Blog: De tijd dringt voor ziekenhuizen en verzekeraars

De onderhandelingen over de hoofdlijnenakkoorden starten binnenkort. Ivo Knotnerus raadt de onderhandelaars aan: graag spijkers met koppen slaan nu.
Knotnerus: 'Onderhandelaars hoofdlijnenakkoord: graag spijkers met koppen nu'
Ivo Knotnerus

Onlangs verscheen het rapport van de Taskforce ‘Juiste Zorg op de Juiste Plek’; nog net op tijd om een rol te kunnen spelen in de totstandkoming van de nieuwe hoofdlijnenakkoorden. De opdracht aan de taskforce was om ‘een overtuigend perspectief met concrete bouwstenen voor de sector’ op papier te zetten. De ondertitel die ik eraan toevoeg: maak duidelijk dat we inmiddels echt wel weten hoe we uitgaven kunnen beperken met afspraken over zorginhoud. En geef ons de voorzet om sterke zorginhoudelijke hoofdlijnenakkoorden neer te kunnen zetten.
Slaagt het rapport daarin? Nou…, nee. Is het überhaupt een zinvolle bijdrage aan die hoofdlijnenakkoorden? Ook niet.

Vooruitblik Taskforce Juiste Zorg op de Juiste Plek

Eerst iets over de taskforce en haar rapport. Het is zonder meer een boeiend gezelschap, die taskforce. Leden zijn onder andere vertegenwoordigers uit de proeftuinen (Guy Schulpen, medisch directeur van eerstelijns zorgorganisatie ZIO), de zbc-wereld (Willem de Boer, raad van bestuur MC Groep en Jak Dekker, directeur van Equipe Zorgbedrijven) en een paar zorginhoudelijke hoogleraren. Usual suspects uit de gevestigde orde ontbreken volledig. Dat is leuk.

Het leidt tot een weinig terughoudende vooruitblik op de toekomst van de zorg. Die toekomst is veel dichter bij de woonomgeving van de patiënt en met veel minder traditionele ziekenhuiszorg dan nu, vindt de taskforce. ‘Haal de zorg tussen de muren vandaan’ is een van de deviezen. Uitstekend. Minpuntje: Het is wel een beetje lastig om die hoofdlijn te destilleren want het rapport is in de eerste plaats een enorme brij van grotere en kleinere projecten en initiatieven. Dat is ongetwijfeld in overeenstemming met de bedoelde boodschap: ‘Er is nu wel genoeg ervaring opgebouwd, ga er maar eens iets mee doen’, maar nu is het meer een encyclopedie dan een beleidsadvies.

Bestuurlijk commitment

Een geweldige turnoff zit er ook in. Er is namelijk ‘bestuurlijk commitment’ nodig en vooral Durf. Durf om zorg tussen de muren vandaan te halen ten gunste van zorg in de woonomgeving. Maar lieve taskforce, ‘durf’ is een jeukwoord. Het is gemakkelijk en goedkoop. Wat zorgbestuurders naast durf vooral nodig hebben, is realiteitsgevoel (de erkenning dat er serieus geld van de tweede lijn naar de eerste en nulde lijn moet), persoonlijk gezag (om binnen het huis de neuzen in die richting te praten) en empathie (met de medewerkers die onvermijdelijk het huis zullen moeten verlaten en met de lokale burgerij die hier en daar haar vertrouwde ziekenhuis gaat missen).

En daarmee raken we aan de million dollar question: Is het rapport een effectieve boodschap voor de hoofdlijnakkoorden? Nee dus. Het rapport benoemt geen concrete maatregelen noch echte gevolgen. Uiteindelijk moet er gewoon geld verschuiven. Het had geholpen dat een beetje prominent te melden. In de zorg verschuift maar heel weinig zonder harde financiële randvoorwaarden.

Zinnige zorg

Dat dat kan, bewijst VGZ inmiddels met haar Zinnige-Zorg-contractering. Als we de theebladeren juist lezen, zal later deze week uit het jaarverslag over 2017 een teruglopende stijging van de vergoedingen aan zorgaanbieders blijken. Wat VGZ betreft geen stijging van de zorgpremies. En uit het veld horen we dat de ziekenhuizen van de Zinnige-Zorg-alliantie blij zijn met hun meerjarige contracten, terwijl die toch echt een jaar-op-jaar afnemende vergoeding omvatten. Zoals bestuurder van het Westfriesgasthuis Arno Timmermans het enigszins geparafraseerd verwoordde tijdens een FMS-symposium vorige week: ‘At the end of the day sta je als ziekenhuis toch voor het verlenen van goede zorg in een bepaalde maatschappelijke context. En als goede zorg een verschuiving naar de eerste en nulde lijn vraagt, dan kun je als ziekenhuis niet anders dan daarin willen meebewegen’.

Haast maken

Er is haast geboden om die ambitie te realiseren. Niemand twijfelt over de realiteitswaarde van de CPB-prognose dat de zorgkosten bij ongewijzigd beleid over een paar jaar 20 procent hoger liggen. Dat zou alle ruimte voor maatschappelijke veranderingen die  óók belangrijk zijn, onfinancierbaar maken. Deze kabinetsperiode is de laatste kans om te laten zien dat zorgaanbieders en zorgverzekeraars samen tot echte uitgavenmindering kunnen komen. Lukt dat niet, dan neemt de rijksoverheid het stuur weer in handen. En gelooft u me: daar wordt u niet blij van. Het perspectief is niet ingewikkeld te bedenken. We gaan dan de kant op van regionale populatiefinanciering waarin één preferente verzekeraar deals met een breder-dan-nu regionaal zorgveld moet gaan maken. En, daar komt-ie: om zeker te stellen dat dat ergens toe leidt, krijgen die regio’s gewoon 10 procent minder budget mee. De benadering die ook is gevolgd bij de jeugdzorg-decentralisatie. Weet u nog?

Adviezen voor de onderhandelaars

Verzekeraars: Het komt er nu op aan. Vbhc-afspraken met ziekenhuizen zijn prima, maar het moet draaien om de flankerende afspraak dat zoiets geld oplevert. En niet weinig. Procenten per jaar. Breng een deel van dat geld naar de eerste en nulde lijn en naar tweedelijns aanbieders die hetzelfde goedkoper kunnen. Verstandig en ruimhartig.

Ziekenhuizen en dokters: Zoals het de afgelopen jaren was, zal het niet meer zijn. Ga praten met degenen die al op weg zijn naar krimp, vernieuwing en echte verbinding met de eerste lijn en leer dat je er blij van kunt worden.

Overheid: Geef ze nog even. Het is méér dan een groene waas die nu in het veld zichtbaar is, zie de jaarrekening van VGZ. De hoofdlijnakkoorden volhangen met allerlei goedbedoelde zorginhoud is contraproductief, het leidt af van uw einddoelstelling. Wilt u iets zinvols doen, ga dan voor afspraken over een sterkere verkleining van de uitgavenstijging dan die lousy 1,9 miljard euro.

Tempo, ziekenhuizen en verzekeraars. U heeft nog maximaal drie contracteringsrondes. De klok tikt.

Ivo Knotnerus, zelfstandig adviseur en management controller in de zorg.

1 REACTIE

  1. Een boeiend en zinnig pleidooi, Ivo. Alleen ben ik het niet eens met je duiding van het gezelschap van de Taskforce – die usual suspects die zouden ontbreken -, want los van individuele wellicht iets minder bekende namen zie ik een samengesteld gezelschap dat de sector breed vertegenwoordigd, met twee grote zorgverzekeraars olv. minVWS. En, met het gratuite gebruik van woorden als ‘durf’, vooral een club die juist geen vooruitblik op de toekomst van de zorg heeft. De encyclopedie van de bestaande kaders.
    Ik geef toe, ik heb het rapport van de Taskforce niet gelezen en ik was niet op de hoogte. Als een echte buitenstaander.

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet u ingelogd zijn. Heeft u nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.