Virtuele verpleegkundige Molly wordt arts

De virtuele verpleegkundige Molly, die hartpatiënten monitort, gaat zich ontwikkelen tot een digitale applicatie die op afstand zelfstandig beslissingen kan nemen. Zoals het voorschrijven van medicatie en het geven van medisch advies.

Artikel bewaren

U heeft een account nodig om artikelen in uw profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
Molly

Onderzoekers van het Maastricht UMC+ en een aantal internationale partners ontvangen voor het opwaarderen van de huidige virtuele verpleegkundige Molly ruim 4,5 miljoen euro aan Europese subsidies. Molly is een zogeheten zorgavatar. Deze is gericht op de monitoring van patiënten, en geeft daarnaast ook medische informatie. Momenteel kijkt er nog een echte verpleegkundige op afstand mee in de data.

Binnenkort wordt Molly structureel geïmplementeerd in de Maastrichtse hartfalenzorg. Uit onderzoek blijkt dat deze vorm van zorg effectief is. Het aantal ziekenhuisbezoeken neemt af en patiënten voelen zich op hun gemak. Maar om toekomstige uitdagingen het hoofd te kunnen bieden willen de onderzoekers nog een stap verder gaan en de patiënt in staat stellen om zichzelf te behandelen.

Zelflerend en gebruiksvriendelijk

Om het project te laten slagen is het van belang om rekening te houden met verschillende randvoorwaarden. Zo moet de virtuele medicus bijvoorbeeld zelflerend zijn en zich aan kunnen passen aan veranderingen in de toestand van de patiënt. De toepassing moet ook gebruiksvriendelijk en stimulerend zijn voor iedere doelgroep, ongeacht opleidingsniveau, leeftijd of geslacht.

Juridisch zijn er ook vraagstukken die om een antwoord vragen. Wie is er bijvoorbeeld verantwoordelijk als er toch iets niet goed gaat in de zorg? ‘In geval van twijfel zal er altijd worden doorverwezen naar een zorgverlener,’ aldus cardioloog Hans-Peter Brunner-La Rocca. Hij is de projectleider van de doorontwikkeling van Molly.

Molly en andere specialismen

De toepassingen van Molly zijn volgens Brunner-La Rocca breder dan zijn specialisme alleen. ‘Nu wordt de applicatie specifiek ontwikkeld voor hartfalenzorg, maar in theorie kan deze natuurlijk ook worden ingezet voor andere specialismen, zodat we uiteindelijk de gezondheidszorg als geheel efficiënter kunnen maken.’

Het project wordt volgens het Maastricht UMC+ de komende 3,5 jaar uitgevoerd door verschillende kennisinstellingen. Dit met medewerking van partijen die onder meer deskundig zijn op het gebied van serious gaming, kunstmatige intelligentie en telemonitoring.

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet u ingelogd zijn. Heeft u nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.