De recente bevindingen van de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) laten weinig ruimte voor twijfel: beleid rond open deuren is er genoeg, de uitvoering blijft achter. Die constatering raakt de kern van een hardnekkig probleem in de langdurige zorg. We weten wat we willen – meer vrijheid voor bewoners – maar het daadwerkelijk waarmaken blijkt weerbarstig.
Van gesloten naar open
Tien jaar geleden waren gesloten afdelingen de norm. Sindsdien is er beweging ontstaan richting meer openheid. Dat is winst. Tegelijkertijd laat de praktijk zien dat deze omslag nog niet is voltooid. Het vraagt meer dan goede intenties of beleidsdocumenten. En het vraagt om concrete keuzes in situaties die zelden zwart-wit zijn.
De spanning tussen individu en groep
De Wet zorg en dwang (Wzd) vertrekt vanuit het individu. Dat is logisch en nodig, want goede zorg vraagt maatwerk. Maar het dagelijks leven in een verpleeghuis of gehandicaptenzorginstelling is per definitie collectief. Daar schuurt het.
Een bewoner die vrij kan rondlopen, kan onbedoeld de rust van een ander verstoren. Vrijheid voor de één kan beperking voor de ander betekenen. Dit soort situaties zijn geen uitzondering, maar dagelijkse realiteit. Ze laten zien dat het vraagstuk van open deuren verder gaat dan wetgeving alleen.
Begrip
Bij Vilans zien we bij zorgorganisaties dat goede afwegingen begint bij begrijpen. Gedrag van bewoners is zelden willekeurig. Wie investeert in het doorgronden van dat gedrag, kan beter anticiperen. Dat vraagt om samenwerking tussen professionals en naasten.
Door samen te kijken naar wat iemand nodig heeft, zoals structuur, prikkels of juist rust, ontstaan er betere keuzes. Dan wordt het mogelijk om zowel het individuele belang als dat van de groep mee te wegen.
Het juiste moment
Toch komt er altijd een moment waarop twijfel moet plaatsmaken voor een besluit. Niet iedereen zal het eens zijn. Maar niets doen is ook een keuze, vaak de minst wenselijke.
Juist op die momenten is leiderschap nodig. Een behandelaren, verpleegkundigen of managers die knopen doorhakken en verantwoordelijkheid nemen. Dat biedt teams houvast. Het maakt ruimte om te leren: proberen, evalueren en bijstellen.
Vrijheid vraagt iets van de samenleving
Meer vrijheid betekent ook meer risico’s accepteren. Dat geldt binnen organisaties, maar net zo goed daarbuiten. De reflex om incidenten direct te veroordelen zit diep in onze samenleving. Dat maakt zorgprofessionals voorzichtig.
Open deuren gaan daarom niet alleen over zorgbeleid, maar over hoe wij als samenleving kijken naar veiligheid en kwaliteit van leven. Zonder breder begrip blijft de druk op professionals groot en verandert er weinig.
Durf te kiezen
Open deuren zijn geen utopie. Ze zijn haalbaar, maar alleen als organisaties durven kiezen en handelen. Niet door nog meer beleid te maken, maar door in de praktijk verantwoordelijkheid te nemen.
De echte vraag is niet óf het kan, maar of we bereid zijn de consequenties van die keuze te dragen.
Door Jeroen Schumacher, programmamanager zorg en dwang bij Vilans

