Bruins keurt nieuwe bekostiging zintuiglijke gehandicaptenzorg goed

De NZa heeft een voorstel gedaan voor een nieuwe bekostiging van de zorg aan mensen met een zintuigelijke handicap. Minister Bruins reageert met enthousiasme op het voorstel. ‘Ik neem het advies over en ik vraag de NZa de punten uit het advies die op het terrein van de NZa liggen per 1 januari 2020 in te voeren.’

Artikel bewaren

U heeft een account nodig om artikelen in uw profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
Minister Bruno Bruins voor Medische Zorg: 'Ziekenhuizen leiden onvoldoende verpleegkundigen op' Foto: Ministerie van VWS/ Phil Nijhuis
Foto: Ministerie van VWS/ Phil Nijhuis

‘Tegelijkertijd ga ik de komende tijd met partijen in gesprek om te kijken naar de mogelijke risico’s en op welke wijze we met de eventuele gevolgen daarvan omgaan, zodat de continuïteit van de zintuigelijk gehandicaptenzorg gewaarborgd blijft’, aldus de minister. Het gaat om mensen met een visuele of auditieve beperking of een beperking als gevolg van een taalontwikkelingsstoornis.

Overgang

In 2015 is de zintuiglijke gehandicaptenzorg van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten overgeheveld naar de Zorgverzekeringswet, de Wet maatschappelijke ondersteuning en de Wet langdurige zorg. ‘Om deze overgang zorgvuldig te laten, heb ik goed overleg gevoerd met betrokken partijen’, aldus Bruins. ‘Eén van de elementen van de overgang is het tot stand brengen van een nieuw bekostigingsmodel voor de zintuigelijke gehandicaptenzorg in de Zorgverzekeringswet. Ik heb de NZa hier advies om gevraagd’. In 2018 heeft de NZa dan ook in een intensief traject met zorgaanbieder en brancheorganisaties gezocht naar een passende bekostiging die recht doet aan de geleverde zorg. ‘De voorgestelde bekostiging vormt een nieuwe verbinding tussen zowel zorgaanbieders onderling als tussen zorgaanbieders en zorgverzekeraars’, aldus de NZa. De bekostiging stimuleert het leveren van doelmatige zorg aan de cliënt. Zorgverzekeraars krijgen in de nieuwe bekostiging meer inzicht in de geleverde zorg. Voor zorgaanbieders sluiten de inkomsten beter aan bij de kosten die ze maken om de zorg te kunnen leveren aan de cliënten.

Voorstellen

Wat betreft de bekostiging stelt de NZa een tweetal prestatiestructuren voor: één voor de auditief en/of communicatieve sector en één voor de visuele sector. De belangrijkste wijzigingen ten opzichte van de huidige bekostiging zijn:

  • Gedifferentieerde prestatiebeschrijvingen: De prestatiebeschrijvingen worden gedifferentieerd naar doelgroep, zorginhoud en kostendrager (uur, week, traject). Deze differentiatie geeft meer inzicht in de zintuiglijke gehandicaptenzorg en de bekostiging sluit beter aan bij de te maken kosten voor verschillende prestaties ten opzichte van de huidige situatie.
  • Indirect declarabele tijd vervalt: De mogelijkheid om indirecte cliëntgebonden tijd te declareren komt te vervallen. De uren die besteed worden aan indirect cliëntgebonden tijd worden bekostigd door een opslag op de direct cliëntgebonden tijd. ‘Dit vergroot de doelmatigheid, transparantie en controleerbaarheid voor zorgverzekeraar en cliënt. Voor de zorgaanbieder betekent dit een administratieve lastenverlichting, omdat niet meer voor specifieke situaties indirecte tijd geschreven hoeft te worden’, aldus de NZa.
  • Reistoeslag: De reistijd wordt niet meer in alle prestaties verwerkt, ongeacht of er gereisd wordt of niet, maar kan alleen in rekening gebracht worden als men ook daadwerkelijk heeft moeten reizen.

Adviezen

Naast het invoeren van de voorgestelde bekostiging per 1 januari 2020, komt de NZa met de volgende adviezen:

  • Het (door) ontwikkelen van kwaliteitsproducten en deze op te nemen in het openbaar register van het Zorginstituut Nederland. In de loop der jaren zijn de nodige kwaliteitsproducten door de sector in kaart gebracht. Reden voor dit advies is dat de NZa een grote spreiding in inzet per patiënt waarneemt waarbij nog niet duidelijk is of dit gewenste (cliëntgebonden) of ongewenste (praktijk) variatie betreft. Het opnemen van deze kwaliteitsproducten in het register is een goede volgende stap om verdere eenduidigheid te stimuleren en de geleverde kwaliteit in de zorg zichtbaar te maken. Stakeholders onderschrijven de behoefte aan sectorbrede richtlijnen.
  • De NZa zal zo goed als mogelijk, gegeven de behoefte en wat binnen de bestaande regelgeving is toegestaan, informatie ontsluiten zodat dit kan worden gebruikt om het goede inkoopgesprek tussen zorgverzekeraar en zorgaanbieder te ondersteunen. Hierdoor kan dit gesprek in het licht komen te staan van kwaliteit van zorg tegen een goede prijs.

Reactie minister

Bruins laat in een Kamerbrief weten verheugd te zijn dat het de NZa samen met partijen is gelukt om een passend en doelmatig bekostigingsmodel te ontwikkelen. ‘Ik heb het advies met de partijen besproken. Zij geven aan dat het voorgestelde bekostigingsmodel als werkbaar en herkenbaar wordt gezien. Ik neem het advies over en ik vraag de NZa de punten uit het advies die op het terrein van de NZa liggen per 1 januari 2020 in te voeren. Wel zien zorgaanbieders de nodige risico’s, ook omdat er momenteel een NZa kostprijsonderzoek gaande is waarvan de uitkomsten nog niet bekend zijn. Aanbieders willen werkbare afspraken maken over het mitigeren van risico’s alsmede de wijze van handelen indien deze desalniettemin optreden’, aldus de minister. De NZa zal tevens na de introductie van de voorgestelde bekostiging de ontwikkelingen nauwlettend in de gaten houden. ‘Mocht er om welke reden dan ook aanleiding zijn om na invoering per 1 januari 2020 iets in de bekostiging te wijzigen, dan zullen wij dit in overweging nemen. Daarnaast zullen wij na verloop van tijd weer onderzoeken of de vastgestelde tarieven in lijn liggen met de gemaakte kosten en wellicht ook de omvang van de prestaties herijken.’

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet u ingelogd zijn. Heeft u nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.