‘Zorgaanbieder zonder contract dreigt door vangnet te vallen’

Het kabinet is met een breed pakket aan steunmaatregelen voor de coronacrisis gekomen. Zorgaanbieders die zonder contract met de zorgverzekeraars werken dreigen daarbij door de mazen van het net te vallen. Daarvoor waarschuwt Erik Schoones, directeur van Spine in Breda.

Artikel bewaren

U heeft een account nodig om artikelen in uw profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
iStock

Zorgbedrijven komen voor brede steun in aanmerking. Zo kunnen ze – net  als andere bedrijven – een beroep doen op regelingen die helpen om de salarissen van medewerkers door te kunnen betalen. Daarnaast zijn zorgverzekeraars, banken en overheid momenteel in gesprek over verdere ondersteuning van de zorg. Zorgbedrijven die zorg leveren vanuit de Zorgverzekeringswet en Wlz, zijn echter uitgesloten van de regeling die het makkelijker moet maken om bij de bank een overbruggingskrediet te krijgen. Het gaat om precies te zijn om de verruiming van de Borgstelling MKB-kredieten (BMKB) en de Garantie Ondernemingsfinanciering (GO). Met de maatregelen kunnen bedrijven onder gunstiger voorwaarden geld lenen bij de bank. De regelingen zijn per 16 maart 2020 van kracht, maar dus niet voor zorgbedrijven.

Kortste eind

Zorgaanbieders die geen contract hebben en dus niet bij een zorgverzekeraar of zorgkantoor kunnen aankloppen, dreigen hier aan het kortste eind te trekken. Dat ontdekte Erik Schoones, directeur van Spine in Breda, toen hij bij zijn bank wilde aankloppen voor een overbruggingskrediet. Spine levert een mengvorm van revalidatiezorg en geestelijke gezondheidszorg bij chronische pijnklachten. ‘Ik kreeg van de bank te horen dat de regeling voor overbruggingskrediet niet voor zorgbedrijven geldt’, zegt hij. ‘Die zijn expliciet uitgesloten.’

Patiënten komen niet meer

In de tussentijd heeft hij zijn bedrijf wel aangemeld voor alle andere mogelijke regelingen. Toch, zegt hij, zal dat niet alle financiële gevolgen van de coronacrisis kunnen verhelpen. ‘Normaliter krijgen we ieder week nieuwe patiënten aangemeld. Dat is nu helemaal stilgevallen. Enerzijds, komen patiënten niet meer bij verwijzers, zoals huisartsen en medisch specialisten komen,  omdat die zich met name richten op urgente zorg. Anderzijds blijven patiënten zelf weg uit zorg over besmetting met het coronavirus.’

Geen relatie met zorgverzekeraars

De overheid komt bedrijven voor een goed deel van hun uitgaven tegemoet, maar niet voor de volle honderd procent. Volgens Schoones is het, zonder inkomsten, een kwestie van tijd dat zorgaanbieders die niet bij een zorgverzekeraar kunnen aankloppen, de resterende kosten van hun bedrijf niet meer kunnen dragen.
Schoones heeft bij zorgverzekeraars aangeklopt voor steun, maar die hebben laten weten niets voor hem te kunnen doen, zegt hij. ‘Ik kan het ze ook niet kwalijk nemen. Ze hebben geen formele relatie met ons’, verklaart de directeur van Spine.

Collectief vormen

Een rondgang onder zijn marktgenoten leert Schoones dat hij niet de enige is die zich hier zorgen over maakt. ‘Een neveneffect van de coronacrisis is dat er wel een bepaalde verbroedering optreedt’, gaat Schoones verder. ‘Er wordt veel gebeld tussen de concullega’s onderling. We zijn zeker niet de enige. We zijn er nu ook over in gesprek of we wellicht een collectief kunnen vormen, om onze zorgen kenbaar te maken. Om samen tegen de beleidsmakers te kunnen zeggen: vergeet ons niet.’

Op de korte termijn hoopt Schoones dat in ieder geval de regeling voor overbruggingskredieten ook voor zorgbedrijven opengesteld wordt.

Samen managen we de coronacrisis! Wij schrijven over de uitdagingen en oplossingen van zorgorganisaties zodat u op de hoogte blijft en ervan kan leren. Onze corona-gerelateerde artikelen zijn daarom de komende periode gratis beschikbaar. Schrijf u in voor de Zorgvisie nieuwsbrief om elke dag de nieuwste artikelen in uw inbox te ontvangen.

1 REACTIE

  1. “Zorgaanbieders die geen contract hebben en dus niet bij een zorgverzekeraar of zorgkantoor kunnen aankloppen, dreigen hier aan het kortste eind te trekken.”

    In het Francovich en Bonifaci/Italie-arrest (C-6/90 en C-9/90) spreekt het Hof van Justitie zich uit over de aansprakelijkheid van lidstaten wanneer zij in strijd handelen met hun verplichtingen op grond van het Europees recht. De grondslag voor deze aansprakelijkheid betreft het beginsel van gemeenschapstrouw.

    Wanneer een Lid-Staat niet voldoet aan de krachtens artikel 189, derde alinea, EEG-Verdrag op hem rustende verplichting alle maatregelen te nemen die nodig zijn om het door een richtlijn voorgeschreven resultaat te bereiken, moet er ter verzekering van de volle werking van deze gemeenschapsrechtelijke bepaling een recht op schadevergoeding bestaan wanneer aan drie voorwaarden is voldaan. In de eerste plaats moet het door de richtlijn voorgeschreven resultaat de toekenning van rechten aan particulieren inhouden, in de tweede plaats moet de inhoud van die rechten kunnen worden vastgesteld op basis van de bepalingen van de richtlijn, en ten slotte moet er een causaal verband bestaan tussen de schending van de op de staat rustende verplichting en de door de benadeelde personen geleden schade.

    Bij gebreke van een gemeenschapsregeling staat het aan de staat om in het kader van het nationale aansprakelijkheidsrecht de gevolgen van de veroorzaakte schade ongedaan te maken. De formele en materiële voorwaarden die door de onderscheiden nationale wettelijke regelingen ter zake van schadevergoeding zijn vastgesteld, mogen echter niet ongunstiger zijn dan die welke voor gelijksoortige nationale vorderingen gelden en zij mogen niet van dien aard zijn, dat zij het verkrijgen van schadevergoeding nagenoeg onmogelijk of uiterst moeilijk maken.

    Dit zouden de ministers behoren te weten, maar als Wethouder was ook Hugo de Jonge niet het schoolvoorbeeld!

Geef uw reactie

Om te kunnen reageren moet u ingelogd zijn. Heeft u nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.