De Jonge voelt niks voor versimpeling indicaties ouderenzorg

Herindicaties binnen de Wlz blijven nodig en de bekostiging op basis van één landelijk tarief is niet wenselijk. Dat schrijft minister Hugo de Jonge van VWS in een brief aan de Tweede Kamer.

Artikel bewaren

U heeft een account nodig om artikelen in uw profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
Foto: AdobeStock

De Jonge reageert hiermee op vragen van Fleur Agema (PVV) en Corinne Ellemeet (GL). Agema vroeg de minister in een Algemeen Overleg op 7 februari 2019 te onderzoeken wat voor gevolgen het zou hebben als de bekostiging in de ouderenzorg wordt gebaseerd op één zorgprofiel. De minister ziet er geen heil in. ‘De toegankelijkheid of kwaliteit van zorg van de zwaarste groepen cliënten in de instelling zou hiermee in het gedrang komen’, schrijft hij.

Cliëntenmix

Het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) heeft de cliëntenmix van zorginstellingen in kaart gebracht met gebruik van cijfers uit 2017 van de NZa. Daaruit blijkt dat één landelijk tarief per verpleegdag ‘aanzienlijke gevolgen’ zou hebben voor de zorginstellingen met relatief veel cliënten die intensieve zorg nodig hebben. Het betreft ongeveer 10 procent van de instellingen.
De Jonge schrijft dat een geheel ander model van bekostiging op korte termijn ‘onwenselijk en niet aan de orde’ is en dat veldpartijen de bekostiging op basis van zorgprofielen als eenduidig, eenvoudig en flexibel ervaren.

Herindicaties

Ellemeet haalde tijdens het Algemeen Overleg op 25 juni 2019 aan dat cliënten met een verkeerde indicatie het verpleeghuis binnenstromen.
De Jonge weerlegt deze constatering. Hij schrijft dat een groot deel van de cliënten die blijvend in een verpleeghuis worden opgenomen, kort voor of na de opname een indicatie heeft gekregen. Indien de cliënt enige tijd moet wachten op een opname, kan het voorkomen dat bij opname de indicatie bijstelling behoeft, schrijft De Jonge. ‘Gelet op het relatief beperkte aantal herindicaties, is echter aannemelijk dat in veruit de meeste gevallen de indicatie bij de opname nog steeds passend is.’

Administratieve last

Agema stelde in het Algemeen Overleg op 7 februari 2019 dat de administratieve lasten gereduceerd zouden kunnen worden door te stoppen met herindicaties in de Wlz. De administratieve last is gezien het beperkte aantal herindicaties eveneens beperkt, schrijft de minister. Uit cijfers van het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) blijkt dat het merendeel van de cliënten in de Wlz de eenmaal verkregen indicatie behoudt. In dat geval is er geen reden om deze cliënten later voor een ander zorgprofiel te herindiceren.

Het CIZ, dat de aanvragen beoordeelt, is afgelopen zomer gestart met de uitrol van de nieuwe werkwijze ‘CIZ versnelt’. Die proef blijkt aan te slaan. De Jonge benoemt dat het CIZ een tijdelijke indicatie stelt als sprake is van een tijdelijk hogere zorgvraag.

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet u ingelogd zijn. Heeft u nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.