Artikel bewaren

U heeft een account nodig om artikelen in uw profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
Reacties2

Column | Struikel omhoog; vertrouwen groeit waar controle verdwijnt

Marcel Canoy
Hoogleraar gezondheidseconomie en dementie aan de VU, economisch adviseur bij de ACM, en lid adviescommissie pakket van Zorginstituut Nederland
De term ‘omhoogstruikelen’ verandert volgens Marcel Canoy van negatieve kwalificatie naar krachtig concept voor kwetsbare mensen. Ontwikkeling, gelijkwaardigheid en vertrouwen staan daarbij centraal.
Marcel Canoy, zorgeconoom | Fotografie: Paul Tolenaar

Het is mooi hoe een negatieve term kan veranderen in een geuzennaam. ‘Omhoogstruikelen’ associeerde ik aanvankelijk met omhooggevallen middenstanders, non-valeurs en stoethaspels die per ongeluk op hoge plekken terechtkomen. Zeg maar het type Femke Wiersma of Marjolein Faber. Maar de term omhoogstruikelen kan veel positiever geladen worden als het gaat om kwetsbare mensen. En dat doen ze bijvoorbeeld bij Zelfregie Nederland. In die wereld betekent het dat kwetsbaarheid er mag zijn, dat de beweging omhooggaat, maar de ontwikkeling niet lineair verloopt.

Ontwikkeling

Door omhoog te struikelen gebeuren er dingen die in de reguliere ggz of professionele hulpverlening ontbreken. Er is geen behandeling voor een aandoening of stoornis, maar een ontwikkeling. In die ontwikkeling speelt de hulpvrager de hoofdrol. Niet alleen als degene met de meest relevante kennis, maar ook als iemand die op andere domeinen dan waarvoor hij of zij is gekomen iets kan brengen. De gelijkwaardigheid en de zingeving zijn goed voor de eigenwaarde en kunnen mensen uit de passiviteit of negativiteit halen.

Bij omhoogstruikelen past ook vrijheid en geen afhankelijkheid en controle. Zo hoorde ik laatst van Sonja Visser, jarenlang het boegbeeld van Zelfregie NL en nu directeur van de landelijke vereniging voor zelfregie en herstel, over het laagdrempelig maken van het meldpunt voor dak- en thuislozen in Noord- en Midden-Limburg. Dat betekende géén scanpoortjes meer en wél mensen in huis die een locatieverbod hadden bij het voormalige goed beveiligde meldpunt. Het aantal incidenten werd teruggebracht tot bijna nul. Dit is koude ironie; de scanpoortjes waren juist geplaatst om incidenten beter te beheersen.

Afname van incidenten

De vraag waarom incidenten juist afnamen, is interessant. Voor kwetsbare mensen stonden die poortjes symbool voor wantrouwen. Wantrouwen kan een negatief zelfbeeld bevestigen, wat weer bevestigd wordt door incidenten. Het weghalen stond gelijk aan vertrouwen dat niet beschaamd werd en leidde tot meer positief gedrag.

Die scanpoortjes zijn er metaforisch ook op hoger niveau. Eindeloze controle en verantwoordingscircussen op gedetailleerde indicatoren doden creatieve oplossingen, leiden tot administratieve nachtmerries en opportunistisch gedrag.
Ter illustratie: de fraude bij de toeslagenaffaire ging om maar liefst 0,2 procent van het bedrag aan uitkeringen, waar ook nog veruit de meeste burgers die voor fraude werden gestraft dat helemaal niet doelbewust deden (en wat dus eigenlijk geen fraude genoemd mag worden).

Maak kennis met zwaartekracht

Omhoogstruikelen accepteert ook dat fouten maken niet gelijkstaat aan falen maar aan proberen, leren en ontwikkelen. Je kunt heel beschermend verhinderen dat een kind in zeven sloten tegelijk loopt. Maar als het kind uit een klimrek valt, heeft het kennisgemaakt met de zwaartekracht.

Ik wens de zorg en onze samenleving veel omhoogstruikelaars toe.

Door Marcel Canoy, hoogleraar gezondheidseconomie aan de VU

2 REACTIES

  1. Marcel Canoy lag al klaar voor zijn nieuwe heup toen de operatie werd afgeblazen. Zijn bloeddruk bleek boven de 200, bij herhaling gemeten, met risico op orgaanschade. Hij wist het niet.
    Sterker, op het formulier had hij ingevuld dat hij geen hoge bloeddruk had. De man die zijn heupzorg eigenhandig regelde, zijn huisarts overrulede en keer op keer naar Boxmeer reed, kende zijn eigen lichaam niet op het punt dat ertoe deed.
    Wat hem redde was precies de controle die hij in zijn column verafschuwt.
    De routinemeting vlak voor de ruggenprik — een procedure, een vinkje in een protocol — ving op wat zijn zelfregie had gemist.
    Zonder dat poortje was hij geopereerd bij een bloeddruk van 200.
    En de oplossing? De huisarts moet het eerst fixen. De man die zijn huisarts over zijn heup terzijde schoof ( ‘ mijn fysio….drie jaar sportschool) , gaat voor zijn bloeddruk terug naar diezelfde eerste lijn.
    In zijn blog ligt de schuld vooral bij hemzelf.
    De systeemvraag — neemt de kliniek maatregelen om dit te voorkomen? — stelde een arts in de reacties; in Canoys eigen verhaal komt ze niet voor.
    Eerlijk, en veelzeggend, want het is de eigen-verantwoordelijkheidsleer die zich tegen de auteur keert.
    De echte les ligt dieper. Een stelsel dat erop rekent dat patiënten hun eigen risico’s kennen en melden, faalt juist bij wie niet weet wat hij niet weet.

    Als de gezondheidseconoom, de best toegeruste patiënt die bestaat immers, zijn eigen familiaire hypertensie niet kent, wat gebeurt er dan met de kwetsbare oudere die hij naar huis stuurt om “zijn capaciteit te benutten”?
    Het past in een patroon, want Canoy spreekt zichzelf voortdurend tegen. Hij prijst het weghalen van de scanpoortjes bij de daklozenopvang als bewijs dat vertrouwen werkt, en bepleit tegelijk ouderen hun maaltijd en vervoer niet langer als recht te geven: vertrouwen voor de een, een nieuw poortje voor de aanspraak van de ander.
    Hij noemt de discussie over financiële prikkels “gezeur”, en rekent een zin later voor dat preventie loont omdat ze verzekeraar Menzis schade bespaart.

    Hij geeft toe dat het stelsel beloont dat mensen tegen hun eigen belang handelen, en noemt datzelfde stelsel even later prima en het glas halfvol.

    De wachtlijst voor het verpleeghuis is volgens hem “verdampt”, terwijl het RIVM de betekenis van die leegstand pas na de zomer van 2026 vaststelt en de zorgkantoren al voor een tekort ná 2028 waarschuwen.
    En de hardnekkigste tegenspraak blijft de twee maten. Voor zijn eigen heup wil Canoy namelijk het allerbeste: de gespecialiseerde kliniek, desnoods keer op keer heen en weer.

    En voor de psychiatrische patiënt prijst hij “geen behandeling maar ontwikkeling”, en zijn modelgemeenschap demonstreert hij in Austerlitz, een dorp waar de huizen het dubbele van het gemiddelde waard zijn.

    Voor zichzelf de topzorg, voor de kwetsbare de zingeving. Voor ieder wat.
    De operatie die niet doorging is zijn hele betoog in het klein.
    Zelfregie is namelijk een voorrecht van wie gezond en geïnformeerd is, en zelfs dan haalt het je blijkbaar van de operatietafel zodra het misgaat.
    De controle die Canoy wil afbouwen, ving dus zijn eigen risico op.
    Ironie.
    Wie diezelfde controle weghaalt voor mensen zonder zijn geld en zijn geluk, haalt het vangnet weg onder degenen die het nodig hebben.

    En die rekening staat in geen enkele column van Canoy.

  2. Lees alle reacties

Geef uw reactie

Om te kunnen reageren moet u ingelogd zijn. Heeft u nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.