Artikel bewaren

U heeft een account nodig om artikelen in uw profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
Reacties2

Opinie | Het fundament van zorgbekostiging is stuk

De oproep van zorgprofessionals is helder: ontwikkel een bekostigingsmodel dat samenwerking en preventie beter faciliteert. Deze discussie raakt echter aan een fundamentelere vraag: waarom organiseren we ondersteuning primair via indicatiestelling?
Eigen archief

Uit de recente Zorgvisie-peiling blijkt dat een grote meerderheid van de zorgprofessionals van mening is dat de huidige bekostigingssystematiek onvoldoende aansluit bij de ambities rond passende, integrale en preventieve zorg. De versnippering van financiering leidt tot verkokering, administratieve lasten en een sterke nadruk op rechtmatigheid in plaats van op gezondheid en welzijn.

Indicatiestelling als toegangspoort

In het huidige stelsel is de indicatiestelling onlosmakelijk verbonden met de wijze waarop zorg en ondersteuning worden bekostigd. Juist daardoor is zij uitgegroeid tot de belangrijkste toegangspoort tot ondersteuning. Dit mechanisme kent grote nadelen:

  1. Het herdefinieert het dagelijks leven als een zorgprobleem
    Indicaties labelen mensen als “zorgbehoevend”, terwijl veel vragen eigenlijk gaan over welzijn, eenzaamheid of ondersteuning. Indicatiestelling maakt van een ondersteuningsvraag eerst een zorgvraag, voordat gehandeld kan worden. Het etiketteert zorg en creëert aanspraken
  2. Verkeerde prikkels
    Omdat financiering gekoppeld is aan een indicatie, beloont het stelsel escalatie in plaats van preventie. Het is de omgekeerde wereld: een zware indicatie opent de deur naar intensieve en kostbare behandeltrajecten, terwijl lichte ondersteuning thuis administratief ingewikkeld te regelen is. We financieren de achterkant, terwijl we als samenleving juist het meeste profijt zouden hebben van die vroege, laagdrempelige hulp aan de voorkant.
  3. Administratieve belasting en vertraging
    Indicatiestelling, herindicaties en verantwoording vragen te veel tijd en capaciteit van professionals. Dit zorgt voor vertraging, terwijl ondersteuningsbehoeften in de praktijk juist dynamisch zijn
  4. Fragmentatie tussen domeinen
    De verschillende wettelijke kaders (Wlz, Wmo en Zvw) hanteren elk eigen toegangscriteria. Dit draagt bij aan versnippering van zorg en ondersteuning.

Naar een ander organisatiemodel

De vraag is niet hóé we anders moeten organiseren; daarvan biedt de praktijk al genoeg goede voorbeelden met passende zorg en regionale netwerken. De opgave is om de bekostiging daarop te laten aansluiten. Gebiedsgerichte en populatiebekostigde modellen, aangevuld met laagdrempelige basisvoorzieningen, bieden een logisch perspectief.

Hierbij worden middelen vooraf aan wijken of regio’s toegekend op basis van de populatie en ondersteuningsbehoefte. Professionals krijgen zo de ruimte om zonder voorafgaande indicatie passende ondersteuning te bieden. Parallel daaraan kan een onderscheid worden gemaakt met universele basisvoorzieningen in de wijk, zoals welzijnsactiviteiten en mantelzorgondersteuning. Deze zijn structureel toegankelijk en voorkomen of uitstellen zwaardere zorg.

Het startpunt verschuift van individuele zorgvragen naar een gezamenlijke verantwoordelijkheid voor gezondheid en welzijn. Indicatiestelling blijft bestaan voor complexe zorg, maar is niet langer de standaardtoegang. Dit biedt ruimte voor eerder handelen, minder administratieve druk en meer samenhang

Het fundament ligt er al

Deze oplossingsrichting krijgt ook in Nederland steeds steviger vorm. Denk aan de opkomst van de Regionale Eerstelijns Samenwerkingsverbanden (RESV’s) en regionale netwerken. De praktijk bewijst dagelijks dat gebiedsgericht samenwerken werkt; de structuren staan er al. Het is het financieringsstelsel dat achterblijft.

De kern van de discussie is het organiserend principe van het stelsel. Zolang indicatiestelling de primaire toegangspoort blijft, houden we versnippering en administratieve druk in stand. Een beweging naar gebiedsgerichte bekostiging en laagdrempelige basisvoorzieningen sluit beter aan bij preventie, samenwerking en het dagelijks leven. De echte vernieuwing begint wanneer de bekostiging deze beweging ondersteunt in plaats van belemmert. Pas dan sluiten de financiële prikkels aan bij de manier waarop we zorg en ondersteuning willen organiseren.

Door Mark Schenkels, Manager Planning & Control bij BrabantZorg

2 REACTIES

  1. Er is inderdaad het nodige mis met het financieringsmodel van de zorg, maar dan denk ik qua curatieve zorg voornamelijk aan de verrichtingsfinanciering die nog steeds gebruikt wordt. Die nodigt namelijk uit om zoveel mogelijk verrichtingen te doen c.q. zoveel mogelijk DBC’s te openen.

    Dat model zou (veel sneller) vervangen moeten worden door kwaliteitsfinanciering, waarbij de kwaliteit zoveel als mogelijk en redelijk is gemeten wordt aan de hand van de zorguitkomsten, die gecorrigeerd worden voor de ziektelast bij aanvang van de zorgepisode en nog een aantal zaken.

    Bij kwaliteitsfinanciering kunnen veel structuur- en procesindicatoren afgeschaft worden, waardoor per saldo de administratieve druk lager zal worden.

    Daarnaast is er het vraagstuk van hoe je de — uiterste belangrijke! — preventie het beste vormgeeft. Daarvoor moet je eerst kijken naar de oorzaken van ziekten. Behalve het genoom, waar nog weinig of niets aan te doen is, zijn de zaken met de meeste invloed het voedingspatroon, het beweegpatroon en het welzijn (waar eenzaamheid een grote rol in speelt). Roken is uiteraard ook zeer belangrijk, maar de tabaksaccijns is al draconisch hoog, dus dat laat ik even buiten beschouwing.

    Het voedings- en beweegpatroon verbeter je m.i. het beste en snelste door mensen een spiegel voor te houden, want veel mensen denken onterecht dat hun patronen goed zijn. Die spiegel zou moeten bestaan uit direct toegankelijk bloedonderzoek, waarbij gekeken wordt naar de bloedsuikerspiegelindicator HBa1c, het cholesterolgehalte, de ontstekingenindicator CRP de alcoholconsumptie-indicator PEth.

    En dan kom ik op het punt waar ik het wel eens ben met dhr. Schenkels: het opzetten van meer of betere welzijnszorg.

    Voor meer informatie, ook over populatiebekostiging, zie http://www.gezondezorg.org (de pagina Preventiebeleid dient bijgewerkt te worden).

  2. Lees alle reacties
  3. Helemaal mee eens ! Ik maakte in 1992 van dichtbij mee hoe en waarom het huidige verzekeringsstelsel in elkaar geknutseld werd. En de echte belangen daarbij zijn weinigen bekend. Google even ‘beroepseer’ en ‘Hans van der Schaaf’ en wordt wakker.

Geef uw reactie

Om te kunnen reageren moet u ingelogd zijn. Heeft u nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.