Minister heeft gelijk over hoogte Wmo-tarief’

De Regiegroep Wmo ontvangt verrassend weinig signalen over zaken die niet goed gaan in de uitvoering van de Wmo, vindt Jan Telgen, onafhankelijk expert van de regiegroep. ‘Het is niet voldoende voor zorgaanbieders om te roep-toeteren dat tarieven te laag zijn.’

Artikel bewaren

U heeft een account nodig om artikelen in uw profiel op te slaan

Login of Maak een account aan
Jan Telgen, onafhankelijk expert Regiegroep Wmo.
Foto: Universiteit Twente

Gemeenten hanteren te lage tarieven in de Wmo. Dat geluid geven vakbonden en werkgevers regelmatig af. Minister Hugo de Jonge van VWS schetst in antwoorden op Kamervragen een heel ander beeld. Het valt juist reuze mee en het is te voorbarig om conclusies te trekken. De minister baseert zich op de cijfers van de Regiegroep Wmo, een gremium waar zorgaanbieders en gemeenten problemen in de uitvoering van de Wmo kunnen aankaarten. In de Regiegroep Wmo zitten de vakbonden FNV en CNV, de werkgeversorganisaties ActiZ en BTN, de Vereniging Nederlandse Gemeenten en de directeuren sociaal domein.

Weinig klachten bij Regiegroep Wmo

4
2544

Wilt u dit premium artikel verder lezen?

Sluit eenvoudig een proefmaand af en lees al onze premium artikelen.

Bent u al abonnee? Log dan in en lees verder.

4 REACTIES

  1. Lees alle reacties
  2. Ofwel onderbouw het tarief en maak ze openbaar, per gemeente. Dan weten we het. Daarnaast de wachttijd. Hoorde gister in de Monitor dat voor medisch noodzakelijke begeleiding bij eten van een dementerende de aanvraagtijd 8 weken bedroeg (n=1). Over ” administratieve belemmeringen” gesproken.. (Thema was ondervoeding, tsja..)

  3. Opmerkelijk interview met een onafhankelijk deskundige. Die overigens – in tegenstelling tot de kop – niets zegt over de hoogte van het tarief maar over het proces dat gemeenten doorlopen om tot dat tarief te komen. Ook doet BTN geen uitspraken over een minimum tarief maar over de overal in nederland en voor iedereen geldende Cao VVT. Als je dan de gezamenlijke rekentool neemt en de geldende cao ( hv) schalen doorvoert, kom je ook – al zet je andere variabelen op nul – tot een hoger tarief dan nu door gemeenten waordt gehanteerd. Kortom: wij noemen geen minimum tarief maar stellen vast dat tarieven niet kunnen bij de huidige algmeen verbindend verklaarde Cao. Opmerkelijk dat Dhr. Telgen dat niet noemt. Overigens is ook fact finding ook hier blijkbaar noodzakelijk: kijk even wat het nza- tarief is ( overal in het land) en wat het tarief was in 2013, 2014 en dan wat het werd na de decentralisatie in 2015, 2016, 2017, 2018. Ik weet zeker dat dhr Telgen daar een mooie grafiek van kan maken. En als je in die grafiek ook de lijn laat zien van de kostenontwikkeling, waaronder Cao, inflatie index consumentengoederen etc, en dan krijg je een verhelderend plaatje. En een dergelijk overzicht kun je al zien op http://www.reeleprijzenwijzer.nl
    Tot slot: het kaartje van BTN is een weergave van hie aanbieders het tarief ervaren: te laag, net dekkend of goed. Er is een opmerkelijk verband tussen aanbieders met te lage gemeentelijk tarieven en faillissementen.

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet u ingelogd zijn. Heeft u nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.