Uit de titel van het Skipr-bericht ‘Ouderenzorgaanbieders weigeren te leren van Generiek Kompas’ zou je kunnen opmaken dat er geen bereidheid is om te leren. Onze ervaring is anders. Ons werk in zorgorganisaties en de behoefte aan kennisproducten van Vilans over dit onderwerp laten zien dat er juist veel belangstelling is voor leren en verbeteren. De bredere vraag die dit oproept is dan ook niet óf organisaties willen leren, maar wat zij nodig hebben om leren daadwerkelijk vorm te geven en zichtbaar te maken.
De bevindingen uit het onderzoek van AWOL laten bovendien niet zien dat organisaties niet leren. Het onderzoek heeft betrekking op wat organisaties in hun kwaliteitsbeelden beschrijven en niet op alle leer- en verbeteractiviteiten die in de praktijk plaatsvinden. Ook de onderzoekers benadrukken dat hun bevindingen uitsluitend betrekking hebben op de verslaglegging in de kwaliteitsbeelden. De resultaten laten dan ook vooral zien hoe complex het is om te leren van cijfers, ervaringen en verhalen, deze met elkaar te verbinden en de gehele leercyclus zichtbaar te maken.
Het kwaliteitsbeeld als leerinstrument
Het Generiek Kompas beoogt dat kwaliteitsbeelden worden gebruikt als middel voor reflectie, leren en verbeteren. Dat klinkt vanzelfsprekend, maar daarmee onderschatten we mogelijk wat leren werkelijk vraagt. Om deze ambitie waar te maken moeten organisaties ook de voorwaarden creëren die nodig zijn voor een lerende cultuur.
Het AWOL-onderzoek laat zien dat het kwaliteitsbeeld als leerinstrument nog beperkt zichtbaar is. In de meeste kwaliteitsbeelden wordt niet beschreven hoe het kwaliteitsbeeld wordt gebruikt voor reflectie, leren en kwaliteitsverbetering. Daarnaast ontbreekt vaak inzicht in hoe verschillende betrokkenen samen tot reflectie en duiding zijn gekomen.
Pas wanneer organisaties ruimte creëren voor structurele reflectie en een open dialoog, ontstaat een omgeving waarin verschillende perspectieven en nieuwe inzichten een plek krijgen. Uit onderzoek weten we dat dit bijdraagt aan zowel kwaliteitsverbetering als werkplezier. Leren is dus van grote waarde, maar laat zich niet eenvoudig vangen in een document als een kwaliteitsbeeld.
De echte opgave: leren als bedoeling op alle niveaus van de organisatie
De uitdagingen in de zorg vragen om voortdurende aanpassing en vernieuwing. Voor de toekomstbestendigheid van de zorg is werken aan het lerend vermogen daarom van groot belang. Leren en vernieuwen zijn niet alleen een taak van een projectgroep of kwaliteitsafdeling, maar moeten juist verankerd zijn in de visie, structuur en cultuur van de hele organisatie.
Onderzoek naar lerende organisaties laat zien dat duurzaam leren en ontwikkelen afhankelijk is van het samenspel van factoren, zoals leiderschap, een open leercultuur, kennisdeling en collectieve reflectie. Pas wanneer deze voorwaarden aanwezig zijn, kunnen ervaringen, kwaliteitsinformatie en signalen uit de praktijk worden benut voor duurzame verbetering. Zo ontstaat de leer- en ontwikkelcyclus die het Generiek Kompas voor ogen heeft: niet omdat organisaties moeten laten zien dát zij leren, maar omdat zij beschikken over de kennis, structuren, vaardigheden en cultuur die leren mogelijk maken.
Dat niet alle kwaliteitsbeelden dit nu, tweeënhalf jaar na de introductie van het Generiek Kompas, al volledig laten zien, is niet verrassend. De bevindingen van het onderzoek laten zien dat organisaties nog zoekende zijn naar manieren om hun leer- en ontwikkelproces zichtbaar te maken. Voor de doorontwikkeling van het Generiek Kompas zou daarom niet alleen gekeken kunnen worden naar de inhoud van kwaliteitsbeelden, maar ook naar de vraag hoe organisaties ondersteund kunnen worden bij het versterken én zichtbaar maken van hun lerend vermogen. Kortom: er is nog genoeg te leren met elkaar!
Clariska van Biessum
Senior onderzoeker bij Vilans en promovendus lerende organisaties in de verpleeghuiszorg aan de Vrije Universiteit Amsterdam
Bellis van den Berg
Expert monitoring en impact in lerende zorgsystemen Vilans

