Exclusief toegankelijk Registreer voor toegang tot Zorgvisie.nl Lees meer

Tijd om de AWBZ te fileren

De AWBZ in de huidige vorm voldoet niet meer. Maar of deze volksverzekering helemaal moet verdwijnen, daar zijn de meningen over verdeeld. Dat bleek tijdens het medio mei in Den Haag gehouden ZorgVisiecongres “Het einde van de AWBZ?”

De AWBZ heeft zijn langste tijd gehad. Daar zijn de Raad voor Volksgezondheid en Zorg (RVZ) en het College voor Zorgverzekeringen (CVZ) het met elkaar over eens. Want de volksverzekering voor onverzekerbare zorg is ‘vervuild’ met allerlei vormen van zorg die wel degelijk verzekerbaar zijn. De AWBZ belemmert ook de vermaatschappelijking en schotten tussen de AWBZ en enerzijds de Zorgverzekeringswet en anderzijds de Wet Maatschappelijke Ondersteuning (WMO) leiden tot allerlei afwentelingsmechanismen. Bovendien wil het met de kostenbeheersing binnen de AWBZ ook niet zo lukken.
Modernisering van de AWBZ biedt geen soelaas, aldus Margrietha Wats, adjunct algemeen secretaris van de RVZ. Het is tijd om de AWBZ te “fileren”. Plaatsvervangend voorzitter Romke van der Veen van CVZ vraagt zich wel af of de basisverzekering een grootscheepse overheveling van AWBZ-zorg kan bolwerken. Komt daarmee het verzekeringskarakter niet onder druk te staan, zo vraagt hij zich af. En zijn kleinere gemeentes wel in staat om de WMO uit te voeren?
De twijfels over de rol van de gemeentes worden gedeeld door Michiel Wesseling, beleidsmedewerker van artsenorganisatie KNMG. Volgens de KNMG mag de zorg voor verstandelijk gehandicapten en chronisch psychiatrische patiënten niet overgeleverd worden aan de politieke besluitvorming van de gemeentes. En binnen de Zorgverzekeringswet, met zijn marktwerking, horen deze kwetsbare mensen ook niet thuis, aldus Wesseling. De KNMG vindt daarom dat de AWBZ voor deze groep patiënten gehandhaafd moet blijven.
De Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) is het daar natuurlijk niet mee eens. Volgens directielid Wim Kuiper is het vanuit het perspectief van de burger gezien alleen maar logisch om de rol van de gemeentes in de zorg te versterken. Want de zorg voor ouderen, gehandicapten en psychiatrische patiënten begint in de wijk. De WMO sluit ook prima aan op wat de gemeentes al doen op het gebied van welzijnswerk. Kuiper kan ook Van der Veen van CVZ geruststellen. Door centrumgemeentes de WMO te laten uitvoeren, zadel je de kleine gemeentes niet op met een te zware taak.
Anton Westerlaken, bestuursvoorzitter van ’s Heeren Loo, valt Kuiper bij: “Als we de gemeentes niet vertrouwen, dan vertrouwen we ons zelf niet. Want wij vormen zelf, via de lokale democratie, de gemeentes.”
Maar hoe noodzakelijk is het dat de AWBZ op de schop wordt genomen? Dat vraagt Peter van Lieshout, lid Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) zich af. De wachtlijsten zijn inmiddels verdwenen en de stijging van de kosten is afgevlakt. De vraag is volgens Van Lieshout dan ook hoe hoog de AWBZ op het prioriteitenlijstje staat bij een volgende kabinetsformatie. Niet hoog, schat hij in. Zaken die volgens hem wel aangepakt moeten worden zijn het scheiden van wonen en zorg, het aanscherpen van de relatie zorgverzekeraar en zorgaanbieder en het dreigend personeelsprobleem in de zorg.
En de zorgaanbieders zelf? Wat vinden die? Ook daar blijken de meningen verdeeld. Zowel volgens Arcares als de Vereniging Gehandicpatenzorg Nederland (VGN) is er nog heel veel mogelijk binnen de AWBZ. Wat GGZ Nederland betreft gaat de gehele ggz echter over naar de Zorgverzekeringswet. Al denkt daar Hans Goeman, bestuurder van Ribw Nijmegen & Rivierenland anders over. Hij is voorlopig voor handhaving van de AWBZ.
Ook wat Martin Bontje betreft, directeur van Zorgverzekeraars Nederland, blijft de AWBZ gehandhaafd. De zorg voor verstandelijk gehandicapten en chronisch psychiatrische patiënten moet verzekerd zijn. Maar niet in de private sfeer van de Zorgverzekeringswet maar in de publieke sfeer van de AWBZ.
Typisch Nederlands, vindt Anton Westerlaken: eerst zeggen dat de AWBZ niet deugt en als men vervolgens de boel wil opheffen roepen dat dat niet mag gebeuren. Wat hem betreft is de conclusie helder: handhaaf je de AWBZ dan gaat dat ten koste van een kleine groep van kwetsbare mensen binnen de AWBZ. Want dan moet er vroeg of laat bezuinigd worden. Hij is dan ook voor het advies van de RVZ, waar hij toevalligerwijs ook lid van is, om de AWBZ op te heffen. “We moeten nu doorpakken in plaats van pappen en nathouden.”(MGi)

Administrator

Of registreer u om te kunnen reageren.

Zorgvisie is een uitgave van Bohn Stafleu van Loghum, onderdeel van Springer Media B.V.
Voorwaarden