RVZ: Toezichthouders niet ‘in control’

Toezichthouders van zorginstellingen hebben te weinig zicht op kwaliteit en veiligheid. Vooral in de care-sector zijn toezichthouders onvoldoende 'in control' en kunnen ze niet altijd adequaat verantwoording afleggen. Dat zegt de Raad voor de Volksgezondheid en Zorg (RVZ) in het advies 'Garanties voor kwaliteit van zorg' dat donderdag is aangeboden aan secretaris-generaal Leon van Halder van het ministerie van VWS.

Artikel bewaren

U heeft een account nodig om artikelen in uw profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
Leon van Halder
Leon van Halder

‘Het huidige interne toezicht is nog niet klaar voor de nabije toekomst’, aldus de RVZ. ‘Het is voor de raad van toezicht vrijwel niet mogelijk om zich ervan te vergewissen dat de RvB zijn rol en verantwoordelijkheid voor kwaliteit en veiligheid aantoonbaar waarmaakt. Dit is de kern van het governanceprobleem in de zorg’, schrijft de raad in het advies.

Wet voor goed bestuur

De minister heeft om het advies gevraagd omdat zij bezig is met de voorbereiding voor een wet voor goed bestuur in de zorg. In het voorjaar moet het wetsvoorstel naar de Kamer. In de conceptplannen worden de

8
27

Wilt u dit premium artikel verder lezen?

Sluit eenvoudig een gratis proefmaand af of neem een abonnement. Al voor de prijs van 1 kop koffie per week (2,50 euro) kunt u onze premiumartikelen lezen.

Bent u al abonnee? Log dan in en lees verder.

8 REACTIES

  1. ‘Zorgprofessionals en instellingen moeten indicatoren ontwikkelen die relevant zijn voor de dagelijkse zorgpraktijk. Die indicatoren moeten in de plaats komen van de van buitenaf opgelegde indicatoren. ‘
    Ik kan me vergissen maar volgens mij zaten de professionals toch echt aan tafel bij ZiZo. En de indicatoren van de IGZ komen ook niet zomaar uit de lucht vallen. Wil niet zeggen dat het niet anders moet en kan (neem het mooie voorbeeld Meetbaar Beter) maar te makkelijk om te zeggen dat alles ‘van buitenaf’ komt.

  2. Lees alle reacties
  3. Jan Willem Thissen
    Raden van Bestuur zijn formeel verantwoordelijk voor de kwaliteit van de zorg. In de praktijk zullen zij echter inhoudelijk de medische en vakinhoudelijke kwaliteit van geleverde zorg niet kunnen beoordelen. Dat kunnen alleen de zorgprofessionals zelf. Het enige wat binnen professionele organisaties werkt is om de zorgprofessionals zelf hiervoor verantwoordelijk te maken en de gevolgen bij onvoldoende kwaliteit te laten dragen. De ‘lusten en de lasten’ dus. Het mede- eigenaar maken van zorgprofessionals is dus een goede oplossingsrichting. Mede-eigenaar schap geeft focus, gelijkgerichtheid en houdt zorgprofessionals scherp op kwaliteit en service.

  4. Dat toezichthouders in de zorg nog niet klaar zijn, heeft twee oorzaken.
    Het toezicht is in Nederland nogal eenzijdig georganiseerd. Van commissarissen wordt verwacht dat ze brancheervaring en een relevant netwerk worden gevraagd. Maar lobbyisten zijn zelden goede toezichthouders. En genderdiversity biedt zelden een brede ervaring. Verder zijn toezichthouders te soft. We hebben een overmaat aan regels, maar welke worden consequent toegepast? Zie bijvoorbeeld de salarissen, om maar iets te noemen. Voor wat betreft de kwaliteitseisen worden hbo’ers inmiddels op pad gestuurd met een set regels waar de gemiddelde academicus niet meer uit komt. Gevolg: ieder die wil kan aan de regels ontkomen. Toezichthouden vergt ervaring. Het weten wanneer je kunt loslaten en wanneer je moet ingrijpen. En als dat laatste nodig is, dat dan ook doen.

  5. Raden van Bestuur moeten er nu bij de medisch specialisten in hun ziekenhuis op aandringen dat zij ernst maken met het opzetten en invulling geven van hun professionele kwaliteitssysteem. Over de opzet hiervan, de uitvoering, deelname en (verbeter)resultaten legt de specialist, vakgroep en stafbestuur dan verantwoording af aan de Raad van bestuur. Dit kan en mag niet meer vrijblijvend zijn.
    Alleen dan kan de Raad van Bestuur ‘in control’ zijn.
    De Raad van Toezicht ziet er op toe dat het Bestuur deze verantwoordelijkheid naar de medisch specialisten ook aantoonbaar waarmaakt.

  6. Eind 2011 heeft een bijna unanieme Tweede Kamer een motie aangenomen die uitkomstfinanciering verordonneert per uiterlijk 2020. Uitkomstfinanciering wil zeggen: pay for performance.
    Zie http://www.gezondezorg.org/p4p. Er wordt hard gewerkt aan de realisatie van dat financieringssysteem, i.c. aan de performance-assessments (die de ziektelastontwikkeling en de patiënttevredenheid zouden moeten meten, waar het om gaat in de zorg).
    Eens dat systeem gerealiseerd is, wordt vanzelf duidelijk hoe het gesteld is met de kwaliteit van zorginstellingen. En de zorgfinanciers hebben inzicht in de kosten die zorginstellingen maken/declareren, dus dan wordt vanzelf de kosteneffectiviteit ook duidelijk.
    De RVZ adviseert om de professionele governance te integreren met het kwaliteitssysteem van het ziekenhuis. En de Raad stelt dat zorgprofessionals en instellingen indicatoren moeten ontwikkelen die relevant zijn voor de dagelijkse zorgpraktijk.
    Volgens mij is dat proces allang al gaande, en loopt de RVZ achter de feiten aan.

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet u ingelogd zijn. Heeft u nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.