De 12-minners zijn een vergeten groep in de jeugdzorg’

Volgens Pluryn-directeur Lieke van Domburgh kost het te laat inzetten van jeugdzorg de samenleving miljoenen.

Artikel bewaren

U heeft een account nodig om artikelen in uw profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
Lieke van Domburgh, directeur Kwaliteit van Zorg & Innovatie bij Pluryn
Lieke van Domburgh, directeur Kwaliteit van Zorg & Innovatie bij Pluryn

Er wordt te laat ingegrepen bij probleemgedrag van jongeren. De politie, wijkteams en zorgverleners richten zich vooral op pubers, terwijl vroegtijdige behandeling van kinderen met probleemgedrag op de lange termijn meer effect heeft. Dat stelt Lieke van Domburgh, directeur Kwaliteit van Zorg & Innovatie bij Pluryn en onderzoeker bij het VUmc afdeling Kinder- en Jeugdpsychiatrie. Ze luidt de noodklok over de huidige situatie.

Delinquent gedrag bij kinderen

‘Het probleem gaat ver terug’, vertelt Van Domburgh, die twaalf jaar geleden voor haar promotie al onderzoek deed naar het onderwerp. ‘We wisten lang geleden al dat kinderen die delinquent gedrag vertonen een groot risico vormen om op latere leeftijd ook probleemgedrag te hebben. Toch gaat de aandacht van politie, wijkteams, scholen en zorgverleners vooral naar lastige pubers. Het strafrecht begint bij 12-jarigen, dus als een kind iets strafbaars doet zegt Justitie: dit hoort niet bij ons.’

Dat er geen aanpak is voor jonge kinderen met probleemgedrag bevreemdt Van Domburgh. ‘We weten dat het risico heel hoog is dat kinderen met probleemgedrag later in de jeugdzorg terechtkomen. We weten ook dat het effect van ingrijpen met een behandeling veel groter is als we dat op jonge leeftijd doen. Tot slot weten we dat het heel lastig is om bij pubers vast te stellen of ze op jonge leeftijd al probleemgedrag vertoonden en dat bij een derde van de kinderen met dit gedrag een psychische stoornis speelt. Toch grijpen we niet eerder in, terwijl je met een jong kind nog alle kanten op kunt. Dan is het wel fijn als je het de goede kant op kunt sturen. We missen nu een groep die prima te identificeren is.’

Behandeling 12-minners noodzaak

De directeur merkt dat het geen bewuste keuze is van veel partijen om pas in te grijpen in de puberteit. Van Domburgh: ‘Ik hoor vaak dat mensen zeggen: ach, spijbelen, dat heb ik ook weleens gedaan toen ik jong was. Maar deed je dat ook al op je achtste? Dat is gedrag waar we ons zorgen om moeten maken, maar de focus ligt nu op oudere kinderen. Een agent heeft eerder een adolescent voor ogen dan een klein kind. Bovendien is een 8-jarige die boos wordt echt wat anders dan een 16-jarige die boos wordt. Voor die tweede zijn we banger, want die zijn gevaarlijker.’ De directeur merkt wel dat veel partijen de noodzaak van behandeling van 12-minners inzien. ‘Als ik er met mensen over spreek, zeggen ze altijd: hier moeten we wat aan doen. Toch gebeurt dit niet, omdat er vaak andere dingen zijn die voorgaan.’

Interventies voor behandeling 12-minners met gedragsproblemen

De afgelopen jaren zijn er interventies ontwikkeld om 12-minners met gedragsproblemen te behandelen. ‘Bij Intermetzo wordt bijvoorbeeld SNAP gebruikt, het Stop Nu Ander Plan-programma’, legt Van Domburgh uit. Het behandelprogramma richt zich op kinderen tussen de 6 en 12 jaar oud die dreigen het criminele pad op te gaan. Daarbij worden ook de ouders, de school en omgeving van het kind betrokken. De eerste onderzoeksresultaten naar SNAP in Nederland zijn veelbelovend vertelt Van Domburgh. ‘Ze laten zien dat we in staat zijn hoogrisico gezinnen in de interventie te krijgen en de gedragsproblemen van de kinderen te verminderen. Bij elke interventie die voor deze doelgroep is ontwikkeld, is het belangrijk dat behandelaren naar het hele gezin kijken, niet alleen naar het kind. Zie de ouders als volwassen mensen met hun eigen sores en niet alleen als ouders. Misschien hebben zij ook wel een behandeling nodig. Als dat niet gebeurt, kan een kind ook niet profiteren van zijn eigen behandeling. Stap één is dus om ons ook te richten op 12-minners. Stap twee is om een twee-generatie-aanpak in te zetten.’

Financiële gevolgen voor de samenleving

Van Domburgh vindt het jammer dat er niks gebeurt. Niet alleen vanwege de toekomst van de kinderen om wie het gaat, maar ook omdat het verkeerd inzetten van hulp flinke financiële gevolgen heeft voor de samenleving. ‘Te laat inzetten kost de samenleving miljoenen. Delicten kosten vaak veel geld, dus als je die kunt verminderen bespaar je geld. Dan heb ik het nog niet eens over de kosten van maatschappelijke schade. De vraag is dus: overzien we de langere termijn? Ik denk dat we nog grote slagen kunnen maken.’

2 REACTIES

  1. helemaal mee eens. Die jonkies zijn te weinig openlijk tot last, helaas al jarenlang. Laten we daar nou eens systematisch op inzetten, inderdaad via de kinderopvang en de scholen. Met kringen daarom heen. Het ligt zo voor de hand…..

  2. Lees alle reacties
  3. Goed stuk. Ze zijn er, ze zijn er al jong en de beste vindplaats en signaleerplek is het onderwijs. Laat van daaruit dan ook integrale vroeginterventie plaatsvinden.
    Dan ben je op lange termijn goedkoper én beter uit. @lvandomburgh

    Rob Verstegen

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet u ingelogd zijn. Heeft u nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.