Zorgen Kamer over zware ggz-patiënten

[Exclusief] De Tweede Kamer is niet gerustgesteld door de toezegging van staatssecretaris Martin van Rijn om zware ggz-patiënten toegang te geven tot de Wet langdurige zorg (Wlz). Kamerleden vrezen dat patiënten tussen wal en schip raken.
Zorgen Kamer over zware ggz-patiënten
Foto: ANP Lex van Lieshout

Van Rijn maakte in maart bekend dat zware ggz-patiënten toegang krijgen tot de Wlz. Hij geeft daarmee uitvoering aan de Kamerbreed gesteunde motie-Keijzer-Bergkamp. Maar omdat hij niet in staat is om voor 1 januari 2015 objectieve criteria voor de instroom in de Wlz op te stellen, heeft de staatssecretaris een overgangsplan. Als ggz-patiënten langer dan drie jaar behandeling krijgen in een intramurale instelling krijgen zij toegang tot de Wlz. Patiënten die korter worden behandeld, gaan naar de Zorgverzekeringswet (Zvw). Voor ggz-patiënten die verblijven in een omgeving voor beschermd wonen zonder behandeling (RIBW’s) geldt een overgangstermijn van vijf jaar. Daarna vallen zij onder de Wmo. Of al eerder als hun indicatie eerder verloopt.

Ontevreden Kamerlid

CDA-Kamerlid Mona Keijzer is niet tevreden over de uitvoering van haar motie. ‘Wij willen bereiken dat zo veel mogelijk zware ggz-patiënten in de Wlz blijven, maar dat gebeurt nu niet. De staatssecretaris heeft de motie pas uitgevoerd als hij de criteria heeft geformuleerd. Wat hij nu doet is tijd kopen.’ Keijzer vreest dat patiënten tussen wal en schip gaan vallen. ‘Wat gebeurt er met patiënten van wie de indicatie eerder dan vijf jaar verloopt? Wat gebeurt er met een puber die in een RIBW woont, in 2015 18 jaar wordt en zwaardere zorg nodig heeft? Bij wie kan een gemeente dan aankloppen?’

Afwentelgedrag

Uit Kamervragen blijkt dat de twijfels Kamerbreed zijn. Alle partijen willen weten hoe de staatssecretaris afwentelgedrag gaat voorkomen. De VVD wijst op het gevaar dat zorgverzekeraars patiënten na drie jaar lang behandelen kunnen afschuiven naar de Wlz. Coalitiegenoot PvdA wil weten hoe de staatssecretaris gaat voorkomen dat zorgverzekeraars, gemeenten en zorgaanbieders ggz-patiënten naar elkaar doorsturen. Ook wil de PvdA weten of ggz-patiënten die eenmaal een Wlz-indicatie hebben, deze alsnog kwijt kunnen raken als de objectieve criteria voor in-/uitstroom in de Wlz klaar zijn. Dat kan ertoe leiden dat patiënten van het ene regime naar het andere gaan. Onzeker is of zij daarbij hun behandelaar kunnen behouden. Vera Bergkamp van D66 pleit ervoor cliënten op basis van het overgangsrecht hun vaste behandelaar te laten behouden.

Een onzalig plan

De oppositiepartijen CDA en SP vinden het ‘versnipperen’ van zware ggz-patiënten over drie wetten – Zvw, Wlz en Wmo – een onzalig plan. Keijzer: ‘Het gaat om mensen met ernstige psychische problemen als psychoses en manische depressiviteit. Het lukt sommige patiënten om tijdelijk hun klachten onder controle te hebben, maar echt over gaan ze nooit meer. Dit is een hele kwetsbare groep.’

Verder wil de Kamer opheldering over het aantal ggz-patiënten dat tijdens de overgangsperiode overgaat naar de Wlz, de Zvw en de Wmo. Momenteel verblijven er circa 7000 patiënten onder het regime van de AWBZ in de intramurale ggz-instellingen en 8000 in RIBW’s. De PvdA wil weten wat gevolgen zijn voor de ZVW-premie en de eigen bijdrage Wlz.

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.