Kleine ic’s blokkeren nieuwe IC-richtlijn

[Weekoverzicht] Intensivisten uit kleine en grote IC’s zijn al vijf jaar verwikkeld in een loopgravenconflict. Een analyse aan de hand van zeven vragen.
Kleine ic’s blokkeren nieuwe IC-richtlijn
Foto: ANP

Waarom duurt het zo lang?

De intensivisten komen er niet uit door een hoog opgelopen belangenconflict tussen kleine en grote IC’s. Struikelblokken zijn de 24/7-bezetting en de overdracht van complexe patiënten van een kleine IC aan een grote IC met meer personeel en betere apparatuur. Invoering van de conceptrichtlijn kan leiden tot sluiting van de helft van de kleine IC’s. Het wantrouwen over en weer lijkt groot. De kleine IC’s verdenken de grote IC’s ervan alleen maar extra patiënten te willen aftroggelen, terwijl de grote IC’s vinden dat sommige patiënten niet goed af zijn op de kleine IC’s.

Hoe kan het dat het conflict zo hoog is opgelopen?

In 2008 hebben enkele intensivisten van naam op tv gezegd dat kleine IC’s de deuren beter kunnen sluiten. Als dezelfde gezichten vervolgens opduiken in de richtlijncommissie, dan leidt dat tot wantrouwen. De intensivisten uit de kleine IC’s voelen zich niet serieus genomen. Ze vinden dat er onvoldoende geluisterd wordt naar hun belangen. Ze beschouwen zichzelf als vakmensen en willen niet aan het handje lopen van de grote jongens. Naar verluidt zijn ze vorig jaar bijna uit de Nederlandse Vereniging van Intensivisten (NVIC) gestapt.

Zijn kleine IC’s veilig?

Uit recent onderzoek blijkt dat de sterfte op kleine IC’s niet hoger is dan op grote IC’s. Het werk dat ze doen, doen ze kennelijk goed. De Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ) is echter kritisch over de kwaliteit op kleine IC’s. Ze houden zich onvoldoende aan de richtlijn, beademen patiënten te lang en een deel van de kleine IC’s heeft te lang geen visitatie gehad.

Waarom moet er een nieuwe richtlijn komen?

De gedachte is dat deze de patiëntenzorg beter maakt door een betere bezetting en door concentratie van complexe patiënten op grote IC’s. Overtuigend wetenschappelijk bewijs bestaat daarvoor nog niet. Maar de redenering van de intensivisten op grote IC’s klinkt wel logisch. In grote IC’s corrigeren de medisch specialisten elkaar voor blinde vlekken. Een intensivist in een kleine IC ziet nog maar weinig complexe patiënten, waardoor die ervaring mist die in grote teams wel voorhanden is.

Gaat de nieuwe richtlijn er komen?

Dat wordt beslist op de vergadering van de NVIC eind april. De intensivisten van de kleine IC’s hebben een meerderheid en kunnen ieder voorstel tegenhouden dat in hun ogen te ver gaat. Daarom heeft de richtlijncommissie een geplande bijeenkomst eind maart uitgesteld. Mocht er nu wel een meerderheid zijn voor de nieuwe richtlijn, dan moeten ook de wetenschappelijke verenigingen van anesthesisten en internisten nog hun fiat geven. Zij zijn de opdrachtgevers voor de nieuwe richtlijn, want de NVIC is formeel geen wetenschappelijke vereniging. Ook de belangen van de anesthesisten en internisten in kleine ziekenhuizen zijn in het geding. Ook zij kunnen er voor gaan liggen als een voorstel te ver gaat. Dat zijn machtige partijen in ziekenhuizen. Daarom is het ook onwaarschijnlijk dat er een nieuwe richtlijn komt die leidt tot sluiting van IC’s.

Wat als de intensivisten er niet uitkomen?

Als intensivisten er onderling niet uitkomen om goede IC-zorg te definiëren, zet dat de deur open voor zorgverzekeraars om maatregelen te nemen. Daarnaast heeft het Kwaliteitsinstituut al aangekondigd de regie over te nemen.

Wat kan het Kwaliteitsinstituut doen?

Het Kwaliteitsinstituut zal experts bij elkaar roepen, net als de intensivisten dat nu zelf doen. Het zal vooral zoeken naar intensivisten die veel respect genieten in beide kampen; experts die boven de partijen staan en het vertrouwen kunnen herstellen. Dat kan door bijvoorbeeld alternatieven te vinden die niet tot sluiting van kleine IC’s leiden, zoals meer samenwerking. In sommige regio’s wisselen kleine en grote IC’s al personeel uit. Als dat niet lukt met binnenlandse deskundigen, worden buitenlandse specialisten ingevlogen. Het Kwaliteitsinstituut heeft doorzettingsmacht en kan uiteindelijk een richtlijn opleggen. Op dat scenario zitten de Nederlandse intensivisten niet te wachten, want dat is hun eer te na. De druk is dus groot om eind april, op de eerstvolgende bijeenkomst van de NVIC, met witte rook te komen.

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet je ingelogd zijn. Heb je nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.