IZA was niet alleen maar kommer en kwel. De gedeelde urgentie, meer focus op passende zorg en de intensivering van samenwerking in de regio zijn zeker pluspunten en bieden een infrastructuur voor het vervolg. Maar ondanks de aandacht, de middelen en de enorme (bestuurlijke) tijd die het van iedereen vroeg, is de impact miniem. En ik verwacht niet dat dat verandert.
Subsidiepot
IZA was vanaf dag 1 een race naar een subsidiepot, waarbij de regels onduidelijk waren en een van de belangrijkste stakeholders scheidsrechter was. In veel regio’s discussieerden de zorgverzekeraars mee over prioriteiten in de regio en waren ze een impactvolle beïnvloeder van focus en samenwerking. Doordat zij ook de beoordelaar waren, werd het belangrijke principe van functiescheiding geschonden. Daarbij zijn ze ook ‘gewoon’ contractpartij van de zorgaanbieders, waardoor het model op zijn minst discutabel is.
Regulier veranderproces
De toegekende plannen (ad circa 2 miljard euro) pakken niet echt de maatschappelijk meest knellende uitdagingen aan. Veel tijd en geld gingen naar het maken, beoordelen en uitvoeren van plannen. En bij veel aanbieders bleef lang onduidelijk of hun transformatieplan doorgang kon vinden. Het reguliere veranderproces is op veel plekken stilgevallen, omdat aandacht vooral ging naar IZA en de goedkeuring ervan.
Weeffout
Maar de grootste weeffout van IZA vind ik dat de focus lag op de verandering van de zorguitvoering en niet van de spelregels/prikkels. Transformatie was doel in plaats van middel. Beter is te sturen op het belonen van gewenst nieuw gedrag van aanbieders. De daadwerkelijke transformatie hoort bij hen en de regionale samenwerkingen. Nu is de verandering gestimuleerd in een niet-stimulerend zorglandschap. De prikkels blijven juist gericht op niet-passende zorg. Verleg je prikkels, dan verandert het gedrag. Zo wordt transformatie een middel en is er meer kans op succes, bijvoorbeeld omdat ziekenhuis-verplaatste zorg dan niet financieel nadelig is.
Blokkeren van innovatie
De recente poll in Zorgvisie was heel helder: zorgverzekeraars houden het bij oude kunstjes die niet bij de opgaven van vandaag passen. ‘De kern van de frustratie is dat verzekeraars, hoewel ze de mond vol hebben van transformatie, in de praktijk innovatie juist blokkeren’, stond er te lezen. Als al die slimme mensen bij consultancybureaus en de verzekeraars hun tijd hieraan hadden besteed, dan was dat een veel betere opbrengst geweest.
Spelregels
De transformatie is niet het probleem, de spelregels zijn het probleem. Zolang die op de oude leest geschoeid blijven, krijgen we wat we altijd kregen. Ik kijk hoopvol uit naar een regeerakkoord die het paard weer gewoon vóór de wagen spant. Onze gezondheid en een toekomst-vaste zorg hebben dat echt nodig.
Door: Frido Kraanen, visiting practioner, onderzoeksinstituut DRIFT van de Erasmus Universiteit in Rotterdam en bestuurder, Gelre Ziekenhuizen, Apeldoorn en Zutphen


Analyse is geheel correct. Echter, waar velen niet toe te lijken (durven) komen is de vraag: en hoe gaan we die spelregels dan veranderen? Welk type spelregels gaan kwaliteit, toegankelijkheid en betaalbaarheid van zorg echt bevorderen? Hoe vullen we die spelregels in en hoe faseren we de invoering zodanig dat we geen stelselwijziging nodig hebben maar een lerend proces op gang kunnen brengen, waarop zorgaanbieders op hun eigen maat kunnen inspelen? Mag ik u uitdagen, heer Kraanen?
Beste Frido,
Geheel eens . Ik heb daar een column over geschreven, welke goed aansluit bij jou artikel.
Als je je mailadres doorgeeft naar ghvanmontfort@casema.nl dan stuur ik die naar je toe.
Ook andere lezers kunnen dat uiteraard ook doen.
Groet, Guus van Montfort.
Uit het hart gegrepen!