundigen lijken zo eerder ‘meer’ ogen en oren tijdens een bezoek te zijn dan een geheel ‘vreemde blik’ te bieden.’ De ervaringsdeskundigen hebben gestreefd naar objectiviteit, omdat de inspectie zo ook werkt. De praktische wijsheid van ervaringsdeskundigen is daardoor weinig naar voren gekomen tijdens de pilot. De inspectie zelf werkt sinds kort met een nieuw toetsingskader waarin ook al meer wordt gekeken vanuit het perspectief van de cliënt. De twee perspectieven zijn tijdens het project eigenlijk naar elkaar toe gegroeid.

De onderzoeker doet een aantal aanbevelingen, zoals ervaringsdeskundigen eerder in het traject betrekken omdat ze zo mee kunnen denken over onderwerpen waarover gesproken kan worden. Aan de andere kant vraagt de onderzoeker zich af of het wel de taak is van de IGJ om de inzet van ervaringsdeskundigen te organiseren. De inspectie kan er ook op toezien dat zorgaanbieders het cliëntperspectief een rol geven in het kwaliteitsbeleid. Toch kunnen ervaringsdeskundigen waardevol zijn voor de inspectie. Ze kunnen, als goed over de inzet en organisatie wordt nagedacht, een ‘vreemde blik’ werpen op het werk van de inspectie.

Lees ook het hele rapport: Toezicht, ervaring en deskundigheid: een evaluatie van de inzet van ervaringsdeskundigen in het toezicht op de ouderenzorg

Als u dit rapport leest weet u meer over hoe de inspectie ervaringsdeskundigen heeft ingezet om de V&V sector te inspecteren.

1 REACTIE

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet u ingelogd zijn. Heeft u nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.