‘Hoe nu verder met de ouderenzorg’

Dezer dagen berekenden het Algemeen Dagblad en De Groene Amsterdammer dat in 2018 de kosten van de ouderenzorg ongeveer hetzelfde zijn als voor de drie decentralisaties in 2015. Een onderzoeksbureau heeft dat op een acceptabele manier voor hen uitgerekend.
Guus-Schrijvers300.jpg

Het AD en De Groene gaan niet in op de vraag wat de kosten van ouderenzorg in 2018 zouden zijn geweest indien de decentralisaties niet hadden plaatsgevonden. Ik denk meer dan 10 procent hoger, omdat volgens het CBS de jaarlijkse groei daarin 3 procent bedroeg over de periode 2005-2014. Die trend zet weer door in de komende jaren. Duitsland en België bieden ons land tips om zonder grote reorganisaties om te gaan met de vraag naar meer ouderenzorg; een vraag die in Nederland door de decentralisaties tijdelijk is onderdrukt.

De Duitse methode
De Duitse regering werkt in haar begroting met kosten per extra oudere in de bevolking. Ik leg dit uit met Nederlandse CBS-cijfers. In 2018 zijn er naar mijn eigen schatting in Nederland 14.000 meer 80-plussers dan in 2017. De kosten van ouderenzorg in 2016 bedroegen 22.700 euro per 80-plusser in de bevolking. Dit betekent volgens de Duitse rekenmethode dat de kosten van de ouderenzorg in 2018 kunnen stijgen met 318 miljoen euro (14.000 x 22.700 euro). Als regering, parlement, belangengroepen en massamedia vinden dat dit bedrag hoger of lager moet zijn, dan is dat de uitkomst van democratische besluitvorming. Er is een totaalbedrag beschikbaar voor extra ouderenzorg. Per regio, van de Wmo en van de zorgkantoren, wordt bepaald of die extra euro’s gaan naar wijkverpleging, verpleeghuizen, geriatrische revalidatie, eerstelijnsverblijf, mantelzorgondersteuning of thuiszorg. 

De Belgische aanpak
De Vlaamse beleidsmakers waren de afgelopen jaren slimmer dan de Nederlandse. Zij hebben vanaf 2005 bezuinigd op ouderenzorg. Zij bogen de trend om zonder gelijktijdige decentralisatie. Dat ‘verdriet van België’ is nu achter de rug, zo vertelde de Belgische beleidsmaker Kurt Asselman op een congres in april. Sinds een jaar werkt de Vlaamse overheid met Persoons Volgende Financiering (PVF), in de volksmond een rugzakje per persoon geheten. Een onafhankelijke instantie geeft een indicatie af zoals in Nederland het Centrum Indicatiestelling Zorg dat doet. Deze indicatie is geld waard. Die is te besteden als persoonsgebonden budget, maar ook te verzilveren als zorg-in-natura bij een zorgaanbieder. Het PVF-systeem werkt zonder klachten uit de bevolking en zonder maatschappelijke protesten. De Belgische beleidsmakers hebben hierbij de wind in de rug. Zij hebben financiële groei te verdelen en hoeven niet meer te bezuinigen.

Van oudsher heeft de Nederlandse zorg veel zelf ontwikkeld, maar ook veel geleerd van haar buurlanden. Daarom: kom op, laten we gaan werken met Duitse schaalbedragen per 80-plusser en Belgische rugzakjes.

Guus Schrijvers

DELEN
0
222
Guus Schrijvers
Oud-hoogleraar Guus Schrijvers is nog steeds actief in de gezondheidszorg. Hij is auteur van het boek Zorginnovatie volgens het Cappuccinomodel (ondertitel: Voor hetzelfde geld een betere gezondheidszorg). Schrijvers geeft lezingen en workshops en is lid van enkele stuurgroepen en commissies.

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.