Exclusief toegankelijk Registreer voor toegang tot Zorgvisie.nl Lees meer

‘Farmaceutische industrie moet in beweging komen’

Vumc organiseert op 22 juni een maatschappelijk oncologisch debat over de toekomst van de kankerzorg. Bestuursvoorzitter Wouter Bos is een van de sprekers. ‘De kosten van nieuwe medicijnen gaan vroeg of laat botsen met andere noodzakelijke uitgaven.’
Bos.Wouter.foto VUmc.jpg
Foto: VUmc

Waarom houdt u een maatschappelijk debat?
‘Omdat we 50 jaar bestaan en omdat we ons willen laten zien aan de samenleving en verantwoording willen afleggen.’

Hoe gaat u dat doen?
 ‘Wij hebben als VUmc een traditie van net iets verder kijken dan alleen het medisch inhoudelijke aspect. Het is onze bedoeling om al die verschillende perspectieven te laten zien. Wat is er mogelijk in de kankerzorg? Wat zouden we moeten willen? In ieder geval komt ook de vraag aan de orde hoe we al die dure medicijnen kunnen blijven bekostigen. Er komen wat dat betreft alleen maar moeilijke afwegingen bij. Of we moeten strenger worden wat we mensen aanbieden, strenger selecteren of de kosten radicaal omlaag brengen.’

Is dat haalbaar?
 ‘Het onderwerp komt gelukkig steeds meer op de agenda. Er loopt een discussie over beprijzingen en verdienmodellen. Dat is wel het begin. Ook in Nederland is het pas het laatste jaar een issue. Bij umc’s stijgen de kosten van dure medicijnen elk jaar met tien procent. Terwijl de totale kosten van de zorg maar een procent mogen groeien per jaar. Dan krijg je verdringing of je kunt patiënten niet meer de medicijnen geven die ze nodig hebben. Beide willen we vermijden’

Kunt u wat oplossingsrichtingen noemen?
 ‘Overal in de wereld wordt van alles geprobeerd, we weten niets zeker. Zeker is dat de positie van farmaceutische bedrijven te dominant is. Dat kan zo niet doorgaan. We kunnen proberen meer tegenmacht te ontwikkelen door gezamenlijk in te kopen, de manier van inkopen aan te passen, of de patentregelgeving te veranderen. Maar het ligt ontzaglijk moeilijk. Zowel artsen als onderzoekers, als patiëntenorganisaties hebben financiële banden met farmaceuten. Niemand durft in zijn eentje een stap te zetten als het geld dan naar een ander gaat. Een andere oplossingsrichting is dat er vanuit de farmaceutische industrie zelf een beweging komt.’

Wat valt daarvan te verwachten?
‘Nog weinig. Veel farmaceuten hebben hoofdkantoren in de VS met aandeelhouders en hoge rendementsverwachtingen. Alle reden om er snel mee te beginnen.’

‘We zijn nog maar kort bezig en toch is er al veel veranderd. Dat heeft te maken met noodkreten uit ziekenhuizen. Artsen kunnen sommige medicijnen niet meer voorschrijven in verband met de kosten. Zorgverzekeraars leggen budgetbeperkingen op. Toepassing van dure medicijnen begint andere vormen van zorg te verdringen.’

Hoe is de situatie in het VUmc?
‘VUmc heeft een aanzienlijke oncologische en hematologische praktijk. Tot nu toe hebben we alles kunnen geven wat onze patiënten nodig hebben en dat willen we blijven doen. In de umc’s ligt dit overigens minder moeilijk dan in algemene ziekenhuizen. De kosten van nieuwe medicijnen gaan vroeg of laat botsen met andere noodzakelijke uitgaven.’

Hoe zitten de artsen daar in?
‘Je ziet dat oncologen zelf vaker de afweging maken of een behandeling medisch gezien wel zinvol is. Artsen houden vaker discussies over levensverlenging en kwaliteit van leven. De kosten zijn nog niet primair als argument aanwezig, maar men is zich daar wel steeds meer van bewust. Ik begrijp heel goed dat het voor artsen geen comfortabele situatie is als men met de patiënt over kosten moet praten. Dat zouden we ze niet moeten hoeven aandoen.’

Kunnen alle umc’s alle vormen van kanker behandelen of gaan we toe naar expertisecentra?
‘Het zou kunnen. Er zijn heftige debatten over. Apart organiseren van kankerzorg betekent namelijk ook dat er een boel leervermogen wegvloeit. Wij hebben in dit ziekenhuis erg veel baat van andere specialismen en profiteren juist van deze multidisciplinariteit. Ik denk wel dat de kankerzorg verder geconcentreerd zal worden. Dat zie je ook in landen om ons heen. Op welke manier dat het best kan, dat moet je in hoge mate aan de professionals over laten.’

Hoe reageren de zorgverzekeraars?
‘De onderhandelingen met zorgverzekeraars worden steeds scherper. Verschillende zorgverzekeraars hebben verschillende strategieën. Dat is nou eenmaal hoe ons zorgstelsel werkt. Een zorgverzekeraar wil centraal inkopen en dan doen andere zorgverzekeraars daar net weer niet aan mee. Voor ziekenhuizen is het lastig om afspraken te maken. Het zou veel beter zijn als zorgverzekeraars de handen ineen slaan. Zelfs mededingingstechnisch mag dat.’

Maakt u afspraken met zorgverzekeraars over omzetplafonds?
‘De favoriete formule is dat je op nacalculatie mag werken. Dat biedt ook voor zorgverzekeraars voordelen. Zij willen er niet de schuld van krijgen als mensen dure medicijnen niet mogen hebben. Het betekent wel dat naarmate de formule genereuzer is, de groeiruimte van andere vormen van zorg beperkter is. Verdringingseffecten krijg je natuurlijk wel.’

VWS zet nieuwe, dure, geneesmiddelen tijdelijk in de sluis: is dat een oplossing?
‘Ik vind het moeilijk om daar nu al een oordeel over uit te spreken. Nivolumab was het eerste geneesmiddel dat vorig jaar in de sluis kwam. Ook wij hebben daar gebruik van kunnen maken. Met het principe om meer druk te zetten op farmaceuten ben ik het zeker eens.’

Lees ook het interview met Jeroen van Dijk, Sales Director en Eelko den Breejen, Governmental Affairs Manager, beiden werkzaam bij Roche: 'Markt lost probleem dure medicijnen niet op' 

Of registreer u om te kunnen reageren.

Zorgvisie is een uitgave van Bohn Stafleu van Loghum, onderdeel van Springer Media B.V.
Voorwaarden