
Mijn moeder is kortgeleden overleden. Haar lichaam was op, maar haar geest was nog helder en scherp. Ze was 92 jaar. En hoewel ze ’t wel graag wilde, was het nog een hele toer om te vertrekken.
Het begon al in het ziekenhuis. Mijn zus en ik werden op een zondagavond geroepen door een verpleegkundige voor een gesprek met de arts. Deze vertelde ons dat het afliep, maar dat het niet waarschijnlijk was dat het die nacht al zou gebeuren. Waarom wij daarvoor op een zondagavond naar het ziekenhuis moesten komen, werd ons niet duidelijk.
Een paar dagen later was mijn moeder er nog steeds. Ze baalde daar behoorlijk van en mopperde: “Je kan ook niet even oefenen, of iemand met ervaring vragen hoe je dat doet, dat doodgaan.” Ze vond het allemaal maar niks.
Verveling
In het ziekenhuis lukte het dus niet. Ze werd overgeplaatst naar een hospice. De eerste dagen ging ze er helemaal voor liggen. Nu zou het lukken. Maar na een kleine week meldde ze dat ze zich stierlijk verveelde en toch maar weer wat van die roddelblaadjes wilde hebben om te lezen. Ook de tv werd weer gebruikt, net als de rouge en het wenkbrauwenpotlood. Want ijdel bleef ze tot het einde.
Af en toe was er een moment waarop iedereen dacht: dit is het. Maar nee, ergens zat er te veel leven in mijn moeder. Ze ging zelfs weer met mijn zus in een rolstoel naar de stad om een beter passend vestje voor in bed te kopen. Met mijn andere zus ging ze nog naar een café waar ze een Beerenburgje bestelde.
Ruimte maken
En toen was ze vier maanden in het hospice. De tijd begon te dringen, want eigenlijk moet je binnen drie maanden dood zijn, of je moet het hospice verlaten. Maar waar moest ze heen? En hoewel we haar huurhuis moesten aanhouden omdat ze in een hospice lag, terug naar huis was geen optie.
Het CAK kwam met de oplossing. Hoewel nog steeds in een hospicebed, lag mijn moeder voortaan in een verpleeghuis met de bijbehorende eigen bijdrage van ruim 1800 euro. Omdat ze ook nog de huur en energiekosten van haar verplicht aangehouden huurhuis moest betalen, begon ze voortaan elke maand met een tekort van 179 euro. Tja, en ze had nog wel zo haar best gedaan om op tijd te vertrekken.
Door Lineke Verkooijen, werkzaam geweest als verpleegkundige, docent en lector. Ze is gepromoveerd op Ondersteuning Eigen Regievoering (OERmodel) en gespecialiseerd in het ‘anders organiseren’ van de langdurige zorg
