Minister wil knelpunten aanpakken voor toekomstbestendige pgb

De pgb-zorg heeft nog wel wat slagen te maken, zo blijkt uit vier rapporten die minister De Jonge (VWS) naar de Tweede Kamer heeft gestuurd. VWS neemt de uitkomsten van de rapporten mee in een verkenning die zij komende maanden houdt naar de benodigde voorwaarden voor het verbeteren van de pgb-zorg.
pgb-knelpunten

Minister De Jonge (VWS) heeft vier rapporten over het pgb naar de Tweede Kamer gestuurd. De vier rapporten betreffen een onderzoek naar regie en vertegenwoordiging bij het pgb-beheer, een cliëntenraadpleging bij het Zvw-pgb, een evaluatie van de trialbijeenkomst praktijkteam Zvw-pgb, en de eindrapportage van Ketenregie. In de rapporten worden aanbevelingen gedaan over de aanpak van ervaren knelpunten. Onder meer rondom de positie van kwetsbare budgethouders bij pgb-beheer, maar ook knelpunten bij indicatiestelling, tarieven en tekortschietende communicatie met instanties vragen de nodige aandacht. De uitkomsten van de rapporten vormen input voor een verkenning die VWS de komende maanden met alle betrokken partijen – zoals ketenpartijen, zorgverzekeraars, de SVB en cliëntenorganisaties – houdt om de pgb-zorg te verbeteren en toekomstbestendig te maken.

Eindverantwoordelijk

Uit de rapporten ontstaat een beeld dat aan de positie van cliënten-budgethouders nog het nodige te verbeteren valt. Niet elke pgb-budgethouder of diens vertegenwoordiger blijkt daadwerkelijk in staat om de verantwoordelijkheden te dragen die horen bij het budgetbeheer. Problemen met het beheer van het pgb kunnen kwalijke financiële gevolgen hebben voor de budgethouder, aangezien hij of zij eindverantwoordelijk is. Gepleit wordt voor heldere afspraken vooraf, zodat duidelijk is wie de pgb-verstrekker moet aanspreken bij problemen: de budgethouder of diens vertegenwoordiger. De minister geeft aan dat dit een punt van aandacht moet zijn om het pgb toekomstbestendiger te maken.

Te veel macht

Indicatiestellingen, tarieven en communicatie met pgb-budgethouders leveren eveneens de nodige knelpunten op. Cliënten geven aan dat ze vinden dat zorgverzekeraars te veel macht hebben bij indicatiestelling; verpleegkundigen die de indicatie stellen zwichten in de praktijk voor de druk van een zorgverzekeraar als deze de indicatie in uren en zorg naar beneden bijstelt.

Flexibel

Een ander knelpunt is gebrek aan flexibiliteit bij de inzet van de middelen. Cliënten geven aan dat zorgverzekeraars in de praktijk nauwelijks tot geen ruimte geven om over de weken heen te schuiven met uren en zorg, ook niet als het totale aantal uren gemiddeld gelijk blijft. Aan flexibiliteit blijkt veel behoefte te zijn.

Meer respect

Communicatie vanuit de SVB en zorgverzekeraars is eveneens een punt van aandacht. Cliënten zijn vaak onvoldoende op de hoogte van het maximumtarief dat gedeclareerd mag worden. Ook horen zij niet altijd óf en waarom een declaratie wordt afgewezen. Verder vindt een kwart van de budgethouders dat hun zorgverleners te laat betaald krijgen door de SVB.

Tot slot geven budgethouders aan dat de bejegening door betrokken instanties niet altijd even respectvol is; zij voelen zich soms meer behandeld als een potentiële fraudeur dan als een zorgvrager.

1 REACTIE

  1. Dus het probleem is niet PGB. Maar het zorgkantoor en het indicatiekantoor. Als ik het goed heb vallen die direct onder het ministerie! Kijk ook eens naar ZIN. Hoe zit het daar? Hoe is daar de kwaliteit van de zorg? Of vergeten we dat gemakshalve. Praten we alleen maar over PGB (Lees=geld en kosten) en verantwoordelijkheden. En niet naar geleverde zorg en de kwaliteit daarvan? En doe eens een klant tevredenheid onderzoek. Waar is men meer tevreden over PGB of ZIN?

Geef je reactie

Om te kunnen reageren moet u ingelogd zijn. Heeft u nog geen account, maak dan hieronder een account aan. Lees ook de spelregels.