Artikel bewaren

U heeft een account nodig om artikelen in uw profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
Reacties0

Opinie Maurice van den Bosch | Tempo geboden voor landelijke dataregie

Digitale zorg bewijst dat het anders kan, maar Maurice van den Bosch ziet dat Nederland worstelt met landelijke opschaling en structurele financiering. Publiek-private samenwerking lijkt onvermijdelijk. Tegelijk vraagt groeiende datadeling om stevige publieke regie, met een sleutelrol voor de Gezondheidsdata-autoriteit.
Portretfoto Maurice van den Bosch
Maurice van den Bosch | Fotografie: Diederik van der Laan | Dutch Photo Agency

Tien jaar geleden begonnen we in Amsterdam met een virtuele longkliniek voor patiënten met astma en COPD. Het aantal poliklinische consulten halveerde. Later groeide dit uit tot de Virtual Ward, waarin huisartsen, stadsziekenhuis OLVG en thuiszorgorganisatie Cordaan samenwerkten. Inmiddels begeleiden organisaties als Zorg bij Jou tienduizenden patiënten op afstand. In 2025 waren dat ruim 20.000 patiënten, en werd er 800 fte vrijgespeeld.

Investeringkracht ontbreekt

Juist daar wringt de schoen in Nederland. Innovatie ontstaat nog te vaak binnen individuele instellingen en bereikt maar moeizaam landelijke schaal. Initiatieven als Zorg bij Jou, CumuluZ, BeterDichtbij en Digizorg laten zien dat samenwerking wél mogelijk is. En dat die grote schaal nodig is om echt verschil te maken. De gebrekkige financiering maakt het nog moeilijker. Met 1 tot 2 procent rendement ontbreekt het ziekenhuizen aan investeringskracht. Terwijl partners zoals Philips, ChipSoft en Microsoft rendementen met dubbele cijfers maken waar het gaat om digitale innovatie. Ook zorgverzekeraars doen het goed. Zo sloot VGZ als een van de grootste het jaar 2025 af met een positief resultaat van 578 miljoen euro.

Samenwerking is onvermijdelijk

Ziekenhuizen investeren nu vooral met middelen uit het Integraal Zorgakkoord, die eind volgend jaar ten einde lopen. Daarna is onduidelijk hoe digitale innovatie structureel wordt gefinancierd, en wat er vanuit het Aanvullend Zorg- en Welzijnsakkoord nog beschikbaar is voor duurzame financiering. Publiek-private samenwerking wordt daardoor onvermijdelijk. Techbedrijven en zorgverzekeraars investeren al volop in digitale zorg en AI. Dat is nodig om innovatie gaande te houden, maar het verandert ook de positie van ziekenhuizen: van zelfstandige zorgaanbieder naar partner in een groter digitaal netwerk.

Daarmee wordt het veilig delen van patiëntgegevens steeds belangrijker, dat maakte de hack van ChipSoft meer dan duidelijk. Datadeling biedt grote kansen, maar brengt ook risico’s met zich mee. Daarom is het een goede ontwikkeling dat het ministerie van VWS werkt aan de Gezondheidsdata-autoriteit (GDA). Deze krijgt een belangrijke rol in de uitvoering en governance van de European Health Data Space.

Niet snel genoeg

De GDA kan zorgen voor meer regie, duidelijkheid en vertrouwen bij het gebruik van gezondheidsgegevens. Bovendien kan de autoriteit helpen om digitale innovaties sneller op te schalen en beter te sturen. In maart 2029 moet de livegang plaatsvinden. Wat mij betreft kan de Gezondheidsdata-autoriteit echter niet snel genoeg van start gaan. Alleen met duidelijke regie kunnen we de kansen van datadeling benutten én de risico’s beheersen.

Door Maurice van den Bosch, bestuursvoorzitter van het Antoni van Leeuwenhoek – Nederlands Kankerinstituut

Geef uw reactie

Om te kunnen reageren moet u ingelogd zijn. Heeft u nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.