Klink wil gat in WTZi dichten

Via spoedwetgeving wil minister Ab Klink de vermogensklem in de zorg verstevigen. Hij schrijft dat in een brief aan de Tweede Kamer.
Klink wil gat in WTZi dichten

In zijn brief van vorige week meldt Klink dat hij onverkort wil vasthouden aan zijn eis dat de waarde van vastgoed behouden blijft voor de zorg. De Wet toelating zorginstellingen (WTZi) regelt dit naar zijn mening onvoldoende. Op 19 november vorig jaar bepaalde de Raad van State dat zorginstellingen zonder tussenkomst van de overheid zelf mogen blijven beslissen over de opbrengst van hun grond en gebouwen. 235 zorginstellingen hadden een zaak aangespannen tegen de zogeheten ‘vermogensklem’. Daarmee wilde de overheid zorginstellingen verplichten de opbrengst uit de verkoop van vastgoed aan de zorg te besteden. De Raad van State vernietigde de VWS-regelgeving op basis van het ontbreken van voldoende wettelijke grondslag. Klink wil nu de wet aanpassen.

Wet Cliënt en Zorg

Op dit moment vallen sale en leaseback- constructies, waarin stichtingen vastgoed verkopen en vervolgens terughuren, en het onderbrengen van vastgoed in aparte bv’s niet onder de WTZi. Bij die transacties hoeven instellingen zich niet meer te houden aan de eis dat er een marktconforme prijs moet worden bedongen bij verkoop van het vastgoed. Met de nieuwe wetgeving moet het College Sanering Zorginstellingen meer instrumenten krijgen om toezicht te houden op vastgoedtransacties in de zorg. Klink streeft ernaar het wetsvoorstel voor de zomer aan de Raad van State te sturen zodat het per 1 januari in werking kan treden.

Advocaat Klaas Meersma is verbaasd over de spoedwetgeving, omdat het eerder de bedoeling was de WTZi in te passen in de nieuwe Wet Cliënt en Zorg. Volgens hem is de reparatiewetgeving onnodig. “De meeste zorginstellingen zijn stichtingen die in hun statuten hebben vastgelegd dat hun enige doelstelling het verlenen van zorg is. Ook bij sale en leaseback-constructies landt het geld vervolgens toch weer in de stichting.”

Winst uitkeren

Zelfs als stichtingen worden omgezet naar bv’s, en daadwerkelijk winst mogen gaan uitkeren, mag het vermogen dat aanwezig was ten tijde van de omzetting uitsluitend worden bestemd voor de stichting. Dus voor zorg. Meersma: “Ik sluit niet uit dat deze spoedwetgeving is bedoeld om de Kamer mee te krijgen in het voorstel om winstuitkering in de zorg toe te staan. Voor het overige dient het geen redelijk doel.” (Zorgvisie – Carina van Aartsen)

Lees ook:

Privaat kankerinstituut niet strijdig met WTZi

NZa wil experiment met winstuitkering ziekenhuis

Ziekenhuizen behalen te weinig winst

8 REACTIES

  1. hij weet niet waar hij mee bezig is ik zelf zit in de wmo raad en in lokale versterking zou graag van dat hij meer aandacht aan zou besteden want lokaleversterking wordt opgeheven daar is niemand blij mee want wij moeten de wmo blijven ondersteunen laat hij daar maar wat geld uit trekt want die hebben wij hard nodig en bovendien hij moet uitkijken van waar hij mee bezig is je kunt niet overal op bezuiniging zo denk ik er over wij gaan de verkeerde kant op.kan niet langer zo

  2. Lees alle reacties
  3. De WZV en later haar opvolger de WTZi stelden dat zorginstellingen geen winstoogmerk mogen hebben. De meeste statuten gaven aan dat de doelstelling van een instelling is het verlenen van zorg. Daarmee was ook voorkomen dat geld uit de zorg zou weglekken: instellingen moeten tenslotte voldoen aan de statuten en de Raad van Toezicht is hiervoor verantwoordelijk.
    De statuten moeten voor de toelating van de zorginstelling ingeleverd worden bij het CIBG. Echter volgens de antwoorden van de staatssecretaris in het algemeen overleg over de WTZi op 27 januari 2009 wordt er wel kennis genomen van de statuten bij inlevering maar worden ze niet goedgekeurd en kan een instelling de statuten zonder goedkeuring gewoon wijzigen.
    Een voorbeeld van statutenwijziging kennen we pensioengelden van het Vervoer- en Havenbedrijven (zie ook Financieel Dagblad 6 juli 2007). Daar besloot de pensioenbeheerder Optas 1,3 miljard van het vermogen dat is opgebouwd door de verplichtte afdracht van havenarbeiders, te besteden aan sociale en culturele doelen in plaats van het uitkeren van pensioenen.
    Een dergelijke wijziging is dus ook mogelijk bij zorginstellingen. Die zouden dus geld kunnen gaan besteden aan andere doelen. Daarvoor zouden ze zelfs hun gebouwen kunnen verkopen.
    Om te voorkomen dat geld gewoon weggeven kan worden buiten de zorg, lijkt me het goed om goedkeuring van statuten en mogelijke wijzigingen van statuten wettelijk te verankeren. Tenslotte is het ook niet mogelijk om zonder toestemming statuten van woningbouwverenigingen te wijzigen.
    Ik neem aan dat de aangekondigde spoedwet wijziging WTZi hier over gaat.

  4. Zoudt in ‘zoudt u’ is een verouderde vorm die van oorsprong bij het persoonlijk voornaamwoord gij hoorde: het was ‘gij kwaamt’ en ‘gij wildet’, dus ook ‘gij zoudt’. Voor de derde persoon enkelvoud gij is de tweede persoon enkelvoud u in de plaats gekomen. Daarbij wordt ook de werkwoordsvorm van de tweede persoon enkelvoud gebruikt: ‘zou u’, net als ‘zou jij’.
    Dat ‘zoudt u’ nog regelmatig voorkomt, heeft waarschijnlijk met de uitspraak te maken (de [t]-klank vergemakkelijkt de uitspraak). De omgekeerde volgorde ‘u zoudt’ wordt nauwelijks meer gebruikt.

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.