Kwaliteit

Kwaliteit

Keuzenkamp: ‘Laat zorgverzekeraars kwaliteitsregistraties financieren’

De financiering van kwaliteitsregistraties kan het beste via Zorgverzekeraars Nederland lopen. Dat adviseert kwartiermaker Hugo Keuzenkamp over de governance van kwaliteitsregistraties.
Kwaliteit

Blog: Msb’s worden kartrekkers van regionale samenwerking

Grote kwaliteitsslagen komen niet meer uit het enkele ziekenhuis maar uit een nieuwe ordening van activiteiten binnen het bestaande ziekenhuislandschap. Medisch specialisten hebben volgens Wink de Boer het primaat op kwaliteit. Het ligt daarom voor de hand dat de msb’s en coöperaties de kartrekkers worden van netwerkzorg.
Ziekenhuiszorg

Blog: Medisch specialist in loondienst; een verkeerde politieke emotie

Organisatieadviseur Boldewijn Noordveld vraagt zich af waarom de vraag over dienstverband van medisch specialisten telkens weer terugkomt. ‘Juist de MSB’s hebben bijgedragen aan een goede verdeling van de ‘macht‘ binnen ziekenhuizen.’

Over kwaliteit

Kwaliteit in verschillende zorgsectoren

Overal in de zorg is men druk bezig met het verbeteren van kwaliteit. Zo proberen ziekenhuisbestuurders in hun kwaliteitsbeleid meer gegevens te verzamelen over de uitkomsten van de behandelingen. Zorgverzekeraars gebruiken kwaliteitsgegevens bij de zorginkoop.

Lees meer

Ziekenhuizen

Ziekenhuizen proberen in hun kwaliteitsbeleid meer gegevens te verzamelen over de uitkomsten van hun behandelingen. Zij gebruiken hiervoor uitkomstindicatoren.

Kwaliteitsbeleid

DICA, het Dutch Institute for Clinial Auditing ‘maakt de kwaliteit van zorg inzichtelijk met betrouwbare vergelijkingen en analyses’. Het instituut is opgericht in 2009 en begon met hoofdzakelijk registraties voor verschillende kankersoorten. Inmiddels zijn er 21 registraties voor meerdere disciplines en diverse aandoeningen. Ziekenhuizen krijgen inzicht in het succes en de kosten van behandelingen en kunnen hun zorg direct aanpassen. DICA is een samenwerkingsverband van specialisten, patiënten en zorgverzekeraars. DICA meet feedback van patiënten met Patient Reported Outcome Measures (PROMs) en Patient Reported Experience Measures (PREMs). Eerst moesten ziekenhuizen hun registraties zelf betalen, maar in 2017 nemen de zorgverzekeraars de bekostiging over. De registraties hebben al geleid tot opvallende successen: zo daalde de sterfte na darmkanker van 6 naar 2 procent en liep de peri-operatieve sterfte bij alvleesklierkanker terug van 5 naar 4 procent.

Een ander initiatief is Meetbaar Beter. Dit is een programma van aangesloten hartcentra dat werkt aan de verbetering van de kwaliteit en transparantie van hartzorg. Meetbaar Beter gebruikt daarvoor ‘patiëntrelevante’ uitkomstindicatoren. Er doen veertien hartcentra mee en vijf interventiecentra. Zij passen de gegevens toe in hun kwaliteitsbeleid.

Kwaliteit meten in de vvt

Sinds de verschijning van de zwarte lijst met verpleeghuizen is er veel te doen over de kwaliteit van verpleeghuizen. Voor de verbetering hiervan heeft staatssecretaris Martin van Rijn 435 miljoen euro uitgetrokken. Maar hoe meet je kwaliteit van verpleeghuiszorg? Het kwaliteitskader verpleeghuiszorg moet hierbij helpen. Hiermee zijn zorgaanbieders verplicht om kwaliteitsinformatie over het functioneren van hun instelling aan te leveren. Het kwaliteitskader bevat geen harde bezettingsnorm. In het kader staat dat er voldoende personeel moet zijn met de juiste kennis en kunde. Dat zou, afhankelijk ook van de zorgbehoefte, een op acht maar ook twee op acht bewoners kunnen zijn. De basis van de kwaliteitsstandaard is het leveren van maatwerk en van elkaar leren.

Kwaliteit meten in de ggz

Het gebruik van Routine Outcome Measurement-vragenlijsten (ROM) biedt behandelaren en patiënten informatie over de effectiviteit van behandeling.

Zorginstituut Nederland

Het Zorginstituut stelt standaarden vast voor de kwaliteit van zorg. Jan Kremer is voorzitter van de Kwaliteitsraad van het Zorginstituut. Op de meerjarenagenda zet het instituut een overzicht van kwaliteitsstandaarden, informatiestandaarden en meetinstrumenten die voorrang hebben. Dit zijn zorgvormen en aandoeningen waarmee veel mensen te maken hebben, of onderwerpen die zorgprofessionals zelf urgent vinden. In eerste instantie moeten zorgpartijen zelf door goed samen te werken een kwaliteitsstandaard ontwikkelen. Lukt dat niet, dan kan het Zorginstituut zijn doorzettingsmacht gebruiken en zelf de standaard vaststellen. Dat gebeurde bij de zorgstandaard geboortezorg waar het overleg over de zorgstandaard na twee en een half jaar onderhandelen, klapte. Het Zorginstituut zette ook door bij de zorgstandaard intensive care en bij het kwaliteitskader verpleeghuiszorg.