Basisset blijkt krachtig maar complex instrument voor kwaliteitsverbetering

Elk jaar komt de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) met een nieuwe Basisset Medisch Specialistische Zorg. Deze set van indicatoren komt steeds tot stand in overleg met medische en verpleegkundige beroepsverenigingen (FMS, V&VN) en vertegenwoordigers van de ziekenhuizen (NVZ en NFU). De Basisset bestaat sinds 2002 en is sindsdien uitgegroeid tot een krachtig instrument voor kwaliteitsverbetering. Tegelijkertijd is het proces rond de basisset complex en continu aan discussie onderhevig.
RAPPORT

Dat blijkt uit onderzoek van

Premium

Wilt u dit artikel lezen?

U heeft helaas geen geldig abonnement op dit account. Neem een proefabonnement of sluit een abonnement af om dit artikel te kunnen lezen.


  • Onbeperkt alle premium artikelen en rapporten lezen
  • Online de artikelen uit het magazine lezen

Al abonnee? Log dan in

Rapport informatie

Rapport naam:
Onderzoek naar risicoselectie met de basisset kwaliteitsindicatoren ziekenhuizen: op weg naar verantwoorde keuzes
Sector:
Ziekenhuis
Soort:
Onderzoek / Wetenschap
Afkomst:
VUmc/APH, IQ healthcare, ESHPM en IGJ
Auteur:
Iris Wallenburg, Tanja Mol, Mirjam Harmsen, Martine de Bruijne
Aantal pagina’s:
77
Verschijningsdatum:
23 januari 2019
Samenvatting:

Dit onderzoek geeft inzicht in het besluitvormingsproces tussen de veldpartijen en de IGJ over de selectie van indicatoren in de basisset ziekenhuizen. Het geeft ook handvatten om dit bij toekomstig toezicht te kunnen onderbouwen. De volgende vragen staan centraal: Hoe worden risico’s in de ziekenhuiszorg geïdentificeerd? Hoe worden de daarbij passende indicatoren voor de basisset ziekenhuizen geselecteerd ten behoeve van toezicht en kwaliteitssturing? Wat is daarbij de rol van de IGJ en de veldpartijen?

Positief beloop

De meeste indicatoren (85%) in de basisset laten een positief beloop in de tijd zien, waarbij de grootste verandering meestal in het eerste jaar (58%) of het tweede jaar (23%) plaats vindt. Van de indicatoren die deel uitmaakten van de basisset 2014 hebben anno 2016 50% hun doel behaald, dat wil zeggen dat 95% van de ziekenhuizen de norm heeft gehaald. Voor 28% procent was dit al na een jaar het geval. De indicator verdwijnt vervolgens uit de basisset of wordt doorontwikkeld.

Verschillende doelstellingen

In de Basisset zijn verschillende doelstellingen verenigd. De IGJ wil een continu kwaliteitsproces in beweging brengen en houden. Het opwekken en vasthouden van een gevoelde urgentie om kwaliteit te verbeteren overstijgt een enkele indicator. De wetenschappelijke verenigingen en verpleegkundige afdelingen zijn daarentegen vooral gericht op ‘hun’ indicator en het verbeteren van dat betreffende zorgaspect.

Urgentie

De afgelopen jaren is de aandacht verschoven van handhaving naar kwaliteitsverbetering. De indicatoren lijken daarmee te zijn ontwikkeld tot strategische instrumenten om een bepaald gedrag te realiseren. De IGJ hecht aan het openbaar maken van de kwaliteitsinformatie die via de Basisset wordt opgehaald. Voor bestuurders vergroot dat de urgentie om de set serieus te nemen. Maar de openbaarmaking maakt de wetenschappelijke verenigingen en verpleegkundige afdelingen terughoudend in het ontwikkelen van meer risicovolle indicatoren. Dat  is veelal uit angst dat die een minder rooskleurig beeld kunnen geven.

Doorzettingsmacht

Dat de IGJ en de veldpartijen de Basisset samen ontwikkelen heeft voor- en nadelen. Een belangrijk voordeel is het draagvlak dat ermee wordt gecreëerd bij de ziekenhuizen en zorgverleners; het zijn immers hun eigen vertegenwoordigers die de indicatoren opstellen. Een nadeel kan zijn dat de IGJ haar doorzettingsmacht slechts met mate kan gebruiken, omdat dit niet past bij de horizontale overlegstructuren. Dit maakt dat veldpartijen om de spreekwoordelijke hete brij heen kunnen draaien.

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet u ingelogd zijn. Heeft u nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.