Exclusief toegankelijk Registreer voor toegang tot Zorgvisie.nl Lees meer

Zorg uit vertrouwen in landelijke infrastructuur

De zorg heeft zich afgelopen vrijdag verbonden aan de voortzetting van de landelijke zorginfrastructuur (LSP). Dit is de uitwisseling van medische gegevens tussen zorgverleners. In dit artikel vertellen de partijen meer over ambities en concrete afspraken.
Zorg uit vertrouwen in landelijke infrastructuur

Willem Regout van de Vereniging van Zorgaanbieders voor Zorgcommunicatie (VZVZ) legt uit dat de koepels beloofd hebben zich in te zetten voor de uitwisseling van patiëntgegevens via een landelijke infrastructuur. ‘De plannen zijn opgesteld tot 2016. Aan het einde moet ook zichtbaar zijn dat het aantal aansluitingen en dossierraadplegingen zijn gestegen. Deze ambities zullen we jaarlijks toetsen.’ Wat betreft aansluitingen zien de ambities er als volgt uit:



In de tabel moet het onderdeel ziekenhuizen los gezien worden van de eerste lijn. Reden hiervoor is dat ziekenhuizen pas net beginnen met de invoering. De ggz wordt niet genoemd in de grafiek. ‘Er is wel behoefte aan gegevensuitwisseling, maar in deze sector staan ze nog echt aan het begin van de invoering’, licht Regout toe.

Zorgverzekeraars

De kosten voor de komende drie jaar bedragen 75 miljoen euro. Deze kosten worden betaald door de zorgverzekeraars, deelt Elske Hijlkema, woordvoerder Zorgverzekeraars Nederland. ‘Wij monitoren het businessplan en gaan over tot betaling als de doelstellingen behaald zijn. Zie het als een stok achter de deur. Daarnaast ondersteunen we zorgaanbieders met de communicatie en informeren verzekerden.’

Huisartsen

Het aantal aansluitingen onder huisartsen is al behoorlijk hoog. ‘Het veld heeft ook behoefte aan een goede infrastructuur’, stelt Paul Habets, vicevoorzitter Landelijke Huisartsenvereniging. ‘Het convenant betekent voor ons dat de infrastructuur goed ingericht gaat worden. Met name op het gebied van actuele medicatiegegevens en dat huisartsenposten in geval van nood beschikking hebben over patiëntgegevens.’ Habets is van mening dat huisartsen niet verplicht moeten worden tot aansluiting. Hij legt uit dat huisartsen die graag snel vooruit willen, dat moeten kunnen. Maar de huisartsen die liever de kat uit de boom kijken, moeten ook de kans krijgen om te zien dat het echt werkt. ‘Verplicht stellen werkt niet, daar zit een geurtje aan dat het blijkbaar niet goed is’, meent Habets. ‘Met de financiële steun van zorgverzekeraars en continue verbeteringen aan het systeem door het zorgservicecentrum, is er grote kans dat de ambities waargemaakt worden. Huisartsen hebben allemaal een spoedlijn en fax, daar komt straks deze infrastructuur bij.’

Apothekers

Ook de KNMP gaat hun leden infomeren en enthousiasmeren, vertelt Tosca Noorlander, beleidsadviseur ict bij apothekersorganisatie KNMP. ‘De eerste stap is gezet met het nieuwsbericht en we gaan nu bij gelegenheden de mogelijkheden van het LSP onder de aandacht brengen. We verwachten dat deze infrastructuur een waardige opvolger wordt van het OZIS, het uitwisselingssysteem dat tot op heden is gebruikt.’ Noorlander verwacht dat de ambitie voor apothekers gehaald gaat worden. ‘Voordat de Eerste Kamer het EPD afkeurde, waren apothekers eigenlijk allemaal al aangesloten. In de periode daarna is er onduidelijkheid ontstaan over de toekomst van het LSP en de vergoeding voor de apotheek. Met de financiering door zorgverzekeraars en afspraken en ambities die zijn opgesteld, verwachten we dat de infrastructuur een succes wordt.’

Ziekenhuizen

Het sluiten van het convenant heeft voor ziekenhuizen twee belangrijke obstakels weggenomen, legt Dony Potasse, woordvoerder Nederlandse Vereniging van Ziekenhuizen (NVZ) uit. Ten eerste de beoogde toename van het aantal aangesloten huisartsen en apothekers. ‘Dit motiveert ziekenhuizen om zich ook aan te sluiten. Daarnaast nemen de zorgverzekeraars de belangrijke taak op zich om een groot deel van het project te financieren. Met dit breed gedragen initiatief hoopt de NVZ op een succesvol systeem en veilige uitwisseling van gegevens. Dit systeem is belangrijk om de kwaliteit en veiligheid van zorgprocessen – en dus de patiëntveiligheid - te verbeteren.' De NVZ zal zich vooral bezigen met het informeren en motiveren van ziekenhuizen. ‘Het blijven zelfstandige individuele partijen die wij niet kunnen dwingen. Onze taak is uit te leggen waarom aansluiting belangrijk is.’

Patiënten

Marcel Heldoorn, beleidsmedewerker e-health bij de NPCF, legt uit dat er in samenspraak met de VZVZ toestemmingsfolders zijn gemaakt om patiënten te informeren. Daarnaast komt er een laagdrempelige folder in de wachtkamers over het nut van de uitwisseling. ‘Wij willen patiënten wijzen op het belang van informatie-uitwisseling. Zij moeten vervolgens zelf een keuze maken of zij hier toestemming voor geven’, vertelt Heldoorn. ‘Het is in ieder geval goed dat er een nieuwe infrastructuur ligt. Met het verouderde en onveilige OZIS moeten we niet meer willen werken. Deze infrastructuur gaat er ook per 1 juli 2014 definitief uit.’ Voordeel van het convenant is volgens Heldoorn ook dat alle partijen nu op één lijn staan en weten waar zij aan toe zijn. ‘Daarvoor waren er veel afwachtende reacties. Iedereen wachtte tot de andere partij een stap zou zetten. Door de krachten te bundelen en samen te werken kunnen we veel verder komen. Dat betekent ook meer duidelijkheid voor de patiënt. Het is nu bijvoorbeeld helder dat zij bij het VZVZ terecht kunnen voor klachten, of anders bij hun zorgverlener.’
Verder in de toekomst krijgen patiënten toegang tot een portaal waarop zij kunnen aangeven welke data zij met wie willen delen. Ook wordt daar duidelijk wie het dossier heeft bekeken. ‘Deze portal komt in 2013’, stelt Heldoorn. ‘Tegelijkertijd werken we ook aan een interface waarmee e-healthtoepassingen en persoonlijke gezondheidsdossiers aangesloten kunnen worden op de infrastructuur. Zo kunnen patiënten hun eigen gegevens makkelijk delen met de zorgverleners. Wij willen dit al jaren, zorgverzekeraars steunen ook steeds meer e-healthprojecten. Kortom de betrokkenheid neemt steeds verder toe en we verwachten er veel van.’
(Zorgvisie/ICT – Mark van Dorresteijn | Twitter | Foto: ANP Koen Suyk)

Lees meer:

Nieuwsbrief VZVZ over de infrastructuur (PDF). Daarin ook apotheker Jacob Hulst van Mediq Apotheek Barentsen. Hij vertelt over zijn ervaringen met de toestemmingsvraag (opt-in) in de praktijk.

Foto

  • Zorg uit vertrouwen in landelijke infrastructuur
  • Zorg uit vertrouwen in landelijke infrastructuur

4 reacties

  • no-profile-image

    MItrasing, huisarts

    "Het aantal aansluitingen onder huisartsen is al behoorlijk hoog."
    Door intrinsiek ethische motivatie of door een simpel subsidiepotje die huisartsen inden? Lijkt me een onderzoek waard.

  • no-profile-image

    Kaspar Mengelberg

    Het is onjuist dat 'de zorg' vertrouwen heeft in het EPD-in- nieuwe-kleren. Dit is en blijft onveilig, zoals ook door de Eerste Kamer in 2011 is vastgesteld. Veel artsen zijn dan ook tegen. Het is te hopen dat het publiek ongevoelig zal zijn voor het te openen propagandaoffensief.

  • no-profile-image

    adje rem

    Leuk is hier te zien dat tandartsen weer op de lijst schitteren door afwezigheid .. geheel conform de volksgedachte dat het toch alleen maar trekkers en boorders zijn .

  • no-profile-image

    marc comuth

    Is de situatie voor de care (verzorging en verpleging) ook in kaart gebracht?

Of registreer u om te kunnen reageren.

Zorgvisie is een uitgave van Bohn Stafleu van Loghum, onderdeel van Springer Media B.V.
Voorwaarden