Een woonservicezone ontwikkel je samen

In woonservicezones wordt de ambitie om senioren langer thuis te laten wonen haalbaar, ook als ze intensieve en complexe zorg nodig hebben. Dat betogen adviseur Peter Woerdeman en zorgbestuurder Erik Zwart. Op het Zorgvisie Zorgvastgoedcongres geven zij voorlichting.

Artikel bewaren

U heeft een account nodig om artikelen in uw profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
Bij het centraal gelegen steunpunt van de woonservicezone kunnen omwonenden terecht voor zorg- en dienstverlening maar het is ook een ontmoetingsplek. (Foto: Monkey Business/stock.adobe.com)

Veel senioren willen langer thuis blijven wonen. De overheid stimuleert dit, mede omdat veel mensen beter af (lees: gelukkiger) zijn in hun vertrouwde omgeving. We organiseren de zorg daarom al enkele jaren anders. Met meer nadruk op wat mensen zelf willen, en wat ze nog kunnen. Zorgorganisaties vormen een zorgnetwerk met zorgverzekeraars, gemeenten, huisartsen en zorgverleners. Samen bieden zij zorg die veilig, goed, efficiënt én vertrouwd is, om de cliënt heen. Met deze ontwikkeling groeit de groep zelfstandig wonende senioren met behoefte aan intensieve en complexe extramurale zorg. Vaak gaat het om niet-planbare zorg; zorg die niet kan wachten. Zorgorganisaties stellen nu dat het niet betaalbaar is om deze mensen tot het eind toe thuis te verzorgen, ook niet met mantelzorg en zorgtechnologie.

Woonwijk met verhoogd voorzieningenniveau

Als reactie op deze trend ontstaan zogenoemde woonservicezones. Gewone woonwijken met vijf- tot twintigduizend bewoners, maar met een verhoogd voorzieningenniveau. Daardoor kunnen mensen die zorg nodig hebben in de buurt blijven wonen. Een woonservicezone heeft allerlei soorten woningen, met en zonder aanpassingen, voor jong en oud. Naast voldoende aanpasbare (levensloopbestendige) en/of aangepaste woningen is er ook (woon)ondersteuning en zijn er diverse zorg- en welzijndiensten voor bewoners. Zorg aan huis is mogelijk, maar bewoners kunnen voor zorg ook zelf naar een steunpunt als een huisartsenpost gaan. In een woonservicezone hebben ze zowel lichte ondersteuning als intensieve zorg binnen handbereik, plus (welzijns)activiteiten voor jong en oud.

In een woonservicezone transformeren de traditionele verpleeg- en verzorgingshuizen naar een steunpunt voor de hele wijk. In dit steunpunt kan een bewoner binnenlopen en gebruikmaken van de diensten en functies, maar hij of zij kan er ook terecht voor een ontmoeting met buurtbewoners. De woonservicezones lijken succesvol. Uit onderzoek van het Nationaal Programma Ouderenzorg is gebleken dat ouderen in een woonservicezone minder te maken krijgen met ziekenhuisopnamen. Bovendien blijft hun welbevinden beter op peil als zij beperkingen krijgen.

Altijd organisch

Een woonservicezone kan ook adequate en betaalbare zorgopvolging garanderen voor thuiswonende cliënten met een intensieve en complexe zorgvraag. Helaas bestaat er geen blauwdruk voor woonservicezones. Het is geen kant-en-klaar ‘bouwwerk’ dat je oppakt en neerzet op het juiste aantal vierkante meters, met de juiste mensen. Het is altijd anders en altijd organisch. Maatwerk. Om betaalbare kwaliteit van leven voor senioren in de vertrouwde omgeving mogelijk te maken is daarnaast ingrijpende en duurzame innovatie nodig van de hele leefomgeving.

Vaak start een woonservicezone met een kleinschalige woonvoorziening rond een steunpunt. Denk aan zelfstandige woningen met alle voorzieningen op hetzelfde niveau en onzelfstandige woonvormen met 24-uurszorg en toezicht voor cliënten die niet langer zelfstandig kunnen wonen en functioneren. Hoe verder van het steunpunt, hoe kleiner de zorgvraag. Hoe dichter bij het steunpunt, hoe meer de woningen zijn geclusterd in een wooncomplex, aangepast voor (intensieve) zorg aan huis. De praktijk leert dat juist zo’n geclusterd wooncomplex goed kan voorzien in snelle niet-planbare zorg. En juist aan deze geclusterde wooncomplexen is een groeiend tekort.

Doe het samen

Zorgorganisaties kunnen een woonservicezone niet alleen ontwikkelen. Samenwerking is noodzakelijk voor succes. Alle stakeholders moeten zich op lokaal niveau ontwikkelen tot netwerkorganisaties. Pas dan kunnen zij, ieder vanuit zijn eigen verantwoordelijkheid, samen invulling geven aan de opgave om zorg, ondersteuning en huisvesting voor ouderen op de goede manier te organiseren. Samen kunnen zij burgers bovendien bewust maken van de veranderingen in de zorg en van de toenemende eigen verantwoordelijkheid voor huisvesting en mantelzorg. Het is verstandig publieke en private partijen te betrekken bij het creëren van woonzorgservicezones. Dit komt het proces van realisatie en de samenhang van het totale ontwikkelingsgebied ten goede.

 

Peter Woerdeman (senior adviseur HEVO B.V.) en Erik Zwart (bestuurder PCSOH) geven, tijdens het Zorgvisie Zorgvastgoedcongres van 24 oktober, voorlichting over de woonzorgservice.

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet u ingelogd zijn. Heeft u nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.