Informatievoorziening nazorg (ex-)kankerpatiënten schiet te kort

Mensen die leven met of na kanker, kampen na de behandeling nog lang met klachten. Patiënten worden vaak niet verwezen naar passende, ondersteunende zorg. Dit kan alarmerende gevolgen hebben voor zowel de patiënt als de gehele maatschappij. Dat blijkt uit een nieuw rapport van de UvT, het IKNL, en NFK.
Mensen die leven met of na kanker, kampen soms met psychische klachten. Goede informatievoorziening over ondersteunende zorg, bijvoorbeeld door een psycholoog, is daarom nodig.
RAPPORT

Meer dan 800.000 mensen leven

Premium

Wilt u dit artikel lezen?

U heeft helaas geen geldig abonnement op dit account. Neem een proefabonnement of sluit een abonnement af om dit artikel te kunnen lezen.


  • Onbeperkt alle premium artikelen lezen
  • Online de artikelen uit het magazine lezen

Al abonnee? Log dan in

Rapport informatie

Rapport naam:
Kankerzorg in beeld. Over leven met en na kanker.
Sector:
Overig
Soort:
Onderzoek / Wetenschap
Afkomst:
Integraal Kankercentrum Nederland
Auteur:
Nicole Ezendam, Kelly de Ligt, Simone Oerlemans, Miranda Velthuis
Aantal pagina’s:
106
Verschijningsdatum:
24 april 2019
Samenvatting:

In 2017 kregen in Nederland 110.000 mensen de diagnose kanker. Hun vijfjaarsoverleving is gestegen door eerdere ontdekking en betere behandelingen. Er zijn zowel mensen die kanker krijgen, maar ook veel mensen die langdurig met deze ziekte leven. In 2017 leefden er in Nederland 370.000 mensen die in de vijf jaar daarvoor de diagnose kanker kregen. Door de vergrijzing neemt dit aantal toe.

Mensen die leven met of na kanker kunnen ingrijpende, soms blijvende gevolgen ervaren van hun ziekte en de daarbij horende behandeling. Voorbeelden zijn: ernstige vermoeidheid, neuropathie, depressie, angstklachten, verminderde zin en plezier in seks. Ook hun deelname aan de maatschappij wordt negatief beïnvloed. Denk aan toekomstverwachtingen, studies, betaald werk of vrijwilligerswerk, een hypotheek afsluiten en sociale participatie.

Uit ‘Kankerzorg in beeld’ blijkt dat twee van de drie overlevenden aangeeft tevreden te zijn met de informatie die ze kregen. Maar over ondersteunende zorg voor de gevolgen van kanker en de behandeling ontvingen zij juist weinig informatie.

Bij de meeste kankerdiagnoses blijkt het aantal patiënten dat behandeld is met een vorm van ondersteunende zorg onder de door de Danish Cancer Society geschatte 30 procent te liggen. Dit is onder meer te wijten aan onbekendheid en problemen met de vindbaarheid en vergoeding van ondersteunende zorg.

Nazorg vindt vooral plaats door de medisch specialist in de kliniek. Daar wringt de schoen. Want nazorg kost tijd: het zit de medisch technische zorg in de behandelfase in de weg. Dit vraagt om aanpassingen in de organisatie van zorg. Taken kunnen bijvoorbeeld anders worden verdeeld tussen bijvoorbeeld de medisch specialist, verpleegkundig(e) specialist en de huisarts.

Uit dit rapport blijkt dat er draagvlak is onder (ex-)patiënten om taken te verplaatsen van de medisch specialist naar de verpleegkundige of de huisarts, al dan niet met ondersteuning van praktijkondersteuners of verpleegkundigen in een huisartsenpraktijk of in de wijk.

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet u ingelogd zijn. Heeft u nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.