Competentiegericht opleiden voldoet niet’

Het competentiegerichte opleidingsmodel is aan verandering toe. In de zorgopleidingen moet meer aandacht komen voor humanisme, bewustwording en reflectie op het leerpoces. Dat stelt Pim Teunissen, bijzonder hoogleraar Werkplekleren in de Gezondheidszorg en gynaecoloog vrijdag in zijn oratie 'Leren helen'.

Artikel bewaren

U heeft een account nodig om artikelen in uw profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
Competentiegericht opleiden moet op de schop.

Competentiegerichte opleidingsmodellen zoals CanMEDS zijn volgens bijzonder hoogleraar Pim Teunissen teveel gefocust op uitkomst en hebben te weinig aandacht voor het leerproces, dat bestaat uit niet meetbare aspecten zoals betrokkenheid, empathie en persoonlijke ontwikkeling. ‘Competentiegericht opleiden is een mooie manier om aan de buitenwereld te laten zien dat de opleiding goed scoort, maar deze methode is niet altijd ondersteunend aan het werkplekleren. Werkplekken zijn heel divers en dat botst met de gestandaardiseerde insteek van competentiegerichte modellen.’

Competentiemodel op de schop

Teunissen pleit er in zijn oratie voor om bijna achttien jaar na de invoering van CanMEDS op de Nederlandse zorgopleidingen te evalueren hoe het ervoor staat. Als het aan Teunissen ligt gaat het model gedeeltelijk op de schop. Hij hekelt vooral de vele competenties die binnen het opleidingsmodel zijn omschreven – in totaal 637 – waardoor veel opleidingen in de praktijk op een afvinklijst lijken, aldus Teunissen in zijn oratie.

Minder toetsbare competenties

Het aantal competenties zou volgens Teunissen moeten worden verminderd en opleidingen zouden minder strikt moeten omgaan met het afvinksysteem. ‘Een competent individu is niet een optelsom van afgevinkte competenties. En zoiets complex als goede zorg is geen optelsom van competente individuen. Om als collectief goed te functioneren zijn onderlinge relaties, verwachtingen, van elkaar willen en kunnen leren, routines, afspraken en coördinatie essentieel’, aldus Teunissen in zijn oratie.

Aandacht voor humanisme

Hoewel kennis en vaardigheden volgens Teunissen hard moeten worden getoetst op uitkomst, valt iemand niet te toetsen op empathie of authenticiteit. ‘Dat neemt niet weg dat de ontwikkeling van de humanistische kant van elke zorgverlener essentieel is en dat huidige uitkomst-georiënteerde opleidingsplannen hier onvoldoende aandacht voor hebben.’ Teunissen pleit daarom voor het ondersteunen van bewustwording en reflectie op het proces van persoonlijke ontwikkeling. Volgens Teunissen is er in de sector vertrouwen nodig om zijn visie op ‘workbased medical eduction’ te realiseren. ‘Acceptatie dat we sommige aspecten van opleiden en wat dat oplevert transparant kunnen maken, maar niet alles.’

Weinig draagvlak

Teunissen erkent desgevraagd dat er nog niet veel draagvlak is in de medische wereld om het CanMEDS-model op de schop te nemen. ‘Degenen die de voordelen van het opleidingsmodel zien, zien niet de noodzaak om er iets aan te veranderen. Degenen die wel de nadelen erkennen, zien op tegen weer een verandering. Je kunt als argument aandragen dat de implementatie nog niet overal optimaal is, maar als je al jaren tegen problemen blijft aanlopen, dan moet je mijns inziens terug naar de theorie en nagaan of het onderliggende systeem wel klopt.’

Gynaecoloog prof. dr. Pim Teunissen sprak de oratie vrijdag uit bij de aanvaarding van zijn bijzonder hoogleraarschap ‘Werkplekleren in de Gezondheidszorg’ aan de Faculty of Health, Medicine and Life Sciences van de Universiteit Maastricht.

 

 

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet u ingelogd zijn. Heeft u nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.