Hoe de Zweden wél kwaliteit meten

[Executive] Het lukt in Nederland nog niet erg om de uitkomsten van zorg inzichtelijk te maken. Daarin valt veel te leren van Zweden, Singapore en Engeland. Een van die lessen: reken af met het ‘not invented here syndrome’.
<p>Foto: EPA/Grzegorz Momot</p>
Foto: EPA/Grzegorz Momot

De kwaliteit van geleverde zorg is in Nederland nog grotendeels in nevelen gehuld. Andere landen slagen er veel beter in de uitkomsten van behandelingen vast te stellen. De Raad voor Volksgezondheid & Zorg heeft een achtergrondstudie laten verrichten naar goede buitenlandse voorbeelden. De onbetwiste kampioen is Zweden, blijkt uit een vergelijking van twaalf landen door de Boston Consulting Group. Het land loopt voorop in zowel de kwaliteit en benutting van uitkomstgegevens als in de daadwerkelijke resultaten. Overigens tegen lagere zorgkosten dan in Nederland.

Weinig uitkomstindicatoren

Nederland is in dit ranglijstje de hekkensluiter. Vooral de animo van zorgverleners voor uitkomstmeting en de kwaliteit van de gegevens zijn hier laag. Neem de indicatorenset voor heupprotheses die is ontwikkeld vanuit Zichtbare Zorg. Daarin is de enige uitkomstindicator ‘diepe wondinfecties’, een complicatie die in minder dan 1 procent van de gevallen optreedt en dus weinig zegt. Zweden heeft daarentegen meerdere verhelderende uitkomstindicatoren, zoals bestendigheid van het heupimplantaat na één, vijf en tien jaar en sterfte binnen negentig dagen.

Betrokkenheid zorgverleners

Het Zweedse succes is vooral te danken aan de grote betrokkenheid van zorgverleners. Zij hebben zelf registraties van uitkomsten opgezet en gebruiken die volop om de zorg te verbeteren. Hun engagement compenseert de zwakke punten in het Zweedse model. Er is geen centrale coördinatie, waardoor de kwaliteit van registraties kan verschillen. Doordat de registraties losstaan van de ziekenhuisinformatiesystemen moeten zorgverleners gegevens dubbel invoeren.

Centralisering

Dat is anders in Singapore en Engeland, de nummers twee en drie in kwaliteit en gebruik van uitkomstgegevens. Hier regelt de overheid de coördinatie, het toezicht en de standaardisatie. Beide landen zetten in op uniforme vastlegging van patiënt-, proces- en uitkomstgegevens in het ziekenhuis zelf (registratie aan de bron). Die tappen ze af voor een aantal grote kwaliteitsregistraties (Singapore) of directe analyse (Engeland). In Canada, nummer vier op de ranglijst, zijn er veel regionale en private registratie-initiatieven. Hierdoor is ‘indicatorchaos’ ontstaan. Ook daar vindt nu centralisering plaats, met een uniform elektronisch patiëntendossier.

Standaardisatie opleggen

De RVZ roept Nederland op de sterke punten van de vier koplopers te combineren. De Zweedse aanpak van onderaf moet samengaan met landelijk toezicht – bijvoorbeeld door het Kwaliteitsinstituut – op de samenhang en kwaliteit van indicatoren. Op sommige punten is een dwingende rol van de overheid nodig, name om standaardisatie en een gedeelde ict-infrastructuur te bereiken. Registratie aan de bron kan gebeuren in een persoonlijk gezondheidsdossier, aangezien betrokkenheid van patiënten een sterk punt is van Nederland.

Internationale indicatoren

Een cruciale les komt uit Singapore: dat land boekt succes door buitenlandse best practices na te volgen. Nederland zou internationale uitkomstmaten moeten overnemen, zodat vergelijking met andere landen mogelijk wordt. Zijn die indicatoren niet volmaakt, moet de neiging ‘opnieuw het wiel uit te willen vinden, onderdrukt worden’: ‘In plaats van iets geheel nieuws te bedenken is het veel beter om in internationaal verband te trachten de standaarden aan te passen of uit te breiden.’ Als internationale standaarden helemaal ontbreken, biedt Zweden nog altijd indicatoren voor 82 behandelingen. Kortom: ‘Nederland moet af van het not invented here syndrome.’


Lees het hele rapport in de bijlage.

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.