Artikel bewaren

U heeft een account nodig om artikelen in uw profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
Reacties0

Wat we kunnen leren van corona-aanpak in het Noorden

Ate van der Zee en Jos Rietveld zijn verantwoordelijk voor de twee ‘uiteinden’ van het regionale zorgstelsel in Groningen, het UMCG en GGD Groningen. Zij hadden gezamenlijk de leiding over het Strategisch Kernteam covid-19 in de noordelijke provincies en blikken in twee blogs terug op aanpak en verloop van de crisis.

Op 12 maart 2020 werd in de provincie Groningen de eerste corona-besmetting vastgesteld. Ruim voor die tijd, op 30 januari, vond al een eerste noordelijke voorlichtingsbijeenkomst plaats over het nieuwe, nog onbekende virus voor alle betrokken partijen. Op 6 maart 2020 besloot het Bestuurlijk ROAZ Noord-Nederland een Strategisch Kernteam covid-19 in te stellen, met het mandaat om zo nodig beslissingen te nemen omtrent de benutting van de regionale zorgcapaciteit. Wij hadden gezamenlijk de leiding over het kernteam, de een als bestuursvoorzitter van het umc in de regio, de ander als toezichthouder op de continuïteit van de zorg in de regio bij crises, mede namens de collega’s in Drenthe en Friesland (GHOR-rol).

Strikt test- en reisbeleid voor medewerkers

Eind februari was het UMCG, het topreferente ziekenhuis voor het Noorden, op eigen initiatief al gestart met een strikt test- en reisbeleid voor de eigen medewerkers, met als doel het virus zo goed mogelijk buiten de muren van het ziekenhuis te houden. Doordat het UMCG meerdere laboratoriumplatforms voor medische microbiologie kent, waren er geen beperkingen in de testafname. Medio maart bood het ziekenhuis GGD Groningen aan om op grote schaal medewerkers van andere zorginstellingen te testen. Vanwege de landelijk beperkte lab-capaciteit adviseerde het RIVM destijds nog anders. Pas drie weken later zou dit testbeleid landelijk navolging krijgen.

ROAZ

Het ROAZ Kernteam richtte zich in maart en april vooral om de benutting van de gezamenlijke IC-capaciteit in het Noorden, de beschikbaarheid van persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM), het reisbeleid voor personeel van zorginstellingen en het bezoekbeleid van ziekenhuizen en verpleeghuizen.

IC-capaciteit

Over het IC-vraagstuk is al veel gezegd. Vanaf het moment dat toenmalig minister Bruins covid-19 tot A-ziekte verklaarde, kwam er landelijke beleid op gang dat zich nadrukkelijk uitstrekte tot de verdeling van de schaarse IC-capaciteit. Het Landelijk Centrum Patiëntenspreiding (LCPS) vervulde daarin een belangrijke rol, in dagelijkse afstemming met de regionale centra voor patiëntenspreiding. In het Noorden leverden reeds bestaande netwerken van intensivisten een belangrijke bijdrage aan de patiëntenspreiding. De noordelijke ziekenhuizen hebben in die twee maanden circa honderd IC-covid-patiënten uit andere regio’s overgenomen, naast de circa vijftig IC-covid-patiënten vanuit het eigen adherentiegebied.

Gezamenlijk ervaren verantwoordelijkheid

Opmerkelijk in het ROAZ Kernteam was de gezamenlijk ervaren verantwoordelijkheid van alle deelnemende partijen (ziekenhuizen, huisartsen, GGD’en, ambulancediensten, huisartsen, laboratoria, verpleeghuizen en verzekeraars). Het in de curatieve sector gangbare concurrentiebeginsel is in feite vanaf dag 1 stilzwijgend uitgeschakeld. Men was bereid elkaar te helpen, ook al was dat soms niet in het primaire belang van de eigen instelling.

Begin april werd in elk van de drie regio’s (Groningen, Friesland, Drenthe) een RONAZ (Regionaal Overleg Niet-Acute Zorg) ingesteld, waarin de care-instellingen met elkaar het beleid rond coronaverpleging, PBM’s, bezoekregelingen en testen van personeel afstemden. In de noordelijke regio zijn slechts enkele corona-gerelateerde sterfgevallen in de verpleeghuizen gemeld.

Besmettingen

Intussen kende de pandemie in het Noorden een rustig verloop. Het aantal vastgestelde besmettingen staat, zes maanden na de eerste ‘vondst’, op 600-900 gevallen per provincie. In de provincie Groningen zijn er tot dusver 600 cumulatieve besmettingen (peildatum 30 augustus) vastgesteld, waarvan 19 personen zijn overleden. Op een bevolking van een kleine 600.000 inwoners betekent dat een cumulatieve prevalentie van ca. 0,1 procent. Het verruimde testbeleid sinds 1 juni leverde in de afgelopen drie maanden ca. 300 nieuwe gevallen op, op 30.000 geteste personen (met een significante stijging sinds 1 augustus). Anders dan in het voorjaar was er in de zomer geen noemenswaardige toename van de druk op de curatieve zorg.

Indammingsfase

De besmettingsgraad voor Groningen blijft op ca. 20 procent van het landelijk gemiddelde ‘hangen’. Wij krijgen vaak de vraag hoe deze lage besmettingsgraad te verklaren is. ‘Keepersgeluk’ speelde daarbij zeker een rol: een vroege voorjaarsvakantie met wintersporters die voor de uitbraken in Noord-Italië en Tirol weer thuis waren en geen grootschalig carnaval. Daarnaast heeft het pro-actieve test- en personeelsbeleid in de regionale zorginstellingen aan de beheerste verspreiding bijgedragen. Het Noorden is wat betreft het coronavirus nog altijd in de indammingsfase.

Ate van der Zee, voorzitter Raad van Bestuur Universitair Medisch Centrum Groningen
Jos Rietveld, Directeur Publieke Gezondheid GGD Groningen

Geef uw reactie

Om te kunnen reageren moet u ingelogd zijn. Heeft u nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.