Zelfstandige behandelcentra zouden enorm groeien, winsten uitkeren aan buitenlandse aandeelhouders en veel onnodige zorg leveren zonder contract met zorgverzekeraars. Met die argumenten voeren ziekenhuizen en zorgverzekeraars lobby. Maar welke cijfers schuilen er achter die claims?
Ziekenhuizen en zorgverzekeraars vinden dat zelfstandige


Het artikel corrigeert terecht de toon van het debat, maar gaat voorbij aan de onderliggende systeemvraag, die bepaalt of de huidige ontwikkeling houdbaar is op de lange termijn.
De kernvraag voor mij is hoe de zorg als geheel gelijkmatig wordt verdeeld per regio, en collectief betaalbaar blijft. Als zelfstandige klinieken zich vooral richten op voorspelbare en efficiënte zorg, terwijl ziekenhuizen de complexe en dure zorg blijven dragen, kan dat op termijn leiden tot een scheve verdeling van kosten en risico’s.
Omzet- en winstcijfers zeggen op zichzelf weinig. Ziekenhuizen dragen structureel hogere kosten vanwege spoedzorg, IC-capaciteit, opleiding en complexe behandelingen. ZBC’s opereren juist in een segment met planbare, laagcomplexe zorg en minder risico. Dat verklaart deels hun efficiëntie, maar maakt een directe vergelijking van rendementen weinig betekenisvol.
Het aandeel niet-gecontracteerde zorg wordt vooral kwantitatief benaderd. Hoewel dit met circa 1% van de totale uitgaven klein lijkt, raakt het aan fundamentele sturingsmechanismen zoals kwaliteit, volume en passende zorg : essentieel in een collectief gefinancierd stelsel. Ter vergelijking: als het om 1% fraude zou gaan, zou niemand dat als verwaarloosbaar bestempelen.
Onderbelicht: de verdeling van voor- en nazorg. ZBC’s verzorgen doorgaans de behandeling en korte follow-up, terwijl patiënten bij voorzorg, langdurige nazorg en complicaties vaak terugvallen op huisartsen en ziekenhuizen. Daarmee worden kosten en risico’s deels verschoven binnen het systeem, zonder dat dit zichtbaar wordt in de gepresenteerde cijfers.
Sterre ten Houte de Lange doet nuttig werk door de cijfers van NVZ en ZN te corrigeren.
De omzetgroei van zbc’s is overdreven weergegeven, de niet-gecontracteerde zorg is in absolute termen bescheiden, en een rendement van 4,3% is geen schandaal. Tot zover de factcheck.
Maar de drie gecheckte claims zijn niet de structurele kern van het zbc-debat. Die kern heet: case-mix selectie en bekostigingslogica.
Zbc’s concurreren op elektief, enkelvoudig, planbaar volume bij relatief gezonde patiënten.
Dat is hun businessmodel.
Het probleem zit in de DBC-systematiek: tarieven zijn gemiddelden over een heterogene populatie.
Een heupprothese bij een 58-jarige zonder comorbiditeit kost minder dan het gemiddelde tarief suggereert.
Een ziekenhuis kruissubsidieert dat geval met de complexe patiënt — de 74-jarige met hartfalen en diabetes die dezelfde heup nodig heeft maar viermaal zoveel zorgconsumptie genereert.
Als een zbc de goedkope variant weghaalt, blijft het ziekenhuis achter met een verslechterde case-mix bij ongewijzigde vaste kosten: SEH, IC, 24/7-beschikbaarheid, opleidingsfunctie.
Dit mechanisme wordt in het artikel helaas niet onderzocht.
Daarnaast verdient de opmerking “winst is een mening” meer analytisch gewicht dan één zin.
Private equity-structuren werken standaard via intercompany leningen: een Nederlandse werkmaatschappij leent van een buitenlandse holding tegen een hoge rente. Die rente is een bedrijfslast, verlaagt het boekhoudkundige resultaat, en vloeit vrijwel onbelast naar de moeder.
De €48 miljoen aan dividenden die de NZa registreerde is dus vermoedelijk een onderschatting van de werkelijke kapitaalonttrekking — het artikel suggereert het omgekeerde.
Tot slot: het “tekenen bij het kruisje”-argument van zbc’s wordt in één alinea weggeschreven.
Maar vier verzekeraars beheersen samen circa negentig procent van de Nederlandse zorgmarkt.
De contractmacht is fundamenteel asymmetrisch.
Niet-gecontracteerde zorg is voor kleinere aanbieders soms de enige manier om buiten de door verzekeraars geprefereerde netwerken bestaansrecht te hebben.
Het kabinetsvoornemen om niet-gecontracteerde zorg volledig af te schaffen treft dan ook niet alleen de uitwassen — het consolideert de marktmacht van verzekeraars.
En dat onderscheid verdient een factcheck op zichzelf.
De lobby van NVZ en ZN gebruikt overdreven cijfers. Maar dat maakt de structurele vragen over cherry-picking, bekostigingslogica en kapitaalonttrekking niet minder urgent. Een factcheck die de zwakke claims van een lobby ontkracht zonder de onderliggende mechanismen te adresseren, biedt de lezer een gevoel van helderheid dat niet volledig verdiend is.
Helemaal eens met Tettero over demagogisch argument van “weglekken van geld uit de zorg”. Ik wil een ander punt noemen: het hele fenomeen van ZBC’s zou nooit zijn ontstaan als zoals de aanbieders als zorgverzekeraars zicht hadden op de kosten van de diverse vormen van zorg. Maar dat inzicht was er niet en een ziekenhuis kreeg in feite een zak met geld en die kon het er maar net mee doen. In werkelijkheid bleken er grote verschillen te zijn in winstgevendheid. Bij die vakgebieden ontstonden dan ook de ZBC’s zoals bij orthopedie en oogheelkunde. Die werden ook nog eens veel beter beoordeeld door de patiënten. Er werd toen wel geselecteerd op ASA en complexiteit. Ook de kwaliteit was niet altijd in orde. Het was in eerste instantie dan ook terecht dat ziekenhuizen claimden dat er krenten uit de pap werden gehaald. Ondertussen heef ieder ziekenhuis en iedere verzekeraar al ruim 30 jaar de tijd gehad om te zorgen voor evenwicht tussen kosten en vergoeding. Ook correcties op ASA en complexiteit. De kwaliteit kan ook tegenwoordig veel beter gemonitord worden. Laat de concurrentie er maar zijn tussen ZBC’s en ziekenhuizen. Beide hebben troeven in handen.
Goed om de cijfers achter de grote woorden te presenteren. Mijn beeld is dat het wel mee valt.
Wat ik er nog aan toe wil voegen: waarom is winst maken in de zorg zo’n groot punt? Alle toeleveranciers (EPD leveranciers, tech bedrijven, farmacie, verbandmiddelen, schoonmaak, consultants, ZZP’ers etc.) mogen dat wel en daar vindt niemand wat van. Maar als een zorgondernemer, die veel risico loopt en heel veel uren in zijn of haar bedrijf investeert, (een beetje) rendement maakt, dan ‘onttrek je geld uit de zorg’. Ik begrijp daar echt niet zo veel van.
Ik ben het met Patrick eens. Zie ook mijn blog voor ZorgVisie hierover: https://www.zorgvisie.nl/blog/beoordeel-private-equity-in-de-zorg-met-ruime-blik/