17 aug 2012

Nieuws

‘Doel VMS-veiligheidsprogramma is onhaalbaar’


De doelstelling om vermijdbare schade in ziekenhuizen binnen vijf jaar te halveren, is onhaalbaar. Dat stellen gezondheidswetenschapper en epidemioloog Marieke Zegers en internist Hub Wollersheim van het UMC St Radboud in het Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde.
‘Doel VMS-veiligheidsprogramma is onhaalbaar’

Het VMS-veiligheidsprogramma is in 2008 gestart om vermijdbare schade te halveren aan de hand van tien inhoudelijke thema’s. De artsen stellen in het tijdschrift dat het verbeteren van de patiëntveiligheid inderdaad hoog op de lijst staat van Nederlandse ziekenhuizen. ‘De vooruitgang in het verbeteren van veiligheid gaat wereldwijd echter frustrerend traag en de resultaten van verbeterprogramma’s zijn teleurstellend. Het breed implementeren van niet of niet goed geëvalueerde veiligheidsinterventies leidt tot verspilling van tijd en geld. Dat geldt ook voor het evalueren van grootschalige veiligheidsprogramma’s met zwakke onderzoeksdesigns en onbetrouwbare uitkomstmaten’, stellen Zegers en Wollersheim.

Gebreken veiligheidsprogramma

In het artikel gaan de artsen in op de gebreken van het veiligheidsprogramma. Ze stellen dat het vaak onduidelijk is of de genoemde interventies daadwerkelijk de veiligheid van patiënten verbeteren. ‘Zo berust het bewijs voor de werking van het spoedinterventiesysteem en voor medicatieverificatie bij opname en ontslag niet op gerandomiseerde studies, maar op zwakke onderzoeksdesigns zonder controlegroep. Onlangs is het toedienen van geactiveerd proteïne C als interventie uit het VMS-thema “Behandeling van ernstige sepsis” gehaald omdat uit recente studies blijkt dat er geen overlevingsvoordeel is na toediening.’ Daarbij komt dat het aantonen van effecten van veiligheidsinterventies ingewikkeld is. Hierdoor is de bewijsvoering zwak. De complexiteit ontstaat doordat veiligheidsinterventies uit meerdere onderdelen bestaan die gericht zijn op verschillende zorgniveaus.

Meetbaarheid resultaten

Verder is het lastig aan te tonen hoe effectief de interventies zijn op patiëntniveau. Doordat vermijdbare schade niet bij elke patiënt voorkomt, zijn grote aantallen patiënten nodig om statisch significante veranderingen te meten. Deze zijn in de dagelijkse praktijk niet altijd voor handen of maken het onderzoek onevenredig duur.

Draagvlak

Tot slot zien de artsen dat er niet genoeg draagvlak is voor het veiligheidsprogramma. Dit komt door de zwakke wetenschappelijke onderbouwing en de beperkt zichtbare vooruitgang van patiëntveiligheid. ‘Ook factoren als een te sterk opgelegde ‘top-down’-implementatie door de raad van bestuur, het invoeren van vele interventies tegelijk en een gebrek aan leiderschap en samenwerking tussen afdelingen belemmeren de implementatie.’
(Zorgvisie/ICT – Mark van Dorresteijn | Twitter )

door Mark van Dorresteijn 17 aug 2012