‘Miljard besparing is uit de lucht gegrepen’

[Exclusief] Minister Edith Schippers van VWS verwacht dat de aanpassing van artikel 13 van de Zorgverzekeringswet een miljard euro oplevert, omdat verzekeraars hun verzekerden makkelijker kunnen sturen. Gezondheidseconoom Erik Schut heeft zijn twijfels.
‘Miljard besparing is uit de lucht gegrepen’
Foto: Levien Willemse

Wat gaat het zorgakkoord betekenen?

‘Voor mij blijft het redelijk vaag wat er nu precies is afgesproken, want ik heb nog nergens een tekst gezien over de inhoud van het akkoord. Als ik het goed begrijp, gaat het om een afzwakking van het oorspronkelijke wetvoorstel van Schippers want de vijf politieke partijen hebben kennelijk afgesproken dat  de eerstelijnszorg hiervan wordt uitgezonderd. Ik neem dus aan dat voor de eerstelijnszorg het hinderpaalcriterium blijft bestaan. Maar juist de eerstelijnszorg is doorgaans veel minder duur dan de tweedelijnszorg, waarvoor het hinderpaalcriterium vervalt en de vergoeding naar nul mag worden teruggebracht.’

 

Volgens Schippers kunnen zorgverzekeraars met de nieuwe budgetpolis verzekerden beter sturen.

‘De vraag is of dat echt gaat gebeuren. Verzekeraars bieden al budgetpolissen aan waarin verzekerden alleen naar een beperkte groep ziekenhuizen mogen. Deze polissen bieden voor niet-gecontracteerde zorg meestal een vergoeding die varieert tussen 60 en 80 procent. Maar die polissen zijn slechts onder een kleine groep verzekerden populair. Daar kiezen alleen jonge gezonde mensen voor, omdat die vrijwel nooit naar een ziekenhuis gaan. Veruit de meeste mensen kiezen voor een naturapolis waarbij vrijwel alle zorgaanbieders worden gecontracteerd.

Ik verwacht dat dit akkoord alleen voor de curatieve ggz gevolgen zal hebben. Daar ging ook de recente rechtszaak over de minimumvergoeding van niet-gecontracteerde zorg over. Zorgverzekeraar CZ wilde niet meer dan 50 procent vergoeden voor dure verslavingszorg in Zuid-Afrika. De rechter bepaalde echter dat dit minimaal 75 procent moest zijn. Maar voor ziekenhuizen ligt het anders. Als je dertig procent van een ziekenhuisrekening uit eigen zak zou moeten betalen, dan gaat dit meestal om forse bedragen. Daar deinzen veel verzekerden voor terug. Zolang zorgverzekeraars er niet in slagen om verzekerden goed uit te leggen waarom ziekenhuis A beter is dan ziekenhuis B lijkt het mij onwaarschijnlijk dat ze de kosten van ziekenhuis B helemaal niet meer vergoeden. Ze lijden reputatieschade als ze verzekerden met de volledige rekening confronteren. Verzekeraars slagen er nu al niet in om een naturapolis te verkopen waarin de vergoeding zeventig procent is van de ziekenhuisnota. Dan is het niet waarschijnlijk dat ze een extremere variant, waarin de vergoeding nul procent is, wel succesvol is. Ik ben dan ook niet zo bang voor een race naar de bodem, waar Chris Oomen van zorgverzekeraar DSW voor vreest.’

 

Misschien dat meer mensen voor de budgetpolis kiezen als die veel goedkoper wordt?

‘Maar hoe zouden zorgverzekeraars dat dan moeten realiseren? In de eerste plaats moeten ze bij ziekenhuizen een forse korting realiseren op dbc-prijzen. Die moeten ze vertalen in een korting op hun premie. Dan moet een groot aantal mensen voor die polis kiezen. Bovendien moeten dit niet alleen gezonde mensen zijn want die maken weinig zorgkosten en dan levert de prijskorting weinig besparing op. Dat lijkt mij allemaal erg onwaarschijnlijk. Hoe moeten ziekenhuizen opeens veel goedkopere zorg gaan leveren? Als ze op een grote groep patiënten een korting accepteren, dan lijden ze verlies. Dat kunnen ze alleen compenseren door de kosten elders te verhogen. Ik zie niet goed in hoe dit zorgakkoord forse besparingen zal leiden. In elk geval zal het geen besparing van 1 miljard euro opleveren, een bedrag dat regelmatig genoemd wordt maar waarvan overigens onduidelijk is waarop dit is gebaseerd. Het lijkt mij uit de lucht gegrepen.’



Heeft dit te maken met een beperking van grensoverschrijdende zorg?

‘Dat lijkt mij niet waarschijnlijk, althans niet voor ziekenhuiszorg. Het zijn vooral mensen uit Zeeland en Noord-Brabant die voor zorg de grens overgaan. Die mensen zullen niet gauw een budgetpolis kiezen die dat verbiedt.’



Tegenstanders van de wetswijziging stellen dat verzekeraars te veel macht krijgen en dat nieuwkomers op de markt geen kans meer krijgen.

‘De zorg dat vier grote zorgverzekeraars met negentig procent van de markt wel een erg sterke machtspositie hebben, deel ik. Als er voldoende concurrentie is, dan zouden verzekeraars altijd een prikkel moeten hebben om in zee te gaan met nieuwe aanbieders die een beter product maken tegen een lagere prijs. Wanneer er voor nieuwe innovatieve en efficiëntere zorgaanbieders geen contract is, is dat zorgelijk, maar ik weet niet of dit het geval is. Wel vind ik het verbazingwekkend hoe klakkeloos verzekeraars instemmen met fusies van ziekenhuizen. Daarbij ontstaan machtsposities waar ze last van hebben. Dat ze hier geen probleem mee hebben wekt de indruk dat ze een spel spelen van ons-kent-ons waarbij grote partijen alleen zaken doen met elkaar en achterover leunen.’



Hoe valt dit te voorkomen?

‘De Autoriteit Consument en Markt (ACM) en de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) moeten  strenger toezien op het ontstaan en misbruik van machtsposities. De ACM moet ziekenhuisfusies veel kritischer beoordelen, dat heb ik al vele malen gezegd. Verder moeten de ACM en NZa ook heel alert reageren op signalen van kartelgedrag en misbruik van inkoopmacht bij zorgverzekeraars. Zo’n signaal kan bijvoorbeeld zijn dat zorgaanbieders die beter en goedkoper zorg lijken te bieden toch geen contract krijgen. Wanneer er sprake is van aanmerkelijke marktmacht (AMM), kan de NZa een verzekeraar bijvoorbeeld verplichten om met zo’n zorgaanbieder een overeenkomst aan te gaan.’

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.